Bestuurswetenschap in wereld zonder waarheid

Bevlogen wetenschappers zijn meer dan ooit nodig om het Schip van Staat op koers te houden, zegt Willem Trommel bij zijn afscheid als hoogleraar Bestuurskunde aan de VU. Hij roept op tot activisme.

Vandaag pak ik mijn biezen, maar niet omdat ik denk dat de rol van mijn vak is uitgespeeld, integendeel. Juist nu de democratische besluitvorming wordt geteisterd door stelselmatige misleiding en desinformatie, moet de bestuurswetenschappelijke missie nieuwe glans krijgen. Kan dat? Hoe dan? Dat zijn de vragen die ik in mijn afscheidsrede ga bespreken.[1]

Zwaar weer

Voordat ik hierop inga, lijkt het me nuttig een korte aanloop te nemen. Hoe is het eigenlijk gesteld met de actuele wereld van politiek, beleid en bestuur? Niet best, hoor ik u meedenken, de lijst hoofdpijndossiers wil maar niet krimpen. Wooncrisis, klimaatverandering, stikstof, energietransitie, zorgkosten, immigratie en zo nog meer.

Maar wat als de gemeenschap verkruimelt, uit elkaar valt, geen gemeenschapszin meer ervaart?

Het Schip van Staat, een begrip ontleend aan Plato, verkeert in zwaar weer. In een liberale democratie is het de gemeenschap die het politieke gezag voert. Maar wat als de gemeenschap verkruimelt, uit elkaar valt, geen gemeenschapszin meer ervaart? Dan moeten we sturen zonder een wij, een moeizame zo niet onmogelijke exercitie.

Een tweede probleem is dat het Schip van Staat haar bestemming uit het oog is verloren. Hadden we ooit de grote vergezichten - socialisme, liberalisme en christendemocratie - momenteel is sprake van een ideologisch tekort. Waar we heen gaan, we weten het niet meer. De staat werd de afgelopen decennia een bedrijf, met doelmatigheid als hoogste goed. Dit neoliberalisme is moreel leeg, en vastgelopen. Wat resteert, zijn gemankeerde ideologieën. Solidariteit? Jawel, maar uitsluitend met het eigen volk. Liberale vrijheden? Jawel, maar vooral voor hen die zich kunnen verschansen in Fort Europa.

Als de kapitein in een identiteitscrisis verkeert, en de bestemming in nevelen is gehuld, dan is het de vraag of het nog wel zin heeft om over een vaarplan, van oudsher het domein van de bestuurswetenschap, nog na te denken.

Voorbij de waarheid

Als de politiek verzaakt en geen richting geeft, ontstaan initiatieven om tastend en zoekend pragmatische antwoorden te vinden op maatschappelijke problemen. Zo gek is het dus niet om toch met vaarplannen bezig te zijn. Waar de politieke gemeenschap de weg kwijt is geraakt, kunnen kennis en inzicht immers richting geven.

We worden echter steeds vaker geconfronteerd met leiders die misleiden

Maar dan stuiten we tegenwoordig op het probleem dat feiten speelbal zijn geworden van leugen en bedrog. Experts kunnen nog zo hun best doen het klimaatprobleem te doorgronden, maar wat als het probleem simpelweg wordt ontkend? Dan wordt een vaarplan potsierlijk en verliest het Schip van Staat haar laatste baken.

Als kinderen van de Verlichting hebben we geleerd ons oordeel over de wereld te ontlenen aan zorgvuldige waarneming en redelijk nadenken. We worden echter steeds vaker geconfronteerd met leiders die misleiden. Met influencers die sprookjes vertellen, en systemen die leugens fabriceren, verspreiden en verwerkelijken. Daardoor zijn er drie maatschappelijke dimensies ontstaan in het denken over waarheid. Allereerst is er de zwendelsamenleving, dan is er de sceptische samenleving en tenslotte is er de redeloze samenleving. Afzonderlijk en in onderlinge samenhang bedreigen deze vormen van post-truth de mogelijkheid van rationeel democratisch bestuur.

Zwendelsamenleving

Zwendel is van alle tijden, maar er is iets nieuws aan de hand. Er is een technologie beschikbaar gekomen die vrij eenvoudig de suggestie van waarheid en waarachtigheid kan genereren. Of het nu gaat om een nieuwsbericht, een kunstuiting, een wetenschappelijk onderzoek of een foto, de echtheid ervan is in de zwendelsamenleving niet meer zeker. Technologie maakt het mogelijk, (hyper)kapitalisme is de belangrijke aanjager. Met misleiding valt grof geld te verdienen. Het sjoemelen zit goed verstopt. Sensationele fake berichten lokken je naar sites waar influencers klaar staan om het geld uit je zakken te kloppen.

Politieke macht is een andere prominente aanjager. Het loont om met leugens het opinieklimaat te beïnvloeden, te interveniëren in buitenlandse verkiezingen, of eenvoudigweg voor maatschappelijke verwarring en ophef te zorgen.

Achterdocht begint de norm te worden in het sociale verkeer

Zwendel heeft via algoritmische verspreiding en vermenigvuldiging een enorme vlucht genomen en is inmiddels gemeengoed geworden. Een eerste consequentie lijkt te zijn dat we ons vermogen verliezen het eens te worden over de aard van de sociale werkelijkheid. In termen van Habermas’ democratietheorie betekent dit dat de publieke sfeer verdampt, en daarmee de open en eerlijke uitwisseling van argumenten.

Een tweede ingrijpend gevolg is de opbloei van wat we een low trust society plegen te noemen. Empathie en wederzijds vertrouwen maken plaats voor een argwanend mens- en wereldbeeld. Achterdocht begint de norm te worden in het sociale verkeer.

Gestaag groeit zo een cultuur waarin onoprechtheid eerder regel dan uitzondering is. Als Donald Trump zijn zoveelste aperte leugen opdist, lijkt zijn aanhang niet geschokt of beschaamd, maar eerder verheugd over zoveel moed. De zwendel is de schaamte voorbij en wordt langzaamaan gewoon.

Sceptische samenleving

In de zwendelsamenleving delen bedriegers en bedrogenen min of meer dezelfde opvatting van waarheid, die in de wetenschapsfilosofie wel wordt aangeduid als de correspondentieleer. Een uitspraak is waar wanneer deze correspondeert met een waargenomen toestand in de werkelijkheid. We zien echter een groeiende scepsis over gevestigde waarheden. We geloven nog wel in waarheid, maar verstaan daar niet perse hetzelfde onder en wantrouwen de gangbare institutionele bronnen van ware kennis.

Welbeschouwd gaat die achterdocht terug op een serieuze traditie in de sociale wetenschappen, die van de kritische theorie. Meer dan vijftig jaar geleden legden Herbert Marcuse, Max Horkheimer en Jürgen Habermas uit dat uitspraken over de sociale werkelijkheid niet zelden halve waarheden bevatten. Gehalveerde rationaliteit noemden zij dat.

Het scepticisme bevindt zich nu vooral aan de rechterkant van het politieke spectrum

De kritische school relateerde de productie van sociale feiten aan de kapitalistische inrichting van de samenleving en werd destijds een belangrijke inspiratiebron voor de linkse goegemeente. De verbeelding moest aan de macht komen. Immers, als de maatschappelijke werkelijkheid een product was van macht, dan zouden er ook andere werkelijkheden kunnen bestaan, andere waarheden.

Het scepticisme bevindt zich nu vooral aan de rechterkant van het politieke spectrum. De nieuwe sceptici menen dat we heimelijk worden geregeerd door links-globalistische elites die langzaam maar zeker alle belangrijke instituties in hun greep hebben gekregen. Het staatsapparaat, de rechterlijke macht, het onderwijs, de media: overal zouden hun halve en halfzachte woke waarheden klinken, gevoegd bij een globaliseringsagenda die de opheffing van natiestaten najaagt.

Ik wil het hier niet hebben over de ongeloofwaardigheid van het nieuwe scepticisme, maar over het feit dat er nog maar weinig kritisch onderzoek plaatsvindt naar de werking van macht. Dat heeft alles te maken met de wijze waarop de wetenschap de afgelopen decennia werd georganiseerd en gefinancierd. Kennis moest vooral nuttig en bruikbaar zijn.

Redeloze samenleving

De radicaalste variant van de post-truth wereld is de redeloze samenleving. Het is de variant waarin weinig of geen waarde aan waarheid wordt toegeschreven. Ook hier is er een link met klassieke filosofische denkrichtingen. In de negentiende eeuw werden in de geneeskunde ideeën ontwikkeld die zich verzetten tegen de wetenschappelijke, mechanistische benadering van leven. In het vitalisme wordt een onstoffelijke levensvonk verondersteld, een kracht die doet leven, een levensdrift, een ziel.

Het vitalisme vinden we vandaag de dag, danig verminkt, terug in extreemrechtse kringen

Dit denken verloor in de medische wetenschap geleidelijk terrein, maar in de filosofie, ethiek en sommige takken van de menswetenschap speelt het vitalisme tot op de dag van vandaag een rol. De filosofie van Friedrich Nietzsche heeft daartoe belangrijke aanzetten gegeven.[2] Nietzsche verkondigde de dood van God; de mens en zijn wetenschap hadden hem vermoord. En zo was er geen ijkpunt meer voor de moraal. In zekere zin heel goed, zo vond Nietzsche, want het christendom had vooral een weke slavenmoraal voortgebracht, waarin lijdzaamheid en zwakte als deugden gelden. Met de dood van God moest er een nieuwe moraal komen, door de mens zelf te bepalen.

Vitalisme

Wetenschap kon zo’n moraal niet bieden, want het zoeken naar kennis, vanuit de zogenaamde wil tot waarheid, is fundamenteel anders dan het zoeken naar het goede. Nietzsche redeneerde dat de nieuwe moraal gevonden moest worden in menselijke kracht, tegenover de slapheid van de christelijke moraal. In die de wil tot macht zouden klassieke deugden als moed en strijdlustigheid een herwaardering ondergaan. Waarheid is waardeloos, als het gaat om een vurig en vitaal leven.

Het vitalisme vinden we vandaag de dag, danig verminkt, terug in extreemrechtse kringen, zoals alt-right in de Verenigde Staten en in Nederland bij de soevereinen en bij Forum voor Democratie. Gepaard aan die ontwikkeling, zien we dat we in de zwendelsamenleving niet meer zeker kunnen zijn of uitingen waar en waarachtig zijn. Dat in de sceptische samenleving gevestigde waarheden worden uitgedaagd en alternatieve waarheden het licht zien. En dat in de redeloze samenleving waarheid niet langer geldt als prominente waarde.

Politieke en economische motieven bevorderen zwendel, aanzwellende onzekerheid over globalisering en de macht van elites voeden de scepsis, en een virulent vitalisme ondermijnt ten slotte de wil tot waarheid. Deze ontwikkelingen grijpen op elkaar in, mede omdat ze dezelfde aanjager delen, namelijk de informatietechnologie en in het bijzonder de artificiële intelligentie. Slimme, zelflerende algoritmes die frauduleuze representaties van de werkelijkheid vervaardigen, verspreiden en vervolgens verwerkelijken, in een razend tempo en op steeds grotere schaal.

Waarheid blootleggen, waar eigenbelang en ideologische dwaalwegen de blik vertroebelen

De vraag is of beleids- en bestuurswetenschappen hierop met wijsheid kunnen reageren. De Noord Amerikaanse politicoloog Aaron Wildavsky vatte de missie van het vakgebied samen als speaking truth to power. Ofwel: mensen in machtsposities voorhouden hoe de probleemwerkelijkheid in elkaar steekt.

Oproep tot activisme

Waarheid blootleggen, waar eigenbelang en ideologische dwaalwegen de blik vertroebelen. Willen beleids- en bestuurswetenschappen deze missie vervolgen – ze zouden dat beslist moeten willen - dan moeten ze activistisch worden, om te verdedigen wat dezer dagen zo hevig wordt aangevallen.

Dat activisme zou op verschillende manieren vorm kunnen worden gegeven.

  • In het licht van de zwendelsamenleving kan de bestuurswetenschap nog meer aan fact checking gaan doen. Nu gebeurt dat vooral door geëngageerde journalisten en burgerorganisaties zoals Bellingcat en Global Witness. Input vanuit onze tak van wetenschap kan helpen waarheidsvinding in de wereld van politiek, beleid en bestuur te bevorderen en te verankeren in hiertoe op te zetten instituten. Met daarbij de uitdagende onderzoeksvraag hoe aan deze instituten uitstraling, gezag en legitimiteit kan worden verleend.

Daarnaast zou het klassieke bestuurskundig thema van reguleringsvraagstukken nieuw leven moeten worden ingeblazen, met name voor het internet. Hoe kan het bestaan dat ophef een verdienmodel is geworden, dat bedrijven jongeren betalen om klinkklare onzin te verkopen, dat we valse identiteiten toestaan leugens en haat rond te pompen, dat vitale informatiestromen niet afgeschermd zijn van kwaadaardige en criminele netwerken. Het internet heeft dringend herontwerp nodig, waarbij de publieke functie ervan recht wordt gedaan met vormgevingsprincipes die de perverse verdienmodellen verdringen. We hebben het hier over publieke infrastructuur en daar weten bestuurswetenschappers wel raad mee, dacht ik.

  • Een stap verder op de activistische agenda brengt ons bij de sceptische samenleving. De aanpak hier is niet om aanhangers van alternatieve waarheden honend op hun ongelijk te wijzen maar om serieus kritisch onderzoek te doen naar de relatie tussen macht en kennisproductie. Dan komt vanzelf wel bovendrijven dat het niet de linkse elites zijn die een monopolie op de waarheid hebben gevestigd, maar dat het langzamerhand veeleer techbedrijven zijn die de wereld definiëren. Big Tech, met haar duizelingwekkende miljarden, haar omvangrijke lobbynetwerk, de wurgcontracten, het inzicht in al ons doen en laten en denken, haar vermogen de politieke agenda te dicteren.

Strijd voeren tegen de redeloosheid, waar dat maar kan en nodig is

Kritisch onderzoek doen, is één kant van het wetenschappelijk activisme. De andere kant bevindt zich nadrukkelijker aan de activistische kant. Strijd voeren tegen de redeloosheid, waar dat maar kan en nodig is. Overigens is het dan wel gewenst dat sociale wetenschappers ook zelf uitstralen waarde te hechten aan waarheidsvinding. Dat is in de afgelopen decennia nog wel eens anders geweest.

Wijs besluit

Strijd voeren dus, zoals ook de Verlichting in de zeventiende en achttiende eeuw begon als een activistische beweging die ijverde voor de emancipatie van rede en wetenschap, voor tolerantie en vrijheid van denken en spreken. Maar ik pleit niet voor een herhaling van zetten, maar om een verlichting van de Verlichting, om het in de cryptische taal van de kritische school te zeggen.

De eerste Verlichting draaide vooral om de instrumentele rede, om doelrationaliteit in plaats van waarderationaliteit. Dat heeft de mensheid veel gebracht, maar de nieuwste loot aan deze stam, de informatietechnologie, lijkt ons terug te voeren naar de duisternis, naar een wereld die we weliswaar zelf hebben gemaakt, maar niet meer doorgronden, met zelflerende algoritmes die hun eigen goddelijke gang gaan, en met de terugkeer van mythisch denken, alternatieve waarheden, complotten en vitalistische redeloosheid.[3]

De tweede Verlichting moet de instrumentele rede inbedden, aan de hand van wat Jurgen Habermas de communicatieve rede heeft genoemd, verwijzend naar het vermogen van mensen een gedeeld, waardegeladen begrip van de werkelijkheid op te bouwen. Wederopbouw van dit vermogen zou onze nieuwe politieke bestemming kunnen zijn, en de wereldwijde verbinding tussen mensen die zich hieraan wijden het nieuwe wij.

Technologie, mits losgeweekt van Big Tech, zou daarbij kunnen helpen. Denk aan al die internetplatforms die gelijkgestemde mensen over de grenzen heen verbinden en zich toeleggen op doelen als gelijkheid, duurzaamheid, menswaardigheid. Nieuwe bootjes die zich razendsnel langs het dobberende Schip van Staat manoeuvreren, om alsnog een sociaal-politiek verschil te maken. Nieuwe entiteiten en identiteiten met een verlichtingsoogmerk. Lichtpuntjes.

De communicatieve rede, zo leerde ik als student sociologie, berust noodzakelijkerwijs op idealisme. Immers, als we veronderstellen dat alleen het beste argument telt, dan kunnen we niet anders dan veronderstellen dat er een samenleving mogelijk is waarin misleiding, intimidatie, brute kracht structureel zijn uitgebannen, of in ieder geval in toom gehouden worden. Communiceren is anticiperen op een machtsvrije samenleving. Ik vond het destijds een eyeopener en in de dreigende context van vandaag, alsnog een hoopvolle constatering. En, zo u wilt, een wijs besluit van mijn loopbaan aan de VU.

Dit artikel is een door Jan van Dam ingekorte versie van de rede waarmee VU-hoogleraar Beleid en Bestuur Willem Trommel op 2 april 2026 afscheid nam.

 

[1] Deze rede berust op inzichten die ik eerder naar voren bracht in de afscheidsbundel voor ex-collega Romke van der Veen (Verdeel en beheers, 2025) en in een paper gepresenteerd op de conferentie The Global Rise of Post-Truth, Sapienza University, Rome, 18-20 september 2025. Met dank aan Aad Sosef voor enkele rake observaties.

[2] Sue Prideaux (2018) schreef een prachtige biografie over Nietzsche, met de veelzeggende titel Ik ben dynamiet. De biografie biedt naast een sfeervol levensverhaal een goede kennismaking met de ideeën van de man.

[3] De Amerikaanse staatsman Henry Kissinger schreef hierover op 95-jarige leeftijd een prikkelend essay: How the Enlightenment ends. In The Atlantic, june 2018 issue.

 

Foto: RDNE Stock Project via Pexels.com