Mensen met langdurige psychische problemen hoeven niet werkloos te blijven

Meer dan 80 procent van de mensen met langdurige psychische problemen heeft geen betaald werk. Dit terwijl de meerderheid van deze groep wel wil werken. En dat kan ook, als we afscheid nemen van het huidige re-integratiemodel – eerst trainen dan plaatsen- en de omgekeerde volgorde van het IPS-model toepassen: eerst plaatsen, dan trainen.

Mensen met langdurige psychische klachten zoals psychosen of ernstige depressie, ondervinden grote problemen in hun dagelijks functioneren. Daarvoor ontvangen ze vaak een ggz-behandeling en begeleiding. Kenmerkend voor de groep is dat ze vaak is aangewezen op een minimumuitkering. Ondanks de Participatiewet en de WMO zijn de sociale inclusie en de kansen op werk voor mensen met een arbeidsbeperking niet verbeterd.

Barrières slechten

Mensen met langdurige psychische problemen die werk zoeken, stuiten op veel barrières. Enerzijds is er een gebrek aan ervaring, vertrouwen en vaardigheden. Anderzijds zijn er de eisen van de arbeidsmarkt: het van werknemers verwachte rendement, de kwaliteit van de beschikbare banen, en het stigma op psychische aandoeningen.

In de ggz is er vaak weinig aandacht voor arbeidsproblemen. Sterker nog, behandelaren remmen hun cliënten soms zelfs af om te gaan werken. De angst van de professionals is dat de psychische problemen tijdens het werk weer toenemen, terwijl we weten dat vaak het omgekeerde het geval is. Daarnaast zijn gemeenten en het UWV terughoudend bij de inkoop van re-integratietrajecten voor de doelgroep: te duur en weinig effectief.

Wat ook niet helpt, is dat de samenwerking tussen ggz en bedrijfsartsen (voor als mensen nog werken) of tussen ggz en uitkeringsinstanties (voor als mensen werk zoeken) vaak uiterst moeizaam verloopt. Het resultaat: werken zit er voor mensen met langdurige psychische klachten doorgaans niet in.

Doorbraak in de re-integratie

Ambtenaren en professionals gingen er tot vrij recent vanuit dat werk voor het overgrote deel van de doelgroep te hoog gegrepen was. Dat wil zeggen totdat onderzoekers in de VS een model ontwikkelden die de bestaande aannames verwerpt en uitgaat van ‘first place, then train.’ Een perspectief dat kortweg wordt aangeduid als: Individuele Plaatsing en Steun (IPS).

IPS doorbrak de tot dan dominante aanpak in Nederland, die van een langdurige en stapsgewijze voorbereiding naar werk (‘train then place’). In Nederland waren professionals, re-integratiewerkers, bestuurders en financiers aanvankelijk weinig enthousiast. Niettemin deden vier Nederlandse ggz-instellingen in 2003 een studie naar mogelijke uitvoering van IPS. Het onderzoek toonde aan dat de aanpak in Nederland haalbaar was, maar dat dit wel een nieuwe houding tegenover het herstel van cliënten veronderstelde, een andere organisatiestructuur, uitgebreide training en aangepaste financieringsmechanismen

Een ander, gerandomiseerd onderzoek met controlegroep toonde aan dat IPS in Nederland effectief was. In dertig maanden werden bijna twee keer zoveel mensen aan werk geholpen als met reguliere trajectbegeleiding.

Wat is er nieuw aan IPS?

Het onderscheid tussen IPS en traditionele re-integratiemethoden is dat de cliënt met de IPS-coach meteen op zoek gaat naar een betaalde baan, en dat hij gecoacht wordt op het werk zelf. Trajectbegeleiding is onderdeel van het behandelplan, en de trajectbegeleider lid van het ggz-behandelteam. Elke cliënt die wil werken, komt in aanmerking.

Met de IPS-aanpak wordt gebroken met exclusiecriteria,  zoals symptomen, (minder) functioneren of gevreesde terugval. Mislukken mag: herstel is een weg met hobbels. Begeleiding blijft altijd beschikbaar, ook als het misgaat en mensen weer werkloos worden.

