Eerder dit jaar vroeg ik hier wat de plannen van het kabinet zouden gaan betekenen voor het inkomen van mensen met een arbeidsbeperking en wat er van de beloofde nieuwe politiek terecht zou komen.
Rampspoed
Inmiddels is het coalitieakkoord gepresenteerd, is er een nieuw kabinet, en ken ik het antwoord. De nieuwe regeerploeg wil de Participatiewet hervormen, met inzet op intensieve begeleiding, investeringen in gemeenschappen en samenwerking met (sociale) werkgevers. Vertrouwen is het uitgangspunt hierbij. Mensen die echt niet (meer) kunnen werken, zullen niet constant gevraagd worden om dat toch te doen.
Daarmee heb ik het positieve van de plannen wel benoemd. Voor de rest vormen de kabinetsvoorstellen een regelrechte ramp voor mensen met een arbeidsbeperking. Zo wordt de Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) afgeschaft voor nieuwe aanmeldingen. Mensen die al in de IVA zitten behouden hun uitkering.
Een aanname die vooral op politiek wensdenken is gebaseerd, met schrijnende gevolgen
Als dit plan door het parlement wordt aangenomen, dan vervalt de IVA over vier jaar. Vanaf dat moment kunnen mensen die nooit meer kunnen werken, bijvoorbeeld door een progressieve of terminale ziekte, geen beroep meer doen op de IVA. Ze kunnen straks alleen nog aanspraak maken op de Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten regeling (WGA).
De WGA is in 2006 opgesteld voor mensen die nu gedeeltelijk arbeidsgeschikt zijn, of nu volledig arbeidsongeschikt maar van wie verwacht wordt dat ze nog kunnen herstellen. Een aanname die vooral op politiek wensdenken is gebaseerd. Met schrijnende gevolgen. Met alleen een WGA is het bijvoorbeeld vrijwel onmogelijk om een hypotheek af te sluiten. En in de WGA is een re-integratieplicht met dus controle door UWV, die er in de IVA niet is. Mensen met ernstige ziektes hebben dan dus minder rust en zekerheid.
Kronkelgedachte
Verder staat in het coalitieakkoord dat de coalitie van D66, VVD en CDA de duur van de werkloosheidsuitkering (WW) per 2028 wil verkorten, van maximaal twee jaar tot maximaal een jaar.
Bizar: ‘Door een uitkering met de helft te verkorten, bied je meer rust en zekerheid’
Ik citeer uit het coalitieakkoord: ‘De WW-uitkering wordt hoger in het begin en verkort naar één jaar. Zo hebben werkenden meer financiële zekerheid en rust om snel passend nieuw werk te vinden.’ Ik hoef denk ik niet uit te leggen hoe bizar dit klinkt: ‘Door een uitkering met de helft te verkorten, bied je hem of haar meer rust en zekerheid.’
De verkorting van de WW heeft ook gevolgen voor mensen met een WGA-uitkering. In de eerste fase van de WGA wordt namelijk dezelfde systematiek toegepast als bij de WW. De hoogte en de duur van de uitkering wordt vastgesteld aan de hand van iemands arbeidsverleden. Dus als de WW verkort wordt naar een jaar, dan geldt dat ook voor de WGA-uitkering.
Daarna bepaalt UWV of iemand in aanmerking komt voor een WGA-loonaanvullingsuitkering of een WGA-vervolguitkering. In welke uitkering je dan komt, hangt af van hoeveel iemand volgens UWV in theorie kan verdienen met werk, en van hoeveel diegene daadwerkelijk verdient. Als je te weinig verdient volgens UWV, dan kom je in de zeer sobere vervolguitkering. Met een uitkering die (fors) lager is dan het sociaal minimum. (Er kan bij UWV dan wel een toeslag worden aangevraagd, tot het sociaal minimum.)
Door de geplande verkorting van de WW zullen meer mensen een beroep gaan doen op de Participatiewet, de bijstandswet sinds 2015. En dit terwijl gemeenten al jarenlang te weinig geld van het Rijk ontvangen om de deze wet naar behoren uit te voeren en mensen te kunnen ondersteunen naar werk toe.
Sociaal ondoordacht
Een derde voorstel uit het pakket maatregelen dat deze coalitie wil gaan nemen, is minstens zo sociaal ondoordacht. Ik doel hier op de verlaging van het maximum dagloon. Dat is het maximumbedrag dat UWV gebruikt om de hoogte van uitkeringen te berekenen, zowel bij WIA, WAO, WW, Ziektewet en WAZO.
Verlaging van het maximum dagloon moet mensen prikkelen om weer aan de slag te gaan
Dat bedrag is nu 304,25 euro bruto per dag. Als het aan het kabinet ligt, wordt dat maximum vanaf 2029 met 20 procent verlaagd. Dat betekent voor mensen met een uitkering op maximumniveau, maandelijks 926 euro bruto minder inkomen.
Verlaging van het maximum dagloon moet mensen prikkelen om weer aan de slag te gaan, aldus het kabinet. Opvallend overigens is dat dit voorstel niet in het coalitieakkoord staat, maar alleen in de budgettaire bijlage wordt genoemd. Nog net niet in de kantlijn, zeg maar. Hoe je moet gaan werken als je door een progressieve ziekte niet meer kan werken, of hoe je je hypotheek verder moet betalen, vertelt het kabinet er dan weer niet bij.
Politieke blindheid
Als er bezuinigd moet worden, snijdt de politiek nooit in eigen vlees. Ze kijkt vooral naar regelingen waar politici zelf geen gebruik van maken. Dat gebeurt omdat politici geen idee hebben van wat het betekent om van een UWV-uitkering te moeten leven. Ze kennen niet de angst, stress en onzekerheid die gerommel aan meestal niet al te florissante uitkering met zich meebrengen voor mensen die er afhankelijk van zijn.
De meeste mensen met een uitkering willen dolgraag werken. Die hoeven niet geprikkeld te worden: ze hebben immers altijd al gewerkt. Ze hebben juist steun nodig vanuit de politiek om bijvoorbeeld vooroordelen weg te nemen bij werkgevers. Die staan nog te weinig open voor werknemers met een arbeidsbeperking. En dit nieuwe kabinet doet het niet veel beter: het ziet mensen met een arbeidsbeperking vooral als een kostenpost waarop fors bezuinigd kan worden.
De nieuwe politiek van dit kabinet is gewoon weer oude politieke wijn in nieuwe zakken.
Nico Blok is OmbudsSpits bij Onbeperkt aan de Slag, een organisatie die zich inzet voor een inclusieve arbeidsmarkt. Onbeperkt aan de Slag organiseert onder meer ontmoetingen tussen werkzoekenden met een arbeidsbeperking en werkgevers. Alle werknemers bij Onbeperkt aan de Slag hebben ook een arbeidsbeperking.
Foto: Images Money (Flickr Creative Commons)