De verhuizing van de verzorgingsstaat
emotiemanagement aan de keukentafel 113 In een eerder (onder ‘Prijzen’) gegeven voorbeeld geeft de moe- der aan te worstelen met het gevoel dat ze de kinderen belast, maar deze emotie wordt door de dochter weersproken (‘Het voelt niet als last’). We herhalen het prijzende begin en geven het ver- volg van het gesprek weer: ‘Wat doet u allemaal?’ vraagt de consulent aan de dochters. Deze sommen op: contact onderhouden, boodschappen, de was, maaltijden, naar de tandarts. Consulent: ‘Betrokken, goeie kinderen.’ Moeder: ‘Zeker, alleen kom je niet ver.’ Consulent: ‘Daarom heeft u ook kinderen.’ Moeder: ‘Ik zit er wel eens mee.’ Een van de dochters zegt dat haar moeder het moeilijk vindt om hen te belasten, zo voelt ze dat dan. Ze werken allebei fulltime en hebben het druk, maar voor hen is het geen probleem om dit te doen. De eerste dochter zegt: ‘Het voelt niet als een last.’ (p52-o) Door de kinderen te prijzen, suggereert de professional dat hun moeder dankbaar is. De moeder reageert echter met een emotie die niet past binnen de huiselijke wereld: zij voelt zich bezwaard om haar dochters te belasten (‘Ik zit er wel eens mee’). Een van de dochters zegt daarentegen dat zij de hulp niet als belastend erva- ren. De gevoelens en loftuitingen die passen in de huiselijke lo- gica overstemmen hier de negatieve emoties van de moeder. Aan dit voorbeeld kunnen we bovendien goed zien dat emotiemanage- ment een collectief proces is, waarvan de intenties niet toe te schrijven zijn aan een van de aanwezigen; het is een verloop van interactie waartoe beleid aanleiding geeft. In het volgende voorbeeld buigt een consulent de zorgen van een mantelzorger over de situatie van haar zus om naar lof voor haar zorgzaamheid. De consulent doet een poging om de mantel-
RkJQdWJsaXNoZXIy OTE0NDk=