Thuisgevoel zit integratiedebat in de weg

Waarom is het integratiedebat toch zo gepolariseerd en staat het bol van de emoties? Het nieuwe boek van sociologiehoogleraar Jan Willem Duyvendak geeft op die vraag een antwoord: het draait allemaal om ‘thuisgevoel’. ‘Politici zijn in de ban van Nederland als thuis.’

Jan Willem Duyvendak: ‘Laat ik vooropstellen dat thuisgevoel voor iedereen belangrijk is – ook voor mensen die rijk en heel mobiel zijn. Opvallend is echter hoezeer een alledaagse emotie als “je thuisvoelen” centraal is komen te staan in het beleid. In de net verschenen beleidsbrief van minister Donner is vergroting van het thuisgevoel de centrale inzet van het beleid geworden. Ook gemeenten maken beleid om het thuisgevoel te bevorderen. Amsterdam had een paar jaar geleden zelfs vastgelegd dat het thuisgevoel van de burgers per jaar met 2 procent moet stijgen.

Deze populariteit van thuisvoelen laat goed zien dat het heel vanzelfsprekend is geworden dat de politiek zich bemoeit met de emotiehuishouding van individuele burgers. Thuisvoelen wordt ook serieus onderzocht door het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Uit de cijfers blijkt overigens dat heel veel mensen zich in Nederland thuisvoelen, autochtoon en allochtoon, maar dat het thuisgevoel van beide groepen wel onder druk staat.

De vraag is echter wat mensen precies zeggen als ze antwoorden dat ze zich thuisvoelen in Nederland. Voelen zij zich dan Nederlander? Of voelen zij zich ergens in Nederland thuis? En wat voelen ze precies, als ze zeggen dat ze zich thuisvoelen? Wat “je thuis voelen” precies behelst, kunnen mensen namelijk maar moeilijk onder woorden brengen. De eerste keer dat ik mensen erover bevroeg ging het helemaal mis. Ze kregen het warm en gingen stotteren. Mensen weten wel meteen waar zij zich niet thuis voelen, dus het is wel heel belangrijk. Ook is duidelijk dat “je thuis voelen” nauw verbonden is met vertrouwdheid: mensen voelen zich vooral thuis in relatief homogene groepen, tussen mensen die erg op henzelf lijken.’

De natie wordt gezien als een huis, dat heeft gevolgen
‘Politici in en buiten de Tweede Kamer zijn in de ban van het thuisgevoel. En niet alleen politici van populistische snit. Als Amsterdams wethouder voegde Aboutaleb  Marokkaanse Nederlanders na de moord op Van Gogh toe dat als ze zich niet thuis voelden in Nederland, ze maar “naar huis” moesten gaan.

Bij het thuisgevoel in de politiek is het uitgangspunt vaak dat de natie een huis is. En dat heeft ingrijpende gevolgen. Als je denkt dat je één huis met elkaar deelt, ben je gevoelig voor afwijkend gedrag. Je wilt niet dat je ‘familieleden’ er andere normen en waarden op na houden, of ander gedrag vertonen. En dat verklaart de enorme assimilatiedwang waaraan migranten blootstaan.

Daarbij gaat het bij dat huis niet alleen om een territoriale eenheid, maar er zit ook een tijdsperspectief in, het gaat om aanpassing aan een modern huis. Wij zien onszelf als een geëmancipeerde familie, als een progressieve natie waarin bijvoorbeeld gelijke rechten voor vrouwen en homo’s vaststaan. Die laten we ons niet afnemen door mensen die later zijn gekomen. Wij zijn voorlijk, en allochtonen zijn nog niet zo ver als wij, is de dominante gedachte.’

Dat langstwonenden het eerste recht hebben is niet te negeren
‘In het politieke debat zie je steeds drie veronderstellingen opduiken met betrekking tot je thuis voelen. Ten eerste: je zou het maar één keer kunnen uitgeven: als je je thuis voelt in Marokko, kun je je niet meer thuis voelen in Nederland. Ten tweede, je kunt je pas echt thuis voelen in het land waar je bent geboren en bent opgegroeid. En tot slot, heel veel mensen, van links tot rechts, vinden dat de mensen die ergens geboren zijn ook het meeste recht hebben op de grond, het recht om zich daar thuis te voelen. Migranten blijven in die gedachte altijd gasten.

Op deze veronderstellingen valt veel af te dingen. Ten eerste kun je je op meerdere plekken thuis voelen – het ene thuisgevoel hoeft niet ten koste te gaan van het andere. Wel zijn nationale combinaties moeilijk en is het heel lastig om je tegelijkertijd Marokkaan én Nederlander te voelen.

Ten tweede hoef je je niet per se het meeste thuis te voelen op de plek waar je bent geboren. Maar je moet daar ook weer niet te lichtzinnig over denken. Migranten die al heel lang in Nederland zijn, willen toch vaak worden begraven op de plek waar ze geboren zijn. Maar het is ook weer niet zo dat de plek waar je geboren bent, altijd de plek is waar je je het meeste thuis voelt.

De meest knellende kwestie is die van het grondrecht. Het eerste recht van de eerstwonenden is filosofisch misschien makkelijk te weerleggen, maar we moeten deze intuïtie toch niet veronachtzamen: het idee dat mensen die ergens heel lang wonen meer recht hebben op de grond. Dit idee van ‘nativisme’, van het oudste recht op de grond, klinkt sterk door in het huidige regeringsbeleid. Nederland is van de ‘echte’, authentieke Nederlanders, Limburg van de Limburgers.’

Thuisvoelen als emotie past niet in de politiek
‘Maar juist omdat je je niet overal thuisvoelt en niet met iedereen, omdat thuisvoelen een selectieve emotie is, past die slecht in de politiek. Het framen van integratiebeleid in termen van bevordering van “je thuis voelen” is dan ook hoogst problematisch. Betekent dat bijvoorbeeld dat manifestaties van je thuis voelen – of het nu om de Gay Pride of om het dragen van een hoofddoekje gaat – niet meer kunnen omdat ze het thuisgevoel van anderen kunnen aantasten? Of moeten we leren leven met (sommige) verschillen, met uiteenlopende manieren waarop mensen zich publiekelijk manifesteren, ook al wordt ons thuisgevoel daardoor op de proef gesteld? Evident vindt het huidige beleid dat migranten zich maximaal moeten aanpassen zodat ‘wij’ in ons thuisgevoel worden gerespecteerd. “Thuisgevoel” gepropageerd door de huidige regeringscoalitie heeft altijd harde en uitsluitende kanten.

Als je daarentegen als uitgangspunt neemt dat wij ons allemaal – tot op zekere hoogte – thuis willen en moeten kunnen voelen, dan betekent dat dat je ook respect opbrengt voor het thuisgevoel van een ander. Dan is de natie misschien nog wel een huis, met dan toch een huis met vele kamers.’

Jan Willem Duyvendak: ‘The Politics of Home. Belonging and Nostalgia in Western Europe and the United States’ (192 pag.) verschijnt rond 10 juli en is te bestellen via amazon.com. Uitgever: Palgrave Macmillan.

Deel met anderen
Dit artikel behandelt het vraagstuk Integratie en uitsluiting. Bewaar de permalink. Volg reacties op dit artikel via RSS feed van dit artikel. Reageer of laat een trackback achter.

Reageer!

Uw e-mailadres wordt nooit gepubliceerd of met derden gedeeld. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *

*
*