Streng maar onrechtvaardig – nieuw jaarboek Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken

De bijstand gewogen

In 1965 werd de Algemene Bijstandswet ingevoerd. Volgens verantwoordelijk minister Marga Klompé was dat een radicale verandering van ‘genade naar recht’ voor mensen die niet zelf hun inkomen konden verdienen. De bijstand zou die mensen waardig en rechtvaardig behandelen. De bijstand moest genoeg zijn voor ‘een bloemetje op tafel’.

In dit boek vragen bijstandsonderzoekers zich af of hoe rechtvaardig de bijstand ruim vijftig jaar later is. Worden mensen in de bijstand rechtvaardig behandeld? Ervaren bijstandsgerechtigden de bijstand nog steeds als een recht? Hoe beleven zij de tegenprestatie en de ‘activering’? En hoe kijken uitvoerende klantmanagers hier tegenaan?

Streng maar onrechtvaardig is een fascinerende zoektocht naar de fundamenten van een rechtvaardige bijstand én een inspirerend boek van een groep vooraanstaande wetenschappers.

De samenstelling van Streng maar onrechtvaardig was in handen van Thomas Kampen, Melissa Sebrechts en Evelien Tonkens, alle drie verbonden aan de Universiteit van Humanistiek in Utrecht, en Trudie Knijn, emeritus hoogleraar Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen aan de Universiteit Utrecht. Bijdragen leverden onder meer Paul de Beer, Anja Eleveld, Monique Kremer, Wim van Oorschot en Margo Trappenburg.

Streng maar onrechtvaardig verschijnt als jaarboek bij het Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken

Prijs: € 19,90. Bestellen kan hier.

Dit artikel is 1373 keer bekeken.

Reacties op dit artikel (4)

  1. Beste lezer,

    Een korte reactie op het gepresenteerde artikel. Zelf ben ik werkzaam op het gebied van maatschappelijke zaken.
    In grote lijnen kan ik mij wel vinden in de geuite kritiek op de Participatiewet, en de uitvoering van die wet, maar zij is naar mijn idee niet fundamenteel genoeg. Het mensbeeld is niet in orde, ja, maar het zit diep. Wat te zeggen van een woord als ‘klantmanager’, gebruikt in het artikel. Of ‘claimbeoordelaar’. Het is een vors repressief systeem, dat met juridische middelen overeind wordt gehouden. Ik heb het vaak meegemaakt dat uitermate trieste voorvallen niet op de juiste manier worden aangepakt, maar met juridische middelen zeer in het nadeel van de ‘klant’ – ook al zo’n woord – uitvallen, die er uiteindelijk helemaal niets aan kan doen. En de sociale advocatuur kan daar, als zij het zou willen, geen vinger achter krijgen. Mensen die dingen niet snappen stappen niet naar een advocaat. Het zijn niet zelden mensen die toch al verongelijkt zijn, die naar een advocaat stappen. Het merkwaardige is dat dit repressieve systeem van gedwongen participatie binnen maatschappelijke zaken bestaat naast een toch mildere benadering van mensen op het terrein van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke zaken. Het gaat vaak om dezelfde ‘klanten’, die op geheel verschillende wijze benaderd kunnen worden. De tendens naar meer overheid, zoals ik in het artikel bespeur, lijkt me ook geen oplossing. Je zult de oplossing, hoe moeilijk in onze samenleving ook, toch meer moeten zoeken in het maatschappelijke midden, de assertieve burger die met andere burgers de handen ineen slaat. Dan is er wel een lange weg te gaan.

  2. Ik ben zeer geinteresseerd als betrokken burger in dit artikel. De drempel om het aan te schaffen, ligt best hoog (19 euro). Het is een belangrijk onderwerp en ik zou willen pleiten voor een goedkopere versie (evt. samenvatting) om dit meer te verspreiden en meer mensen kennis te kunnen laten nemen van dit artikel.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *