De verhuizing van de verzorgingsstaat
emotiemanagement aan de keukentafel 121 er geen toezicht meer. Dan is er niemand die haar vertelt wat ze moet doen, niemand die de dag voor haar structureert.’ ‘Dat kan ik wel’, zegt de cliënt. ‘Maar je doet het niet’, zegt de begeleider. De cliënt zegt dat ze dat voor haar achttiende ook vaker moest doen als haar moeder weer een paar weken weg was. De begeleider zegt dat haar moeder altijd weer terugkwam en toen had ze haar vriend ook in de buurt. Dat is nu anders, nu blijft ze alleen. De consulent schaart zich achter de begeleider en zegt tegen de vrouw: ‘Dus je hebt hulp nodig, niet om het te leren, maar om een zetje te krijgen.’ (p50-o) Reeds betrokken hulpverleners spelen dus een belangrijke rol in de besluitvorming over indicaties. De voorgaande voorbeelden roepen de vraag op welk belang zij vooral dienen. Redeneren zij vanuit de marktlogica of vanuit een andere logica? Wij hebben hieraan in ons onderzoek niet specifiek aandacht besteed, maar de onafhankelijkheid van derden die van invloed zijn op keuken-ta- felgesprekken is zeker vervolgonderzoek waard. Tijdens slechts 1 van de 66 van de door ons geobserveerde gesprekken was een onafhankelijke cliëntondersteuner (dus een niet reeds betrokken begeleider) aanwezig. Het is extra belangrijk dat hier te vermel- den, omdat ook naasten niet altijd als cliëntondersteuner kun- nen fungeren. In het voorgaande hebben we immers laten zien dat naasten zich vaak niet onverdeeld achter het belang van de cliënt scharen, omdat zij ook hun eigen belang in het oog moeten houden. De cliënt kan bijvoorbeeld meer mantelzorg verlangen, terwijl de mantelzorger overbelast is. Hoe verklaren we nu de geobserveerde verschillen tussen profes- sionals die meegaan met beleid en professionals die verzet plegen? De achtergrond van de professionals geeft ons een indicatie waar-
RkJQdWJsaXNoZXIy OTE0NDk=