IPS wordt breed toegepast in de Verenigde Staten, Australië, Azië en Europa. Ook is er een internationale IPS leergemeenschap. Voor instellingen en professionals hier te lande die IPS willen toepassen, zijn er een Nederlandstalig handboek en trainingen beschikbaar.

Sleutel tot maatschappelijk herstel

In ons land stijgt het aantal aanbieders en deelnemers inmiddels gestaag. Zo bieden momenteel 34 instellingen IPS aan en begeleiden zij samen ruim vijfduizend cliënten (8). Ook gemeenten kopen steeds vaker IPS trajecten in, en stimuleert het UWV stimuleert IPS trajecten met een eigen subsidieregeling. Vanaf 2022 komt er structurele financiering beschikbaar.

Goede ontwikkelingen dus. Maar ruim 5 duizend mensen op het totaal van 281 duizend mensen met langdurige, complexe psychische problemen is niet bijzonder veel. Vanaf 2015 zijn ook enkele Beschermd, begeleid wonen en opvang (BW/MO) instellingen IPS gaan aanbieden. Naast de ggz-instellingen zijn zij de belangrijke aanbieders van zorg voor mensen met langdurige psychische problemen. Zij bieden woonondersteuning en begeleiding op alle levensgebieden, meestal aan huis. Of IPS, een model ontwikkeld voor de behandel-ggz, hier ook uitvoerbaar en effectief is was tot voor kort nog onbekend.

In 2019 maakten naar schatting 170 duizend mensen gebruik van BW/MO. Ons onderzoek naar de ervaringen in de acht BW/MO instellingen die met IPS werken, toont aan dat zij dezelfde resultaten hadden als ggz-teams.IPS bleek ook daar modelgetrouw toe te passen en net zo vaak tot werk te leiden als in de behandel-ggz. Dat is extra opvallend, omdat mensen die gebruik maken van begeleiding in BW/MO instellingen meer functionele problemen ervaren en nog minder vaak werk hebben dan in de ggz. Dit onderbouwt de aanname dat werken voor hen wel degelijk mogelijk is en de belemmeringen veel meer in de omgeving gezocht moeten worden dan alleen maar te kijken naar de beperkingen van het individu, zoals nu nog heel vaak gebeurt.

IPS is een belangrijke sleutel tot meer sociale inclusie en maatschappelijk herstel. Het zorgt voor een doorbraak in het re-integratiedenken en vraagt, gezien de resultaten, om een bredere toepassing in de ggz en daarbuiten.

Diana Roeg is programmaleider onderzoek bij Kwintes en werkzaam als senior onderzoeker bij Tilburg University, wetenschappelijk centrum zorg en welzijn Tranzo. Lars de Winter is stafmedewerker onderzoek, Chrisje Couwenbergh is manager Onderzoek & Beleid, Cris Bergmans is  stafmedewerker IPS, en Jaap van Weeghel voormalig directeur wetenschap, alle vier bij het Kenniscentrum Phrenos.

 

Foto: L'Atelier Paysan (Flickr Creative Commons)

Dit artikel is 1358 keer bekeken.

Reacties op dit artikel (4)

  1. Laat ik me beperken tot de ‘groep’ mensen met autisme. Een deel van die mensen zijn hoogbegaafd. Of ze gebruiken hun IQ wat meer en sneller dan vele anderen. Erkenning daarvoor is nul, nul. Altijd wordt bij autisme het accent gelegd op het sociale gedrag, zelden op de intelligentie die een deel van deze mensen zo gemakkelijk inzetbaar hebben. Geen enkele arbodienst snapt dat wie die vorm van autisme heeft, ten onder gaat aan verveling. Als kind kon ik in een paar weken tijd lezen, dus wilde ik boeken voor kinderen van 7 en 8 jaar lezen, Maar dat mocht toen nog niet, dus begon een levenslange verveling, omdat je niet mag leren zoals je het kan. Nog steeds kan ik veel sneller lezen dan velen, de leesvaardigheid neemt regulier al meer dan 20 jaar af, dat is bekend. Maar in de politiek is zo snel kunnen lezen, zeer nuttig. Ik graaf me soepel door al die wetgeving en tekst heen.,

