Plagiaatonderzoek mag geen instrument van racisme zijn

Toetsing van wetenschappers en hun werk moet onpartijdig, eerlijk en respectvol gebeuren. De ervaring van wetenschappers van kleur laat zien dat de praktijk vaak anders is. De Rotterdamse onderzoeker Helen Tibboel roept de academische gemeenschap op tot ethische bezinning.

Afgelopen augustus maakte de Britse socioloog Jason Arday een eind aan zijn leven. Een week daarvoor had hij ontslag genomen, na een zware mediastorm: de jongste zwarte hoogleraar ooit aan de universiteit van Cambridge zou plagiaat hebben gepleegd. Ook zou hij hebben gelogen over zijn levenswandel. Postdoc aan de Universiteit Gent en zelfbenoemd rassenrealist Nathan Cofnas was degene die de beschuldigingen online plaatste.

Racistische agenda

Beschuldigingen op het gebied van academische integriteit zijn zo oud als de academie zelf en worden geuit tegen academici van allerlei achtergronden. De laatste jaren lijkt het echter alsof het ook een instrument is geworden om een racistische agenda te bevorderen. Zo spreken Anjesh Prasad en Martyna Śliwa over het intentioneel en selectief inzetten van plagiaatbeschuldigingen tegen academici, teneinde hen de mond te snoeren.

Wat al de beschuldigde academici gemeen hebben, is dat ze bijna allemaal wetenschappers van kleur zijn

Ze beschrijven hoe conservatieve activisten en media Claudine Gay, de voormalig voorzitter van Harvard, een van de Noord-Amerikaanse topuniversiteiten, beschuldigden van plagiaat nadat zij uitspraken over antisemitisme had gedaan. Nadat de media dit uitvoerig belicht had zag Gay zich uiteindelijk genoodzaakt om haar ontslag in te dienen.

De afgelopen jaren laten meerdere vergelijkbare casussen zien. Wat al de beschuldigde academici gemeen hebben, is dat ze bijna allemaal wetenschappers van kleur zijn. En dat ze onderzoek doen naar zogenaamde ‘woke’ thema’s, zoals diversiteit, inclusie, critical race theory, racisme en discriminatie.

Uitsluiting

In al die gevallen gaan twee processen van uitsluiting hand in hand.

Enerzijds is er sprake van discriminatie van academici op basis van hun huidskleur. Academici van kleur moeten veel harder werken dan hun witte collega’s, ervaren meer uitsluiting, en verlaten de academische wereld daarom vaker.

Hun kennis strookt niet met die van de dominante politieke ideologie

Anderzijds gaat het om epistemische uitsluiting. Aan de stemmen van academici van kleur wordt minder waarde toegekend dan aan de stemmen van witte academici. Bij Arday zien we dan ook dat de beschuldigingen van plagiaat werden gelinkt aan zijn huidskleur. Dit leidde tot een narratief waarin hij werd weggezet als iemand die enkel is aangenomen in het kader van een beleid dat rekening houdt met diversiteit, gelijkheid en inclusie maar eigenlijk nooit een goede academicus was. Dit narratief ontbreekt bij witte academici die van plagiaat beschuldigd worden.

Ook zie je dat de aanvallen met name gericht zijn op wetenschappers die zich kritisch uitlaten over onderdrukking en racisme. Reden? Hun kennis strookt niet met die van de dominante politieke ideologie.

Bij Arday zien we hetzelfde patroon terug. Een zwarte, succesvolle academicus die onderzoek doet naar racisme binnen de academische wereld wordt beschuldigd door een openlijk racistische onderzoeker. Bijzonder is wel dat de Universiteit Gent Cofnas preventief schorste naar aanleiding van diens uitspraken. Ook is er een tuchtrechtelijk onderzoek ingesteld naar mogelijke discriminatie.

Academische vrijheid

De onderdrukking van academici van kleur en van ‘woke’ thematiek is een ernstige belemmering van de academische vrijheid. Ironisch genoeg verdedigden verschillende media en academici juist Cofnas’ aantijgingen als uiting van de kritische wetenschappelijke blik die gevierd moet worden uit naam van academische vrijheid. Dezelfde retoriek - academische vrijheid als schild- ontbrak toen academici van kleur zoals Arday en Gay onder vuur lagen.

Academische vrijheid gaat niet enkel over rechten, maar ook over plichten

Academische vrijheid heeft betrekking op het recht van academici om vrijelijk te doceren en te onderzoeken en op het recht van studenten om te leren zonder bemoeienis van buitenaf. Academische vrijheid gaat niet enkel over rechten, maar ook over plichten. Zo benadrukt de VN-organisatie voor onderwijs, wetenschap, cultuur en media (UNESCO) dat wetenschappers de academische vrijheid van andere leden van de academische gemeenschap dienen te respecteren.

Ook noemt UNESCO het belang van eerlijkheid en onpartijdigheid bij de beoordeling van collega’s of studenten. Daarnaast moeten academici hun onderzoek laten voortkomen uit een oprechte zoektocht naar kennis, met respect voor het beschikbare bewijsmateriaal, onpartijdig redeneren en eerlijke verslaglegging.

Te kwader trouw en selectief onderzoek naar plagiaat is geen verdediging van de academische vrijheid

Het kritisch toetsen van wetenschappelijk werk is onderdeel van de academische vrijheid. Daaraan gepaard is de plicht om die toetsing op een eerlijke manier uit te voeren, volgens consistente normen en zonder deze als wapen tegen collega’s in te zetten. Te kwader trouw en selectief onderzoek naar plagiaat is geen verdediging van de academische vrijheid maar staat daar haaks op.

Verantwoordelijkheid universiteiten

In een recente verklaring over academische vrijheid stellen de rectoren van de Nederlandse universiteiten ‘dat de onderzoekende geest vrij moet blijven binnen onze muren. Want wie bepaalt wat onderzocht mag worden, en hoe, bepaalt uiteindelijk ook wat gezegd, geloofd en geweten mag worden.’ (Universiteiten van Nederland, 2025).

Terecht roepen de rectoren op tot bescherming van de universiteiten tegen invloeden van buitenaf. Ik bepleit dat die bescherming ook geldt binnen de universiteit voor stemmen van kleur, en voor de stemmen die onderdrukking onder de aandacht brengen.

Dus bestuurders, academici en studenten: herken racisme, ook als het vermomd gaat achter termen als academische integriteit en academische vrijheid, en spreek u uit. Luister naar de ervaringen van collega's en studenten van kleur, en ga niet mee in de bad-faith klaagcultuur die de academische vrijheid ondermijnt.

Helen Tibboel is projectleider Monitoring en Onderzoek bij het Inclusion, Diversity, Equity & Access Center van de Erasmus Universiteit Rotterdam

 

Foto: Monstera Productions via Pexels.com