De verhuizing van de verzorgingsstaat

emotiemanagement aan de keukentafel 115 Hier zien we hoe lof en ontwijking samengaan: de zuster reageert op waardering voor wat ze doet (‘Ach ja, ik heb maar één zus’). Daarop probeert de consulent nogmaals of zij meer hulp kan bie- den: ‘Het lukt niet structureel om …?’ Als de zus deze suggestie van de hand wijst, vraagt de professional niet verder. De consu- lent maakt achteraf duidelijk dat hij hiervoor een gegronde reden had. Hij vermoedde dat de aanvraag voor thuishulp op medische gronden zou worden afgewezen en dat bleek later ook het geval (zie ook hoofdstuk 8 in deze bundel). Uit dit voorbeeld blijkt dat emotiemanagement in sommige gevallen ook bewust en om ge- gronde redenen gebeurt. Aan schuldgevoel appelleren De bezuinigingsopdracht dwingt professionals echter soms ook tot een harde opstelling jegens cliënten. Als het niet voldoende lukt om aan positieve gevoelens te appelleren en zo informele in- teractie en zorg te bevorderen, gaan zij er soms toe over burgers op meer bureaucratische wijze tot onderlinge zorg en verantwoor- delijkheid te bewegen: niet omdat het zo te prijzen valt, maar omdat het een burgerplicht is, is dan de suggestie. In die gevallen appelleren professionals aan schuldgevoel. Dat observeerden we tijdens 4 van de 66 keukentafelgesprekken. De consulent in het volgende voorbeeld inventariseert wie welke huishoudelijke taken uitvoert en prijst de echtgenoot daarvoor. Zodra de man hardop twijfelt over de mate waarin hij en zijn vrouw het huishouden zonder hulp aankunnen, wijst de consulent de man op het huidige beleid: ‘En boodschappen?’ vraagt ​de consulent. ‘Hij doet dat’, zegt de vrouw. ‘Kom ik in aanmerking voor hulp bij het huishouden?’ vraagt ​de man voorzichtig. De consulent legt uit dat boodschappen niet onder hulp bij het

RkJQdWJsaXNoZXIy OTE0NDk=