Moslims worden op discriminerende wijze geportretteerd in media

Moslims worden in nieuwsberichten veelvuldig in verband gebracht met extremisme, terrorisme en aanslagen. Media dragen zo – wellicht onbedoeld en slechts om de lezer te verleiden tot verder lezen – bij aan discriminatie van moslims. Journalisten zouden zich hier meer bewust van moeten zijn.

De berichtgeving zoals die tot ons komt heeft invloed op ons beeld van de samenleving. Zo kan beeldvorming via taal leiden tot stereotypering en bestaande stereotypen versterken (Thomson et al. 2000), wat vervolgens zelfs tot discriminatie kan leiden (Nelson, 2009). Media dienen hier zorgvuldig mee om te gaan, maar de praktijk laat een andere trend zien.

Commercie en dalende budgetten leiden tot journalistieke keuzes die lezers verleiden door te lezen of te klikken (Strömbäck & Esser, 2014; Brants & Van Praag, 2015). Hiervoor gebruiken journalisten gesimplificeerde verhaalstructuren, zoals ‘straatterrorisme door ’Marokkaans tuig’, wanneer het gaat om jeugdcriminaliteit. En zo kopt De Telegraaf over ‘Asielhopper-invasie’ en ‘Kansloze Asielplaag’. Dergelijke koppen bieden met metaforen als ‘invasie’ en ‘plaag’ een interpretatiekader aan de lezer, zonder dat deze zich daar bewust van hoeft te zijn.

In de berichtgeving over Marokkanen worden deze stereotypen veelvuldig gebruikt (Sibon 2004; Ruigrok et al., 2014). Koemans (2010: 210) concludeert dat jeugdcriminaliteit in de media veelal wordt geframed in termen van ‘straatterreur’. Deze terreur wordt vooral veroorzaakt door Marokkaanse criminelen (Koemans 2010; Ruigrok et al., 2014). Structureel gebruikt, kan dit leiden tot blikvernauwing. Het kleurt de informatie die mensen te zien, te horen of te lezen krijgen. Als een stereotype wordt geactiveerd, zorgt dat voor een tunnelvisie met bepaalde verwachtingen die men onbedoeld bevestigd ziet worden en daarmee is het stereotype zelfversterkend.

Hoe worden verschillende groepen in het nieuws geportretteerd

In ons onderzoek zijn we aangehaakt bij het Veni-project van Antske Fokkens (VU) over zogenaamde microportretten. Microportretten bevatten alle informatie in een artikel over één individu of groep, zoals labels, eigenschappen en activiteiten. Met geavanceerde taalanalyse-technieken is de computer in staat deze informatie uit teksten te halen. En zo specifiekere informatie te geven over de manier waarop verschillende groepen Nederlanders in het nieuws worden geportretteerd en mogelijk positief of negatief worden gestereotypeerd.

Berichten waarin moslims voorkomen, gaan over terreur en aanslagen

Uit ons onderzoek kwam naar voren dat de berichten waarin wel moslims worden genoemd maar geen Nederlanders met name gaan over terreur, aanslagen en het inreisverbod dat Trump wil invoeren. In de berichten waarin Nederlanders worden genoemd maar geen moslims gaat het nieuws sterk over sport, met name voetbal.

Ook is er aandacht voor de samenleving en hoe deze moet omgaan met asielzoekers en immigratie, zonder dat hierbij expliciet wordt gesproken over de islam of moslims. De berichtgeving waar zowel over Nederlanders als over moslims wordt gesproken gaat sterk over onze samenleving en over de integratie van moslims in onze samenleving.

Pers noemt moslims vaak ‘radicaal’ en ‘terroristisch’

Niet alleen is de teneur van de microportretten waarin moslims worden omschreven negatiever dan de microportretten van Nederlanders zonder moslimachtergrond, ook  worden moslims in de Nederlandse pers vaak omschreven met behulp van stereotyperende beschrijvingen  zoals ‘radicaal’, ‘extremistisch’ en ‘terroristisch’. Dit nieuws gaat dan ook dikwijls over aanslagen die gepleegd zijn door IS-aanhangers.

