Wensdenken over wijkteams kan een illusie worden

Het is naïef als gemeenten op voorhand denken dat decentralisaties en een aanpak met wijkteams goedkoper zullen zijn. Daar komt bij dat zodra professionals bij mensen over de vloer komen zij juist niet hun netwerk inschakelen. Jos van der Lans waarschuwt voor wensdenken.

Een van de grootste problemen van de decentralisaties is dat ze een stevige impuls hebben gegeven tot een virusachtige vorm van wensdenken. Kort en goed komt dat neer op de gedachte dat we de gevolgen van de decentralisaties en de bezuinigingen kunnen trotseren als mensen minder een beroep doen op voorzieningen en meer gebruikmaken van de mogelijkheden en krachten die in hun omgeving of – algemener – in de samenleving liggen opgesloten. Sociale wijkteams moeten het vehikel worden om dit voor elkaar te krijgen.

Problematisch hieraan is dat in de beleidsnota’s hier iets als vanzelfsprekend wordt voorgesteld, terwijl het in feite om een werkelijkheid gaat die nog moet worden beproefd en die bovendien niet zonder risico’s is. Dat is dus wensdenken. Zo is het naïef om op voorhand te denken dat deze aanpak goedkoper zal zijn. Uit ervaring weten we immers dat wie zorgprofessionals dichter bij mensen situeert, het beroep op hen zal doen vergroten. Er is dus een gerede kans dat sociale wijkteams binnen de kortste keren in hun werk dreigen om te komen, waardoor de druk op de tweede lijn eerder zal toenemen dan afnemen. Precies wat we niet willen.

Mensen hopen via een professional niet afhankelijk te worden van hun naasten

Daar komt bij dat mensen zodra professionals bij hen over de vloer komen juist niet hun netwerk inschakelen. Ze bouwen een vertrouwensband op met een professional, vooral omdat ze niet afhankelijk willen zijn van hun naasten. Ze doen juist een beroep op hulp om hen te ontlasten of om aan hen te ontsnappen. In nogal wat gevallen hebben mensen bijvoorbeeld financiële problemen, en daar willen en kunnen ze anderen niet mee lastigvallen. Professionals voorzien hen van een toegangsbewijs voor schuldsanering of extra bijstand, dat is iets waartoe het netwerk niet in staat is. Schulden worden doorgaans ook niet verholpen door een netwerkbijeenkomst.

Zo zijn er meer contra-indicaties.

Wijkteams worden losgelaten en moeten er maar het beste van zien te maken

Dat wil overigens in het geheel niet zeggen dat niet-professionals geen rol kunnen spelen. Integendeel: maar we moeten ons terdege realiseren dat de inzet daarvan een uiterst delicate kwestie is, waar professionals niet van nature mee uit de voeten kunnen. Bij Bureau Jeugdzorg in Amsterdam − recent ongedoopt tot Jeugdbescherming − is men er bijvoorbeeld werkenderweg achter gekomen dat het inzetten van een Eigen Kracht-conferentie, waarbij het netwerk het voortouw neemt bij het opstellen van een plan om een probleem in een gezin aan te pakken, eigenlijk beter werkt als de probleemsituatie redelijk onder controle is. Netwerken blijken niet altijd even goed in crisisinterventie. Het conferentiemiddel is effectiever om het resultaat van een professionele interventie te verduurzamen, dan dat het – zoals aanvankelijk werd gedacht – wordt ingezet om zo’n resultaat op eigen kracht te bewerkstelligen.

Dat is nuttige ervaringskennis. Op een vergelijkbare wijze zullen sociale wijkteams in buurten moeten gaan leren hoe de inzet van vrijwilligers, coaches, maatjes, netwerken, app-groepjes − noem maar op − vorm moet krijgen. Dat is nieuw. Dat hebben de dienstdoende professionals ook niet op de hogeschool geleerd. Daar moeten ze achter zien te komen. Maar zo’n ontwikkelingsagenda is nogal eens de ongeschreven paragraaf in de gemeentelijke plannen om sociale wijkteams te formeren. Ze worden in de wijk losgelaten, krijgen een stapel dossiers mee en moeten er met elkaar het beste van zien te maken.

De kans is reëel dat het wensdenken een illusie blijkt

Dat zou op zichzelf niet eens zo slecht zijn als ze echt de ruimte hadden om in de wijk vertrouwensrelaties op te bouwen, nieuwe verbindingen te maken en niet-professionele expertise en talenten aan te boren. Maar die ruimte is er vaak niet, en de uit de oude instellingen op pad gestuurde professionals zijn er ook niet echt voor geëquipeerd om deze ruimte te claimen. Ondertussen hebben de gemeentelijke rekenmeesters vanaf 1 januari wel alvast de besparing ingeboekt.

