Dossier

Betere schuldenhulp

Het aantal Nederlanders dat leeft met schulden groeit hard. In 2015 hadden tussen de 1 en 1,5 miljoen huishoudens risicovolle of problematische schulden, dat is ruim 15 procent van alle huishoudens. Daarnaast zaten er bijna 200.000 huishoudens in een schuldhulpverleningstraject (2,5 procent van alle huishoudens). Sinds in 2012 de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening is ingevoerd hebben gemeenten de verplichting inwoners met schulden te helpen. Hoe moeten zij met deze nieuwe verantwoordelijkheid omgaan?

In dit dossier kijken we naar: hoe komen mensen in de schulden? Hoe help je mensen uit de schulden? Hoe voorkom je dat mensen in de schulden komen? Welke stappen kunnen er genomen worden om de schuldenproblematiek te verlichten?

  • Stichting Eropaf! ontwierp een methode om mensen in de schulden te helpen de regie over hun financiën terug te krijgen. Catelijne Akkermans doet verslag van een Pilot met deze methode in Harderwijk.
  • Een interview van Martin Zuithof met Roel in ’t Veld over zijn onderzoek naar de snelle groei van problematische schulden in opdracht van SZW. Uit In ’t Velds voorstudie blijkt onder andere dat de overheid met het toeslagensysteem zelf een voorname veroorzaker van schulden is.
  • Annet Den Hoed en José Manshanden bespreken het advies van het RVS over hoe vermeden kan worden dat kleine schulden snel groeien.
  • Roeland van Geuns en Mirre Stallen betogen dat het systeem van armoedevoorzieningen versimpeld moet.
  • Ria Langereis en Jeanette Schouten bespreken de nieuwe aanpak van de gemeente Amsterdam die vroegtijdig mensen in de bijstand met een problematische schuld, of risico daarop, uitnodigt voor een gesprek.
  • Roeland van Geuns betoogt dat in het voorkomen van het exorbitant laten oplopen van schulden een belangrijke rol is weggelegd voor de
  • Tamara Madern en Anna van der Schors stellen dat kinderen vaak slecht voorbereid zijn op schulden. Ouders zouden meer moeten doen om hun kinderen te leren omgaan met schulden, bijvoorbeeld door kostgeld te vragen of proefleningen te verstrekken.
  • Christine Kuiper beargumenteert dat mensen in de schuld hier niet alleen voor verantwoordelijk zijn. Schulden ontstaan vaak uit een onverwachte gebeurtenis (bv verlies van een baan of echtscheiding). Het langzame opstarten van voorzieningen zorgt ervoor dat velen financieel nog verder achterop raken.
  • Marc Räkers vindt dat er een andere visie op schuldhulp nodig is. Het huidige beleid van bestraffen en dwingen moet veranderen in een beleid dat ondersteunt, emancipeert en versterkt.
  • Een interview van Martin Zuithof met Pieter Hilhorst over het oprichten van het Goede Gieren-fonds. Het idee achter het fonds is dat in sommige situaties schulden opkopen de samenleving uiteindelijk minder kost en het helpt om mensen in de schuld weer initiatief te laten nemen.
  • Sanne Rumping stelt dat de samenwerking tussen professionals en vrijwilligers in de schuldhulpverlening slecht loopt, ze werken langs elkaar heen zonder duidelijke taakverdeling. De rol van de vrijwilliger zou duidelijker moeten worden uitgelegd aan de cliënt.
  • Een interview van Catelijne Akkermans met Marcel Canoy over de Nederlandse schuldenaanpak. Hij stelt dat er ons systeem tegenstrijdigheid is omdat het systeem van lenen erg ruimhartig is, maar als iemand zijn betalingsverplichtingen niet kan nakomen dan huldigen we het principe ‘wie zijn billen brandt, moet op de blaren zitten’.
  • Stijn Verhagen, Lilian Linders en Marcel Ham bespreken aan de hand van hun boek Verlossing van schuld en boete twee cruciale problemen van de huidige schuldhulpverlening. De miskenning van de sociale element van schulden en het ontbreken van de mogelijkheid om als persoon failliet te gaan en opnieuw te beginnen zonder schuld.
  • Marc Räkers analyseert stelt dat er sinds de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen in 1998 sprake is van doorgedraaide verjuridisering en vertechnocratisering van de materiële hulp- en dienstverlening. Hij meent dat de overheid de sociale hulpverlening (onder zorg en welzijn) en de materiële hulpverlening (onder sociale zaken) van elkaar 'weg' heeft georganiseerd.
  • Joke de Kock geeft kritiek op het bovenstaande artikel van Marc Räkers. Ze betwijfelt of het inrichten van een nieuwe laag hulpverleners meerwaarde heeft. Ze herkent net als Räkers het gevaar van versnippering maar denkt dat de oplossing niet in de wijk maar van bovenaf moet komen.
  • In twee artikelen kijkt Nadja Jungmann naar de effecten van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. In haar eerste artikel bespreekt ze de paradigmashift binnen de schuldenhulpverlening van ‘iedereen schuldenvrij’ naar ‘financiële stabiliteit’ voor huishoudens. In haar tweede artikel gaat Jungmann in op de huidige context: toenemende schuldenproblematiek en de verharding van de incassopraktijk.