Echter, ook in de berichtgeving over de aanslag op de spelersbus van Borussia Dortmund, gepleegd door een Russisch-Duitse man die winst wilde maken op de beurs door een koersval van de voetbalploeg, komt de radicale moslim terug: ‘Een radicale moslim die werd opgepakt, bleek niets met de zaak te maken te hebben’ (NRC Handelsblad, 21 april 2017). Hoewel er wordt bericht dat de man niets met de aanslag te maken heeft gehad, wordt hij hier wederom benoemd als ‘radicale moslim’.

Niet-moslim Nederlanders zijn in nieuws vaker ‘hardwerkend’ en ‘gewoon’

Nederlanders daarentegen krijgen juist de eigenschappen ‘bekend’, ‘hardwerkend’ en ‘gewoon’ toebedeeld. Zo schrijft De Telegraaf op haar voorpagina van 23 januari 2017: ‘Door strengere regels voor gesubsidieerde huurhuizen, hogere drempels voor hypotheken en de verwachte bevolkingsgroei wordt het voor hardwerkende Nederlanders met een lager middeninkomen schier onmogelijk om onderdak te vinden, waarschuwt het Planbureau.’

De ‘gewone’ moslim wordt anders bekeken op straat

Dergelijke stereotyperingen hebben invloed op de ontvangers van het nieuws. Uit ons onderzoek bleek dat eigenschappen die aan moslims worden toegeschreven gemiddeld licht negatief zijn. Eigenschappen die meer aan Nederlanders worden toegeschreven scoren kennen een duidelijk hoger positief gemiddelde.

Uit de microportretten kunnen we afleiden dat er sprake is van een stereotype weergave van moslims ten opzichte van de Nederlanders zonder moslimachtergrond in de berichtgeving in de media. Stelselmatig moslims in verband brengen met negatief nieuws zoals aanslagen of integratieproblemen zorgt ervoor dat de ‘gewone’ moslim anders wordt bekeken op straat, door de buren of bijvoorbeeld in de zoektocht naar een baan.

Journalistiek heeft een keuze in hoe zij het nieuws brengen

Om te voorkomen dat een stereotype uit de bocht vliegt, is het daarom raadzaam na te gaan in hoeverre het functioneel is iemands geloof te benoemen in een artikel en goed na te denken over de woordkeus bij de beschrijving van personen. Als journalisten te gemakkelijk terugvallen op stereotype beschrijvingen, worden deze stereotypen immers bestendigd. De keuze die journalisten hierbij hebben, mag actiever benut worden.

Nel Ruigrok is eigenaar van LJS Nieuwsmonitor, een onderzoeksbureau dat zich toelegt op onderzoek naar de invloed van de media op onze samenleving. Dit artikel is gebaseerd op het onderzoekrapport ‘Stereotyperende microportretten van moslims in het (politieke) nieuws’

Vrijdag 20 oktober is er een workshop naar aanleiding van dit onderzoek. 

 

Literatuur

Brants,   K.,  &  Van  Praag,   P.  (2015).  Beyond Media Logic.  Journalism Studies  (published online).

Esser, F., & Strömbäck, J. (2014). Mediatization of politics: Understanding the transformation of Western democracies. Palgrave Macmillan.

Koemans, M. (2010). White trash’versus’ Marokkaanse straatterroristen’. Tijdschrift voor Criminologie, 52(2), 201-217.

Nelson, T. D. (2009). Handbook of Prejudice, Stereotyping, and Discrimination. Psychology Press.

Ruigrok, N., van Atteveldt, W., Gagestein, S., & Jacobi, C. (2016). Media and juvenile delinquency: A study into the relationship between journalists, politics, and public. Journalism, 1-17.

Sibon, S. (2004). Berichtgeving over allochtonen en criminaliteit, Master scriptie. Universiteit Twente. Via www.kennislink.nl.

Thompson, M. S., Judd, C. M., & Park, B. (2000). The Consequences of Communicating Social Stereotypes. Journal of Experimental Social Psychology, 36(6), 567–599.

 

Foto: Bas Bogers (Straatfotografie.com)