Daarmee is de kans reëel dat het wensdenken een illusie zal blijken, met alle gevolgen van dien. Dat is alleen te voorkomen als men zich in de stadhuizen gaat realiseren dat het inschakelen van niet-professionals geen vanzelfsprekendheid is, maar – letterlijk – een ongekende opgave waar we het fijne eigenlijk nog nauwelijks van weten.

En waar dus heel hard aan gewerkt zal moeten worden.

Als de sodeju.

Jos van der Lans is cultuurpsycholoog en publicist. Dit artikel verscheen eerder als column in het Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken.

 

 

 

 

 

Reacties op dit artikel (4)

  1. Van wie is het eigenlijk wensdenken dat de zorg en hulp door sociale wijkteams goedkoper wordt?
    De realiteit zal zijn dat door het aanbod zo dichtbij te brengen, de vraag zal vergroten. De oplossing voor de hogere kosten voor de overheid zal zijn het vragen van een (grotere) eigen bijdrage van de cliënt. Een bijdrage in geld of een bijdrage in natura met vrijwilligers of mantelzorg. Desnoods met dwang of korting op de uitkering. Dus ja… duurder zal het waarschijnlijk voor de overheid niet worden, voor de burger wel. En gemeenten krijgen meer kans om via inkomenssturing bij te sturen.
    Ik zou zeggen… zorg dat je ze lang mogelijk uit de buurt van het professionele netwerk en onafhankelijk blijft. Laat je niet vangen en neem ruimte voor eigen initiatieven. Dat niet iedereen hier mee geholpen is weet ik ook.
    Maar dan spreken we over een andere wens…. de wens dat (bijna) iedereen zelfredzaam is. Dragen sociale wijkteams daar aan bij? Of juist niet.
    Dat vraagt m.i. om een andere inkomenspolitiek. Binnenkort zit waarschijnlijk ook het Bijstands- en schuldhulpverleningsloket in het sociale wijkteam. De rest volgt vanzelf.
    Mijn wens? Een andere verdeling van financiële middelen waardoor mensen minder afhankelijk worden van de loketten en de daar geboden diensten. Meer ruimte en creativiteit voor zelfredzaamheid. Waardoor meer gevoel van ‘eigenwaarde’ van ‘afhankelijke’ burgers ontstaat.
    Het zal nog wel even duren voor het zover is….

  2. er zijn jaren nodig geweest om gehandicapten hun eigen regie te laten voeren voor hun hulpvraag,blijf met je handen van hun eigen keuze af.Wijkteams hebben ze niks leukers te bedenken laat ons zelf beslissen over ons leven wij bemoeien ons toch ook niet met jullie.het kan ieder mens gebeuren dat hij hulp nodig heeft in zijn leven,mag je zelf beslissen hoe en wanneer en hoe laat je naar bed wilt,of opstaan.Ik beslis over me zelf ik heb een eigen indentiteit.

  3. Goede observatie. Maar wel merkwaardig dit te lzen van de schrijver van het boek ‘Erop Af’ (2010). Over het ‘nieuwe type sociaal werkers’ dat bij de mensen thuis ging komen, multidisciplair en wijkgericht aan de slag is gegaan, eigen kracht benut etc etc.. Best een invloedrijk boek geweest als we kijken naar de realiteit van nu. Nu lezen we dat ‘uit ervaring blijkt’ dat het dichterbij situeren (cq ‘erop af & aan de keukentafel’) van de zorgprofessional eigenlijk voor meer afhankelijkheid zorgt. Was ‘Erop Af’ misschien ook aan wensdenken onderhevig?

  4. Dit voorjaar was ik bij een presentatie van de Gemeente Eindhoven. De gemeente liet zien hoe voortvarend ze in alle decentralisatie en transities de nieuwe taken oppakt en wil organiseren. Tijdens de presentatie van WijEindhoven vroeg een mevrouw in de zaal: “Waar is dat nieuwe loket dan waar ik vanaf 2015 naar toe moet?”. Dit is – volgens mij – precies de kern van wat en hoe de decentralisaties worden opgepakt. Eindhoven is daarin niet uniek. Door de focus op hoe de veranderingen georganiseerd moeten worden, lijkt het alsof burgers straks naar een ander loket moeten, van het ene systeem naar een ander. Er wordt weer iets bedacht, dit spoort burgers niet aan om hun eigen verantwoordelijkheid te nemen en zelf creatief te zijn met zelfredzaamheid. Burgers kijken eerst wat het nieuwe ‘loket’ biedt en gaan na wat daar nog ‘in de aanbieding is’. Misschien moet er helemaal geen nieuw ‘loket’ of ‘wijkteam’ gecreëerd worden, want dan komt er ruimte en ontstaat ‘noodzaak’ om zelf na te denken hoe je als burger je zorg- en welzijn wilt regelen. Dat vergroot de eigenwaarde van mensen en het is die eigenwaarde die stimuleert dat mensen veel meer hun eigen mogelijkheden en die van hun omgeving zien en benutten. En is de Gemeente of de zorgprofessional daarbij nodig, dan weten mensen deze beslist te vinden.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *