De verhuizing van de verzorgingsstaat
evelien tonkens en jan willem duyvendak 246 heid’). Een gevaar van bemoeienis van het beleid met wat mensen aan elkaar aan hulp geven, is dat zij zich onder druk gezet voe- len en dingen beloven die ze al na korte tijd niet meer kunnen of willen waarmaken, waardoor de cliënt teleurgesteld en een-zaam achterblijft (zoals we ook in hoofdstuk 6 zagen). Het beleid legt ook een grote druk op cliënten zelf, die zich gedwongen voelen om anderen te vragen om hulp, ook als zij die zelf niet bij de aard van de relatie vinden passen. Daarnaast komt het voor dat cli- ënten zich gedwongen voelen om persoonlijke oordelen van net- werkleden over hun leven op de koop toe te nemen, omdat ze genoodzaakt waren deze mensen uit hun netwerk om hulp te vragen. Afgedwongen hulp zet niet alleen solidariteit tussen naasten onder druk. Dit geldt ook voor de solidariteit tussen vreemden, en dan met name tussen arm en rijk. De beleidsverwachting dat mensen primair afhankelijk moeten worden van hun ‘eigen’ net- werk, beperkt de keuze van armere mensen om zich naar eigen wensen tot hun nabije omgeving te verhouden. Rijkere mensen kunnen zelf hulp regelen en betalen, ook van ver buiten hun ei- gen kring. Er vindt daarmee een spill-over -effect plaats van onge- lijkheid: ongelijkheid op sociaal en economisch vlak leidt dan tot ongelijkheid op affectief vlak. Armere mensen moeten immers een appèl doen op hun naasten, terwijl rijkeren dat kunnen ver- mijden. De Amerikaanse politiek filosoof Michael Walzer ( 2008 ) betoogt dat solidariteit tussen armen en rijken tot uitdrukking komt in beleid gericht op ‘complexe gelijkheid’: ongelijkheid in de ene sfeer mag geen consequenties hebben voor (on)gelijkheid in de andere sfeer. Een goede positie op de arbeidsmarkt zou niet mogen leiden tot betere zorg (of andere publieke dienstverlening). Dat is hier echter wel het geval. Mensen krijgen nog steeds zorg, en het is heel goed dat ze zorg krijgen als ze dat nodig hebben, zei voormalig staatssecretaris Van Rijn (in antwoord op de Kamervragen van Tweede Kamerlid
RkJQdWJsaXNoZXIy OTE0NDk=