Minder gamen vermindert problemen niet

Minder gamen vermindert problemen niet

Het spelen van computergames kan voor een kleine groep mensen leiden tot verwaarlozing van werk, school en sociale contacten in real life. De Universiteit Twente en Brijder Jeugd hebben samen een online behandelprogramma ontwikkeld voor pathologische gamers.

Technologische ontwikkelingen en de komst van het internet hebben ertoe geleid dat gaming de afgelopen dertig jaar sterk is gegroeid. Ondanks de voordelen die videogames kunnen bieden zoals entertainment en serious gaming in zorg en onderwijs, heeft de toenemende populariteit ook geleid tot zorgen over mogelijke negatieve gevolgen. Er bestaat toenemend bewijs dat sommige gamers gamegewoonten vertonen die ten koste gaan van hun dagelijks functioneren. Overmatig gamen kan leiden tot serieuze problemen in het leven van een gamer, bijvoorbeeld als het ten koste gaat van werk of schoolprestaties, sociale relaties en andere vrijetijdsactiviteiten.

Mannelijke adolescenten en vrouwen ouder dan dertig zijn risiscogroepen

Het diagnostisch en statistisch handboek voor mentale stoornissen (DSM-IV) draagt momenteel geen diagnose voor ‘pathologisch gamen’. Terwijl sommige wetenschappers claimen dat problematisch gamen een uniek probleem is, stellen anderen dat het slechts ‘morele paniek’ is of een uiting van andere onderliggende psychosociale problemen. Ondanks een gebrek aan overeenstemming zijn de meeste onderzoekers het erover eens dat sommige gamers problematische gamepatronen vertonen die als pathologisch kunnen worden beschouwd. Hierbij wordt aangenomen dat het vertonen van problematische gamepatronen vergelijkbaar is met een gedragsverslaving zoals pathologisch gokken. Kenmerken zijn een gebrek aan zelfcontrole over gamegedrag en psychologische, sociale en school- en werkgerelateerde problemen.

Uit ons onderzoek kwam naar voren dat gaming weliswaar een populaire activiteit is onder de gehele Nederlandse bevolking, maar dat de meerderheid geen nadelige gevolgen van het gamen ondervindt. Slechts een kleine groep (2,7 procent) kan worden beschouwd als problematisch gamer. Mensen die online games spelen rapporteerden meer symptomen van problematisch gamegedrag. Jonge mannen scoorden gemiddeld hoger op problematisch gamegedrag dan vrouwen en oudere mannen. Opmerkelijk is dat bijna de helft van de geïdentificeerde problematische gamers vrouwen boven de dertig jaar betrof.

Gamegedrag is grillig

De bevindingen laten zien dat gebrek aan zelfcontrole een probleem is dat sommige gamers zelf kunnen oplossen. Gamers rapporteerden verscheidene perioden van excessief gamen, met episodes van vermindering of abstinentie er tussen in. Overmatig gamen had te maken met het verschijnen van een nieuw spel, met perioden van veel vrije tijd, zoals vakantie, weekend, stoppen met de studie, of juist met het heel druk hebben, bijvoorbeeld in tentamentijd – stress dus. Deze perioden liepen uiteen van een week tot maanden waarin een gebrek aan zelfcontrole leidde tot problemen met andere activiteiten. Gamegedrag bleek erg grillig te zijn. De meeste gamers waren in staat om zelfregulatie over gamegedrag te hervatten, in ieder geval tijdelijk. Een verklaring voor de tijdelijkheid van het gebrek aan zelfcontrole zou kunnen liggen in het feit dat iedere game een ervaring op zichzelf is met een eigen unieke verhaallijn en karakters.

Naast zelfcontrole bleken andere onderliggende mechanismen ook een rol te spelen. Gamers die online games spelen, en dan met name Massively Multiplayer Online Role Playing Games (MMORPG’s; games waarin je in een online virtuele wereld met en tegen andere gamers speelt), blijken problematische speelpatronen te ontwikkelen. Met name gamers die gevoelens van eenzaamheid ervaren en moeite hebben met sociale vaardigheden bleken een sterkere voorkeur te hebben voor online sociale interactie in plaats van face-to-face contact.

