De vraag is hoe het komt dat we zo weinig omzien naar kwetsbare mensen. Opkomen voor de kwetsbaren in de samenleving is immers één van de pijlers van de beschaving. Dit is niet voorbehouden aan moslims en christenen voor wie dit een religieuze pijler is. Ook in seculiere samenlevingen is hier genoeg over geschreven.
In A Theory of Justice van John Rawls wordt een moderne maatschappij gekenmerkt door een sociaal contract waarin rationele individuen de rechtvaardigheidsbeginselen bepalen die hun samenleving moeten besturen. In die wereld heeft iedereen gelijke basisvrijheden en is economische ongelijkheid alleen toelaatbaar als deze ten goede komt aan de minst bedeelden van de samenleving.
Als het van links tot rechts vanzelfsprekend lijkt, waarom doen we het dan zo slecht?
Voor wie Rawls te links vindt: in liberale kringen is de notie van het welbegrepen eigenbelang populair. Het smaldeel der VVD’ers dat nog boeken leest, laaft zich aan de negentiende-eeuwse Franse filosoof De Tocqueville die beargumenteerde dat opkomen voor kwetsbaren in het belang van iedereen is.
Als het politiek van links tot rechts vanzelfsprekend lijkt, waarom doen we het dan zo slecht?
Laten we eerst eens beginnen met twee argumenten die verleidelijk lijken maar onjuist zijn. Om te beginnen leven we niet in een individualistische samenleving zoals iedereen lijkt te denken. Voor een West-Europees land scoort Nederland juist heel goed op dat vlak. En ten tweede komt het ook niet omdat kwetsbare mensen niet goed vertegenwoordigd zijn, want dat was altijd al zo. Ik zie vijf andere redenen.
1. Versnippering
In de loop der jaren is onze welvaartsstaat steeds ingewikkelder geworden en vooral ook heel erg versnipperd. Voor mensen met meerdere uitdagingen betekent dat vaak bureaucratie en het sturen van heel veel kastjes naar heel veel muren en vice versa. Doorgaans betreft het hier mensen die de weg door het oerwoud niet gemakkelijk weten te vinden.
2. Anti-woke sentimenten
Opkomen voor rechtvaardigheid is uit de mode voor een groeiende groep mensen die dit maar woke vinden. Het absolute dieptepunt waren uitlatingen van voormalig BBB-staatssecretaris Gouke Moes, die een hakenkruis op een regenboogzebrapad probeerde te vergoelijken met bothsideism. Anti-woke sentimenten leiden er zelfs toe dat er betonblokken bij Pride evenementen worden neergelegd.
3. Migratie als eeuwig thema
Nu niet alleen extreem rechtse partijen op hun rituele migratietrom slaan, maar heel veel partijen politiek garen denken te spinnen over de hoofden van asielzoekers, is een redelijk beleid op dit vlak ingewikkeld. Illustratief is het meer dan schandalige gedrag van ministers Dilan Yesilgöz en Ruben Brekelmans naar aanleiding van Ceuta. Ik heb nog geen excuses gezien voor hun ‘fophef’ en het basale onfatsoen in de richting een bevriende lidstaat als Spanje.
Een detail: het incident is ontstaan door de massale verspreiding van nepnieuws, vermoedelijk verspreid door rechts extreme groeperingen en Rusland. Het overgrote deel van de mensen was binnen een paar dagen weer terug in Marokko. Het huidige politieke sentiment kan ook leiden tot het bekladden van huizen van onschuldige mensen die een poster van Vluchtelingenwerk Nederland voor het raam hebben hangen.
Iedereen weet dat je het kerstmenu niet met de kalkoen moet bespreken
4. PxQ
PxQ is beleidsjargon voor productiefinanciering. Vooral in de ggz en de jeugdzorg kan dit leiden tot perverse prikkels en wachtlijsten waar de meest kwetsbaren het slachtoffer van worden. Een voorbeeld: jeugdzorginstellingen hebben een prikkel om kinderen eerder en langer te behandelen dan nodig, met slechtere uitkomsten voor die kinderen en hun ouders. Ander voorbeeld: lichte ggz is financieel aantrekkelijker dan zware ggz, zodat ggz-instellingen een prikkel hebben om zich daarop te focussen en ze mensen die echt ggz nodig hebben in de kou te laten staan.
5. Poldermodel
Het beleid en toezicht op misstanden is ver onder de maat. De inspectie op uitbuiting van kennismigranten laat te wensen over. Fatsoenlijk asielbeleid wordt bewust gesaboteerd. Bij begeleid wonen en jeugdzorg zien we het ene na het andere rampzalige incident, maar instellingen worden zelden aangepakt.
Beleidshervormingen moeten in de beste poldertraditie geheel gedragen worden door de sector zelf, al weet iedereen dat je het kerstmenu niet met de kalkoen moet bespreken. Nu ben ik erg voor toezicht gebaseerd op leren en ontwikkelen in plaats van afvinklijstjes, maar bij (grove) incidenten geldt die logica niet: high trust high penalty, want anders leidt vrijheid tot vrijblijvendheid. Of erger, tot herhaalde misstanden met kwetsbare burgers als slachtoffer.
Wij zijn met meer
Hoe krijgen we de geest weer in de fles? Uit bovenstaande kan geconcludeerd worden dat we het niet van de overheid of de politiek moeten hebben. Zoals vaak is de vraag aan de orde: wat kunnen we zelf? Best veel, want wij zijn met meer. Ik geef voorbeelden.
De hele straat besloot een regenboogvlag op te hangen
Sinds het incident met het bekladden van huizen is er een run op de posters van Vluchtelingenwerk Nederland. Ik heb er zelf ook een besteld. Voor een belaagd Syrisch gezin in Geesteren is binnen 24 uur 6000 euro opgehaald zodat ze een nieuwe auto kunnen kopen. In de Indische Buurt in Haarlem werd een jongen uit de lhbtiqa+ community onheus bejegend via een dreigbrief. De hele straat besloot vervolgens een regenboogvlag op te hangen. Eat that!
We moeten als samenleving ook niet meteen naar de ggz of jeugdzorg rennen bij ieder probleem. In Rotterdam Zorgvrijstaat laten ze zien hoe burgers zelf met mentale uitdagingen om kunnen gaan. Effectiever voor de kwetsbare mensen en ook nog goedkoper.
Sowieso is het goed om te investeren in zorgzame gemeenschappen omdat op die manier mensen minder snel kwetsbaar worden, eenzaamheid wordt teruggedrongen en de weerbaarheid toeneemt.
Kerken, moskeeën en mensen als Michelle van Tongerloo laten zien hoe je omgaat met daklozen, armen en ongedocumenteerden. Ook in moeilijke politieke tijden zijn er altijd praktische oplossingen en staan we niet machteloos aan de kant. Laten we dat niet vergeten.
Marcel Canoy is hoogleraar gezondheidseconomie en dementie aan de VU. Hij is daarnaast werkzaam bij VitaValley en bij de Autoriteit Consument & Markt (ACM).
Foto: Bas Bogers (Flickr Creative Commons)