Waarom curatieve zorg een rol kan spelen in sociale relaties

De kritiek van de beroepsvereniging van sociaal werkers op het advies van de RVS over sociale verbondenheid in de zorg gaat voorbij aan de centrale boodschap. RVS-raadsleden Pieter Barnhoorn en Floortje Scheepers, lichten dit toe.

Het advies Gezond verbonden van de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS) zou volgens Jan Willem Bruins een slordig verhaal zijn over samenwerking tussen zorg en welzijn. Een stevige kwalificatie die vooral de vraag oproept wie of wat slordig is: het advies of de lezer. Wie het advies zorgvuldig leest, ziet namelijk een pleidooi om ook in de curatieve zorg de kansen te grijpen die sociale verbondenheid biedt.

Gezondheid wordt, zeker in de curatieve zorg, nog te vaak benaderd als een individuele aangelegenheid, terwijl al lang duidelijk is dat sociale verbondenheid een belangrijke determinant van gezondheid is.

Mensen met sterke sociale relaties leven langer, herstellen beter, en ervaren meer kwaliteit van leven. Tegelijkertijd weten we dat een gebrek aan sociale verbinding – eenzaamheid, isolatie, het ontbreken van steun – serieuze gezondheidsrisico’s met zich meebrengt.

Het advies betoogt niet dat er weinig expertise is over het werken aan sociale verbondenheid

Dat is geen nieuw inzicht. In het sociaal domein en in het sociaal werk wordt hier al decennia op gewezen. Het bevorderen van sociale relaties, het versterken van netwerken en het ondersteunen van gemeenschappen behoort tot de kern van het vak. We zijn het met Jan Willem Bruins eens dat daar veel expertise ligt.

Maar daar gaat het advies van de RVS nou precies niet over. Het advies betoogt niet dat er weinig expertise is over het werken aan sociale verbondenheid. Sociaal werkers bewijzen dagelijks, ook in de zorg, het tegendeel. De kern is wel dat met name de curatieve zorg meer oog kan hebben voor het belang van sociale relaties voor gezondheid. Want daar is nog een wereld te winnen.

Over disciplines heen

In de medische praktijk ligt de nadruk begrijpelijkerwijs op individuele diagnose, behandeling en herstel. Daardoor verdwijnt de sociale context van patiënten echter gemakkelijk naar de achtergrond. Terwijl juist de context vaak cruciaal is voor herstel, therapietrouw en kwaliteit van leven.

Een longarts is geen verslavingsarts, maar zal patiënten met klem adviseren om te stoppen met roken

Hoewel sociaal werkers de experts zijn op het gebied, betekent dat niet dat sociale verbondenheid uitsluitend hun domein is. Internisten of huisartsen zijn geen diëtisten. Toch hoort het bij hun werk om aandacht te besteden aan voeding en gezonde leefstijl. Een longarts is geen verslavingsarts, maar zal patiënten met klem adviseren om te stoppen met roken, en zo nodig doorverwijzen voor ondersteuning. Een specialist ouderengeneeskunde is geen wijkverpleegkundige, maar wijst wel op het belang van goede wondverzorging.

In al deze gevallen geldt: professionals blijven binnen hun eigen expertise, maar erkennen dat gezondheid breder is dan hun eigen discipline. Voor sociale verbondenheid zou dat niet anders moeten zijn.

Toegevoegde waarde

Wanneer een arts patiënten met vergelijkbare klachten met elkaar in contact brengt, wanneer naasten actief worden betrokken bij een behandeling of wanneer groepsconsulten worden georganiseerd, dan nemen zorgprofessionals het werk van sociaal professionals niet over. Zij creëren simpelweg een vruchtbare bodem waarop sociale relaties kunnen bijdragen aan herstel en gezondheid.

Die sociale kennis kan in de zorgpraktijk veel meer worden benut

Dat zij daarbij veel baat kunnen hebben bij de kennis van, en de samenwerking met het sociaal domein spreekt voor zich. Sociaal professionals weten hoe netwerken functioneren, hoe groepsdynamiek werkt en hoe mensen met elkaar verbonden kunnen worden. Die sociale kennis kan in de zorgpraktijk veel meer worden benut.