Minder gamen lijkt geen effectieve oplossing

Veel tijd besteden aan gamen hoort bij problematisch gamegedrag. Uit ons onderzoek blijkt echter dat dat veel gamen niet noodzakelijkerwijs tot problemen leidt. Speeltijd is met andere woorden geen onafhankelijke voorspeller van problematisch gamegedrag. Het simpel verminderen van de hoeveelheid speeltijd is dan waarschijnlijk ook geen effectieve oplossing om problemen door gamen te voorkomen of te behandelen. Andere factoren zoals het spelen van de games om zich beter te voelen en om in contact te komen met anderen, bleken wel onafhankelijke voorspellers. Het aanpakken van de zelfcontrole en de stemming lijken dan ook meer kans op succes te geven.

Zelfcontrole kan worden versterkt door het toepassen van gedragsstrategieën die gericht zijn op het verminderen van obsessieve gedachten over gamen en het gebruik van technieken zoals zelfmonitoring en het stellen van doelen. Tevens kan de mate van zelfcontrole over gamen gebruikt worden als een indicator om problematisch gamegedrag te herkennen. Ook kan het zinvol zijn om andere copingstrategieën te ontwikkelen voor gamers die games spelen om hun stemming te reguleren, zoals praten over hun problemen of gaan sporten. Onder gamers die gevoelens van eenzaamheid ervaren en gebrekkige sociale vaardigheden hebben, zou het versterken van offline sociale vaardigheden en het opbouwen van een sociaal netwerk buiten de gamewereld effectief kunnen zijn.

De Universiteit Twente en Brijder Jeugd (verslavingszorg in Noord- en Zuid-Holland) hebben samen een online behandelprogramma ontwikkeld. In modules komen verschillende doelen aan bod, zoals het herstellen van zelfcontrole over gamegedrag door bijvoorbeeld afspraken te maken over de hoeveelheid tijd die men per week gamet, of het versterken van het sociale netwerk van een gamer buiten de gamewereld. Jongeren die obsessief gamen en voor hulp bij Brijder Jeugd aankloppen krijgen zowel gesprekken met een behandelaar aangeboden als de online modules. Hiermee wordt het middel waaraan jongeren verslaafd zijn ingezet om hun verslaving aan te pakken.

Maria Haagsma is psycholoog en onderzoeker. Zij promoveerde eind november op haar onderzoek naar problematisch gamegedrag aan de Universiteit Twente: ‘Understanding problematic game behaviour’.

 

Dit artikel behandelt het vraagstuk Gedrag, Verslavingszorg. Bewaar de permalink. Volg reacties op dit artikel via RSS feed van dit artikel. Reageer of laat een trackback achter.

Eén reactie

  1. Geplaatst 8 januari 2013 om 09:22 Permalink

    Verrassende uitkomst: Niet de duur van het gamen is van belang, maar de mate van zelfcontrole en de stemming hebben invloed op het problematisch gamen.

    Wellicht dat het daarom ook zo lastig is voor ouders om dit problematische game gedrag te doorbreken, want het is niet simpelweg, dan speel je maar minder, klok er op en probleem opgelost.

2 trackbacks

  1. [...] Het spelen van computergames kan voor een kleine groep mensen leiden tot verwaarlozing van werk, school en sociale contacten in real life.  [...]

  2. Door Minder gamen helpt gameverslaving niet - Sargasso op 12 januari 2013 bij 19:00

    [...] Universiteit Twente: ‘Understanding problematic game behaviour’.Dit stuk verscheen eerder op Sociale Vraagstukken. Tags gamen, gameverslaving Twitter FacebookGD Star Ratingloading…Gerelateerde artikelen  [...]

Reageer!

Uw e-mailadres wordt nooit gepubliceerd of met derden gedeeld. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *

*
*