Aanpak criminele families moet op de schop

Er zijn drie misverstanden bij de aanpak van criminele familienetwerken, zien de adviseurs Meike Lommers en Lars Merkus en hoogleraar Janine Jansen. Ze bepleiten meer aandacht voor de verstrengeling van daderschap, slachtofferschap en afhankelijkheid.

Er is toenemende aandacht voor wat vaak wordt aangeduid als criminele families. Maar wat zijn criminele families eigenlijk? Binnen het Landelijk platform aanpak uitbuiting in familienetwerken wordt nadrukkelijk gezocht naar taal die recht doet aan de complexiteit van de problematiek die achter de term schuilgaat. Wie uitsluitend in termen van criminaliteit spreekt, mist al snel wat er nog meer speelt: geweld, afhankelijkheid en controle binnen relaties.

Verstrengeling

De verwevenheid is niet nieuw. In onderzoek en praktijk groeit het inzicht dat huiselijk geweld en zware, georganiseerde criminaliteit elkaar niet uitsluiten, maar juist versterken en in elkaar grijpen. Binnen familienetwerken komen mensenhandel, dwingende controle en criminaliteit vaak samen, via uitbuiting, afhankelijkheid en gedragssturing.

Huiselijk geweld wordt nog te vaak benaderd als een sociaal of zorgvraagstuk

Het landelijk platform aanpak uitbuiting in familienetwerken zoekt naar een beter begrip van de verstrengeling van daderschap, slachtofferschap en afhankelijkheid, zonder terug te vallen op simplificaties. Hier bespreken we drie misverstanden en laten we zien wat nodig is voor een realistische en rechtvaardige aanpak.

  • Misverstand 1

In het publieke en bestuurlijke debat wordt zware, georganiseerde criminaliteit vaak gezien als een ernstiger probleem dan huiselijk geweld. Ondermijning, drugscriminaliteit en mensenhandel kregen de afgelopen jaren veel aandacht, middelen en bestuurlijke urgentie. Huiselijk geweld daarentegen wordt nog te vaak benaderd als een sociaal of zorgvraagstuk.

Dat onderscheid suggereert een rangorde die in de praktijk niet bestaat. Huiselijk geweld en zware criminaliteit zijn geen concurrerende fenomenen die tegen elkaar kunnen worden afgewogen, maar verweven realiteiten die elkaar in stand houden en versterken.

Wanneer huiselijk geweld als secundair wordt beschouwd, ontstaat een blinde vlek

Dwang, controle en dreiging vormen de onderliggende infrastructuur voor criminaliteit. Dit sluit aan bij het begrip dwingende controle, waarbij geweld, dreiging en afhankelijkheid systematisch worden ingezet om gedrag in criminele familienetwerken te sturen. Wat zich extern manifesteert als georganiseerde criminaliteit, is vaak geworteld in relationele verhoudingen waarin geweld genormaliseerd of verborgen is.

Wanneer huiselijk geweld als secundair wordt beschouwd, ontstaat een blinde vlek. Interventies richten zich dan primair op het bestrijden van strafbare feiten, terwijl de onderliggende afhankelijkheidsrelaties buiten beeld blijven. Dat beperkt niet alleen de effectiviteit van de aanpak, maar kan ook de onveiligheid van betrokkenen vergroten.

Een hiërarchische manier van kijken heeft morele en praktische gevolgen. Zij legitimeert impliciet dat niet elk geweld even dringend hoeft te worden aangepakt. In de praktijk betekent dit dat signalen van huiselijk geweld minder zwaar kunnen wegen in situaties waarin ook zware criminaliteit speelt.

Het doorbreken van dit misverstand vraagt om een fundamentele heroriëntatie. Niet de vraag welk probleem erger is, maar hoe verschillende vormen van geweld en criminaliteit met elkaar samenhangen, moet voorop staan. Alleen dan ontstaat ruimte voor een aanpak die recht doet aan de complexiteit van de werkelijkheid, die zowel slachtoffers beschermt als ondermijnende structuren effectief doorbreekt.

  • Misverstand 2

In beleid en uitvoering wordt vaak gedacht in duidelijke categorieën: iemand is dader of slachtoffer. Op basis daarvan wordt bepaald welke interventie passend is, straf, zorg, repressie of bescherming. Deze ordening biedt houvast, maar doet in veel gevallen geen recht aan de werkelijkheid. In de context van criminele netwerken en afhankelijkheidsrelaties lopen rollen vaak door elkaar heen.

Elke aanpak die uitgaat van een versimpeld beeld van dader of slachtoffer is gedoemd te mislukken

Bij mensenhandel of uitbuiting binnen familienetwerken is de rolvervlechting zichtbaar. Betrokkenen zijn onderworpen aan controle en worden ingezet voor het plegen van strafbare feiten. De klassieke scheiding tussen dader en slachtoffer maskeert de mechanismen die maken dat mensen in zulke netwerken functioneren zoals ze doen.

Dwang, loyaliteit, afhankelijkheid en dreiging beïnvloeden gedrag en beperken de handelingsruimte. Wanneer deze dynamiek niet wordt herkend, ontstaan er risico’s. Iemand die in eerste instantie als dader wordt gezien, kan uit beeld raken voor noodzakelijke zorg en bescherming. Bij slachtofferschap kan onvoldoende oog zijn voor de rol van iemand in het criminele netwerk.

Elke aanpak die uitgaat van een versimpeld beeld van dader of slachtoffer is gedoemd te mislukken. We moeten met andere woorden erkennen dat rollen situationeel en veranderlijk zijn en ons afvragen hoe de verschillende vormen van betrokkenheid, afhankelijkheid en verantwoordelijkheid zich tot elkaar verhouden. Alleen vanuit een bredere blik ontstaat ruimte voor interventies die zowel recht doen aan veiligheid als aan de onderliggende dynamiek.

  • Misverstand 3

Een hardnekkig idee in beleid en praktijk is dat mensen in criminele netwerken of gewelddadige afhankelijkheidsrelaties zelf de keuze hebben om eruit te stappen. Wie echt wil, zo is de gedachte, vindt een uitweg. Zo niet, dan wordt dat al snel geduid als gebrek aan motivatie, loyaliteit aan het netwerk of zelfs medeplichtigheid. Dit beeld miskent echter hoe beperkt de handelingsruimte vaak is. In gesloten netwerken spelen loyaliteit, angst voor geweld, sociale uitsluiting en verlies van bestaanszekerheid een grote rol. Uittreden betekent zelden alleen stoppen met criminaliteit. Het betekent vaak ook het verliezen van familie, identiteit of inkomen.

Controle beïnvloedt niet alleen wat iemand doet, maar ook wat iemand denkt te kúnnen doen

Daarbij komt dat controle zich niet altijd zichtbaar is. Zij kan subtiel en alomtegenwoordig zijn, via sociale druk, schaamte, dreiging of het voortdurend monitoren van gedrag. Deze dynamiek sluit aan bij het concept dwingende controle, waarin niet alleen gedrag maar ook percepties van keuzemogelijkheden systematisch worden begrensd.

Neem agency serieus

Controle beïnvloedt niet alleen wat iemand doet, maar ook wat iemand denkt te kúnnen doen. Wat professionals soms interpreteren als onwil om eruit te stappen, kan heel wel een teken zijn van de beperkte ruimte die mensen ervaren. Bovendien door de verantwoordelijkheid eenzijdig bij het individu te leggen, raakt uit beeld dat het bij criminele familienetwerken gaat om systeemdynamieken die niet door één persoon kunnen worden doorbroken.

Effectieve interventie vraagt meer dan het aanspreken op motivatie of eigen regie. Het vraagt om inzicht in de context, het verkleinen van afhankelijkheid en het organiseren van reële veiligheid. Het erkennen van beperkte keuzevrijheid betekent niet dat agency verdwijnt, maar dat deze serieus wordt genomen in de context waarin zij vorm krijgt. Alleen dan ontstaat ruimte om uitstappen daadwerkelijk mogelijk te maken.

Het doorbreken van misverstanden vraagt om andere woorden, en om een andere manier van kijken en handelen. Zolang we blijven denken in termen van hiërarchie, vaste rollen en individuele keuzevrijheid, blijven we symptomen bestrijden, maar laten we de onderliggende dynamiek intact. Dan blijft onzichtbaar hoe het aanzetten tot vaak het resultaat is van structurele dwang, controle en afhankelijkheid in plaats van een op zichzelf staande handeling.

Meike Lommers en Lars Merkus zijn als adviseur aanpak criminele uitbuiting binnen familienetwerken werkzaam bij het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid. Janine Janssen is lector Geweld in afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool en aan de Politieacademie. Zij is hoogleraar Criminologie & Rechtsantropologie aan de Open Universiteit. Tevens is zij hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de nationale politie.