    Geef mensen met autisme, de kans om in een rustige werkomgeving, ze dat werk te laten doen wat ze ook zo snel kunnen. Zonder sociale contacten als dat niet leuk genoeg is, maar laat ze dat snelle en behendige IQ gebruiken wat ze hebben. Val ze niet lastig met collega’s, maar geef ze de kans om alleen werk te doen waarvoor je dat betere IQ nodig hebt. Of de combinatie van kennis en handvaardigheid. Technici hebben soms autisme, maar kunnen veel meer doen dan het saaie ICT werk. Ze gaan mentaal kapot aan de leegte van sociaal gedrag, maar kunnen functioneren op een mentaal niveau waar bijna niemand dat uren en dagen vol kan houden. Onderzoek wat ze kunnen en laat ze dat dan ook doen. Een eigen werkplek, geen gezeur, een duidelijke opdracht en ze vertrouwen. Zijn we slimmer? Ja, vaak wel, maar met specifieke intelligentie en die wordt niet erkend. Dat is een vorm van mishandeling, waardoor mensen de arbeidsmarkt gaan mijden.

    Voor de wetgeving ‘Structuurvisie Ondergrond’, die nu nog geldig is, moest ik in 2016 in 2 dagen tijd vele documenten van ieder meer dan 800 pagina’s tekst lezen, Tekst over de vorige bodemwetgeving van dit land voor het ontwerpen van nieuwe wetgeving. Rustig starten met lezen, het is juridische kennis, dus complexe informatie. Daarna mijn bijdrage schrijven in 2 dagen, 1 dag voor de controle (het gaat om nieuwe wetgeving voor dit land) en dan indienen. Zo logisch voor de IQ combinatie die mensen met autisme vaak echt hebben. Dus vragen we om de erkenning van ‘onze’ vorm van intelligentie. Laat ons doen waar we goed in zijn, wat we lang vol kunnen houden en val ons niet lastig met sociaal gedrag als we daar geen zin in hebben.

  2. Het blijft een rare beweging: eerst verklaar je mensen ziek, zondert ze af in de ggz, brengt ze in een rollenarme situatie (patient of hulpverlener), stigmatiseert ze, verarmt ze, stapelt niet zelden trauma op trauma en dan o wonder, zijn ze ongeschikt voor de arbeidsmarkt. En dan is de volgende stap dat je ze gaat helpen (‘behandelen’) om dat weer allemaal ongedaan te maken. Een typisch voorbeeld van aanbod dat de eeuwigdurende vraag schept. Ik heb het al vaker beweerd: je problemen los je niet op in de ggz maar daar buiten. Tenzij je graag met je leven speelt.

  3. Het is nog maar de vraag of deze mensen psychische problemen hebben ?
    Heeft u er wel eens bij still gestaan dat het eigenlijk heel erg onnatuurlijk is om van 9 tot 5 uur te werken, met je auto in de file te staan (benzine is een verslavende stof zoals nicotine & adrenaline). Je hypotheek te betalen en dit alles om geld binnen te harken (vaak tegen beter weten van je geweten in).

    In 20 jaar is er door de Euro veel veranderd, het is niet allemaal slecht, maar bijvoorbeeld een idee om sociologen te gebruiken. En ook zeker bij architecten bureau´s, vroeger met de tekentafel was er creativiteit en inzicht, geduld.
    Nu is het voornamelijk autocat knip en plakwerk. Wat is al dit gehaast goed voor ?: de machines moeten aan de praat blijven, in plaats van dat de mens de machine beheerst, beheerst de machine de mens.

    Met een groot schip duurt het even om bij te sturen.

    Oud baggeraar/machinist uut Rotjeknor.

  4. Vanuit sterkdoorwerk.nl proberen we (verschillende partijen in een convenant) ons in te zetten om meer mensen met psychische problemen weer naar werk toe te leiden. Ook verhalen waarbij mensen met IPS ondersteunend zijn, zijn te zien en te lezen. Zeer de moeite waard om daar eens op te kijken om meer te zien en te lezen over de verschillende thema’s die dit onderwerp raken zoals stigma, samenwerking en het projecten die er voor kunnen gaan zorgen dat er steeds meer mensen ondersteuning gaan krijgen met o.a. IPS.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *