De verhuizing van de verzorgingsstaat

dankwoord 263 Dankwoord De kiem voor dit boek werd in zekere zin gelegd in ons vorige boek, De affectieve burger , dat in 2013 verscheen, aan de vooravond van de decentralisaties van langdurige zorg, jeugdzorg en participatie naar de gemeenten. Daarin vroegen wij ons af in hoeverre de over- heid erin zou slagen om burgers te verleiden en te verplichten tot zorgzaamheid. Dit boek, De verhuizing van de verzorgingsstaat , is te zien als het antwoord op die vraag. In zes wijken van zes Neder- landse gemeenten hebben we vier jaar lang wijkteammedewerkers en Wmo-consulenten mogen volgen bij hun pogingen om zorgbe- hoevenden en hun naasten tot meer zorgzaamheid aan te sporen. We vergezelden hen bij keukentafelgesprekken, huisbezoeken, brie- fings, intervisiebijeenkomsten, teamvergaderingen en zo meer. Zij waren bereid om ons te laten meekijken bij het proces van vallen en opstaan dat zij in hun zoektocht naar de goede werkwijze in die eer- ste jaren na de decentralisaties doormaakten. Zij – en uiteraard ook hun cliënten – lieten ons toe bij soms moeilijke en pijnlijke gesprek- ken. Wij realiseren ons terdege hoe belangrijk dit is voor onderzoe- kers die kwalitatieve wetenschap bedrijven, en wij waarderen deze open, kwetsbare opstelling van zowel sociale professionals als hun cliënten dan ook enorm. Zonder deze medewerking hadden we dit onderzoek niet kunnen doen. Dit geldt op een andere manier ook voor onze ‘financiers’. Wij zijn in de eerste plaats veel dank verschuldigd aan Instituut Gak, dat ons de financiële basis verschafte voor dit meerjarige onderzoek. Harriet Vinke, coördinator onderzoek van Instituut Gak, en Alex Brenninkmeijer, lid van de Wetenschappelijke Raad van Instituut Gak, brachten ons jaarlijks inspirerende werkbezoeken en hielden

RkJQdWJsaXNoZXIy OTE0NDk=