Juist daar ligt de toegevoegde waarde van het RVS-advies. Het laat zien dat zorginstellingen plekken zouden kunnen zijn waar sociale verbinding bijdraagt aan gezondheid. Niet omdat zorgverleners sociaal werkers moeten worden, maar omdat gezondheid altijd ook een relationele dimensie heeft.

Gezamenlijke opgave

De uitdaging is dus niet om te bepalen wie eigenaar is van sociale verbondenheid. De uitdaging is om te erkennen dat gezondheid gebaat is bij gezonde sociale relaties – en dat verschillende professionals daar ieder op hun eigen manier aan kunnen bijdragen.

In die zin is het jammer dat de discussie over het advies zo snel verzandt in de vraag of sociaal werk wel voldoende erkenning krijgt. Die vraag is historisch gezien begrijpelijk, maar helpt niet om tot verandering te komen.

De echte vraag is hoe we ervoor kunnen zorgen dat sociale verbondenheid een vanzelfsprekend onderdeel wordt van goede zorg. Daar ligt een gezamenlijke opgave. Voor zorgprofessionals, voor sociaal professionals en voor beleidsmakers. Niet door het werk van elkaar over te nemen, maar door elkaars expertise beter te benutten.

Pieter Barnhoorn en Floortje Scheepers zijn lid van de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving en coauteurs van het advies Gezond Verbonden

 

Foto: Cokniti Khongchum via Pexels.com

Reacties 2

  1. Ik kan er geen touw aan vastknopen waar dit überhaupt over gaat. Wat ik wel wil zeggen is of er iemand op de rem kan trappen nu iedere Academicus te pas en te onpas de woorden duurzaamheid en verbinding gebruikt. Of het nu om cactussen gaat of om eskimo’s of om wegwerp dildo’s, overal wordt verbinding gezocht. Alleen Kolosse 1:16-17 leert ons wat echte verbinding is. Onlangs zag ik een foto van een hele karavaan van toeristen op de Mount Everest. Dat zijn waarschijnlijk de verbindingsmensen die nep verbinden.

  2. Nou niet mee eens om dat op te dringen. Wat er in “Gezond verbonden” staat kan juist schadelijk zijn. Groepstherapie is echt niet weggelegd voor mij als empathisch zijnde en de emoties van anderen oppak en dit erg energie zuigend is, en dus mijzelf niet voldoende kan helpen. 2: Dit is voor slachtoffers van narcistisch mishandeling en de “zondebok zijn” ook te overweldigend en onveilig, hier moet eerst vertrouwen ontstaan op rustig tempo. Daarnaast ben ik introvert en HSP’er en meer gericht op 1 op 1 en stap voor stap en is het echt voor mij niet goed om in een groep te zetten.
    Later staat er wel één op één verbinding en ik vind ook dat daar echt rekening mee moet worden gehouden. Maar emotionele/narcistische mishandeling wordt weer vergeten, alleen fysiek en seksueel, dat sluit mij buiten die te maken heeft gehad met narcistische mishandeling (dat is ouderwets), NPS bestaat al heel lang en daar zijn ook slachtoffers van, mensen met NPS zoeken vaak geen hulp en gaan in ontkenning, doen aan dwingende controle en is dus een belangrijke groep, ook kan hier wurging bijzitten (non fatal strangulation) wat een voorbode kan zijn voor meer geweld en femicide maar ook bij een kind kan dit gebeuren (ben zelf slachtoffer geweest toen ik 9 jaar was en heb er hersenschade van gehad en nierfalen, – dit kan omdat langdurig zuurstoftekort alle organen treft en vooral die gevoelig zijn voor hypoxie zoals de nieren en lever… Hier zouden zorgprofessionals en politie alert op moeten zijn, vragen naar wurging en eventuele symptomen. (deze groep moet je dus niet terug sturen om contact te zoeken met familie en gebroken vrienden, wat helaas nog vaak gebeurt en risicovol kan zijn. Vaak zijn deze gebroken vrienden namelijk niet veilig gebleken vanwege victim blaming of zelfs verlengstuk zijn geworden van de dader/ouder.

    Met lotgenoten kan dat ook nog te snel triggeren en ik heb er geen goede ervaringen mee als diezelfde lotgenoten geen rekening houden met dat ‘elke ervaring anders is’ en defensief reageert en je opnieuw trauma hebt opgelopen of zelfs “victim blaming”

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *