Op de 26ste International Conference on Integrated Care 2026 in Birmingham, met duizend deelnemers uit 55 landen, hoorde ik een zin die in mijn hoofd bleef hangen: I want to deliver a life, not a service. Het is zo’n uitspraak die je eerst mooi vindt, en daarna ongemakkelijk. Want als je eerlijk bent, veel van wat wij integrale zorg noemen, voelt nog steeds als een optelsom van diensten.
Versnippering
Het ontbeert de zorg niet aan ambitie. Telkens hoor je dezelfde woorden samenwerking, verbinding, community en preventie, maar dat laat onverlet dat de zorg in de praktijk onverminderd versnipperd blijft. Gescheiden planningssystemen, aparte financierings- en verantwoordingslijnen, verschillende digitale infrastructuren: we proberen de zorg te integreren met elementen die daar totaal niet geschikt voor zijn.
Geen wonder dat er wantrouwen is richting het systeem
Maar misschien zit het probleem nog dieper en ligt de versnippering vooral aan onze manier van denken. Op de conferentie werd bijvoorbeeld pijnlijk duidelijk hoe taal afstand creëert. Een term als Pathways of demand management klinkt voor professionals misschien logisch, maar voor de meeste mensen is het abracadabra. Sommigen voelen zich daardoor zelfs buitengesloten. Geen wonder dat er wantrouwen is richting het systeem. Of zoals een spreker op de conferentie zei: als je de taal niet begrijpt, hoor je er blijkbaar niet bij.
Ander geluid
Daar tegenover staat een ander geluid. Die gaat minder over structuren, en meer over relaties. Die gaat niet over een volgend vergezicht, maar is vooral gefocust op wat er gebeurt tussen mensen.
I find vision boring, zei Thea Stein, algemeen directeur van de onafhankelijk Britse denktank Nuffield Trust Health. Verandering komt niet door nieuwe plannen, maar door wat zij persoonlijke kracht noemt. Oftewel, de bereidheid om elkaar op te zoeken, de telefoon te pakken, vol te houden en buiten de lijntjes durven kleuren. Integrale zorg is geen doorbraak, aldus Stein, maar the grind. Wij hebben daar geen goed woord voor. Het betekent dagelijks hard werken, ploeteren en sleur.
Tijd maken voor bewoners, familie spreken, collega’s verbinden
De relationele invalshoek herken ik uit mijn eigen onderzoek naar de Blijmakers, de zijinstromers in de dementiezorg. Zij geven invulling aan de transitie van zorg naar welzijn. Geen nieuw systeem, geen grote ideeën, maar eenvoudige samenwerking tussen mensen die zich bewegen tussen zorg, welzijn en dagelijks leven. Tijd maken voor bewoners, familie spreken, collega’s verbinden. Niet omdat het in een protocol staat, maar omdat het werkt.
Benut kracht samenleving
Integratie gebeurt niet op papier, maar in relaties. En daar wringt het. Want systemen zijn nog steeds ingericht op controle, afbakening en verantwoording. Toch zijn er ook hoopvolle voorbeelden.
Wat gebeurt er met relaties wanneer contact steeds minder fysiek wordt?
Docent en onderzoeker Petra Boerma, verbonden aan het Ben Sajet Centrum, laat bijvoorbeeld zien hoe zorg en welzijn steeds vaker via een scherm verlopen, en hoe digitalisering nieuwe vormen van bereik en efficiëntie mogelijk maakt. Tegelijk stelt ze de kernvraag. Wat gebeurt er met relaties wanneer contact steeds minder fysiek wordt? Ook hier lukt de overbrugging van systemen waarschijnlijk niet.
In Singapore bestaat een hulplijn die 24 uur per etmaal bereikbaar is en waar binnen drie keer overgaan de telefoon wordt opgenomen, in meerdere talen. Eenvoudig, maar radicaal in wat het doet: het geeft mensen het gevoel dat ze gehoord worden.
De belangrijkste boodschap is echter fundamenteler: benut de kracht van de samenleving
Dat was ook de kern van het onlangs verschenen advies De basis op orde: naar een toekomstbestendige eerstelijnszorg. Hierin benadrukt de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving het belang van wijkgericht werken met een vaste kern van generalistische zorgverleners. Door dichtbij bewoners te opereren, kunnen zij problemen vroeg signaleren en gericht hulp inschakelen en zo bijdragen aan het verkleinen van gezondheidsachterstanden. De belangrijkste boodschap is echter fundamenteler: benut de kracht van de samenleving.
Anders organiseren
Onze verwachtingen van de zorg zijn te hoog geworden. Niet alles hoeft via professionals te lopen. Door burgerinitiatieven te versterken en het samenspel tussen formele en informele zorg te verbeteren, ontstaat betere zorg. Digitale informatie, zelfzorg, lotgenotencontact en collectieve preventie spelen daarbij een belangrijke rol. Integrale zorg vraagt niet om méér diensten, maar om een andere manier van organiseren. Dat betekent dichter bij mensen, met de samenleving als partner.
Dat sluit goed aan bij de boodschap van de ervaringsdeskundigen. Hun boodschap is simpel en tegelijk moeilijk: verbinding is de correctie. Verbinding maken is geen extra taak, maar de kern van zorg. Integrale zorg begint niet bij systemen die we beter moeten ontwerpen, maar bij relaties die we serieuzer moeten nemen. Of, om het scherper te zeggen: zolang we diensten blijven leveren, zullen we nooit echt levens kunnen ondersteunen.
Caroline van Dullemen is socioloog en docent bestuurskunde aan de Vrije Universiteit
Foto: Kampus Production via Pexels.com