Aandachtswijken hebben erkenning nodig, niet weer een pilot

In aandachtswijken komt elk nieuw initiatief of pilot in een historisch geladen context terecht, met alle consequenties van dien. Onderzoekers Marieke Breed en Sam Schrevel pleiten ervoor om te stoppen met de fictie van het beginnen met een schone lei.

Stel: in een Haagse aandachtswijk gaat opnieuw een pilot van start. Er is een projectplan, er zijn middelen en er is veel zorg besteed aan taal. Er wordt mét bewoners gewerkt, niet vóór hen. De pilot sluit aan bij de leefwereld van bewoners, en werkt niet vanuit de systeemwereld. Dit keer willen professionals en onderzoekers het écht goed doen.

Actie-reactie

Ze communiceren vooraf dat ze de wensen van de groep mee zullen nemen in het aankomend overleg met belangrijke partners. In de bewonersgroep wordt de sfeer voelbaar kouder. Iemand schrijft dat er blijkbaar al knopen zijn doorgehakt; en twijfelt of meedoen nog wel zin heeft. Een ander meldt dat die samenwerking met specifiek die partners onaanvaardbaar is. Een derde haakt stilletjes af.

Tijdens ons onderzoek zagen we herhaaldelijk dat kleine handelingen heftige reacties opriepen

Wie alleen naar het ene moment kijkt, ziet goedbedoelende professionals die misschien iets te snel willen, en bewoners die wellicht iets te heftig reageren. Maar tijdens ons onderzoek in het Haagse Moerwijk zagen we herhaaldelijk dat kleine handelingen heftige reacties opriepen. Een bewoner vangt een gesprek op, en voelt direct: zie je wel, nu pakken ze weer onze ideeën af. Een professional ‘trekt zich even terug’ omdat dit de derde keer is dat hij in conflict is gekomen met een groep bewoners. Een ambtenaar blijft benadrukken dat hij ‘niks kan belovenomdat hij eerder ervaren heeft dat het laatste woord aan de politiek is.

Spokend beleid

Moerwijk, een Haagse wijk bedacht en ontworpen door de vermaarde architect en stedenbouwkundige Willem Dudok, heeft een sociale geschiedenis die vergelijkbaar is met andere aandachtswijken in Nederland. Door verschillende (nationale) programma's is er veel aandacht voor deze wijken, beginnen er veel projecten en worden ook voortdurend pilots opgezet en beëindigd, zonder dat ze altijd oplossingen boden voor de problemen van de wijk.

Ook zie je dat sommige succesvolle bewonersinitiatieven na verloop van tijd wegzakken in het aanbodmoeras van professionele zorg- en welzijnsinstellingen. Dat vertrouwde professionals van de ene op de andere dag vertrekken omdat ze een andere baan hebben of omdat een project ophoudt te bestaan. En dat samenwerkingen waarin frictie en conflict plaatsvindt niet worden uitgesproken en stilvallen, terwijl dezelfde mensen elkaar later opnieuw treffen in weer een nieuwe samenwerking. Ook zie je dat verschillende onderzoeken veel van de wijk en haar bewoners vragen, om ze vervolgens weinig terug te geven.

Falend beleid uit het verleden blijft beleid in de toekomst achtervolgen

Volgens de Australische antropologe Tess Lea laten deze praktijken residuen achter in de wijk en leiden ze tot spokend beleid. Falend beleid uit het verleden blijft beleid in de toekomst achtervolgen. Lea spreekt van een ‘belichaamdereactie: het zijn residuen van beleid die door de lokale geschiedenis ingebakken zijn geraakt in de fysieke omgeving, in de lijven en psyches van bewoners, in de muren van plekken en in het sociaal-emotionele weefsel van de wijk.

Aantrekken en afstoten

De dynamiek die wij in de wijk zien, gaat echter verder. De ervaringen en handelingen van iets of iemand in de wijk werken direct door in de houdingen en handelingen van alle betrokkenen. In ons onderzoek zagen we dat de gevolgen dusdanig vergaand en structureel zijn, dat we het een ‘geladen veld’ noemen. De sociale dynamiek in Moerwijk deed ons denken aan een animatie van het natuurkundige gedrag van geladen deeltjes.

De logica van het geladen veld verklaart dat er niet zoiets bestaat als een frisse start

Doordat geladen deeltjes elkaar aantrekken, afstoten, en op elkaar botsen, creëren ze een geladen veld. Als je dit beeld op een wijk legt, zie je dat bewegingen uit het verleden en het heden van invloed zijn op zowel het heden als de toekomst. Of personen elkaar al dan niet eerder zijn tegengekomen of ze al dan niet eerder met elkaar hebben samengewerkt, hun ideeën, initiatieven en handelingen worden sterk beïnvloed door het geladen veld in de wijk. Sterker nog, door hun acties dragen zij zelf bij aan de lading van dat veld.

Een reactie die dus van buitenaf heftig of onnavolgbaar lijkt, is in het geladen veld geen losstaande emotie, maar een belichaamde reactie die verklaarbaar is. De logica van het geladen veld verklaart dat er niet zoiets bestaat als een frisse start of het begin met een schone lei.

Daarnaast zijn goede voorbeelden of succesverhalen geen oplossingen voor het geladen veld, maar nieuwe deeltjes die op elkaar botsen en de lading van het veld versterken. De logica van het geladen veld laat zien dat dergelijke framing, hoe goedbedoeld ook, geen recht doet aan de situatie, geschiedenissen en ervaringen van de wijk en haar bewoners, en daarom niet bijdragen aan (moreel) herstel.

Erkennen en ontmoeten

In een geladen veld moeten we emoties en scherpe reacties niet wegzetten als irrationeel, moeilijk of onprofessioneel. De afwachtende houding van professionals of ambtenaren is niet simpelweg een gebrek aan lef, maar een begrijpelijke reactie op eerdere teleurstellingen en politieke risico’s.

Niet meer reageren is geen overdreven reactie, maar een rationele lezing van een patroon

De gevolgen van een vage of onhandig geformuleerde mail aan bewoners zijn in een geladen veld ook anders. Een bericht dat voor de afzender informatief is, kan bij bewoners de gedachte oproepen: zie je wel, het gaat weer zoals altijd. Die gedachte, en vervolgens niet meer reageren, is geen overdreven reactie, maar een rationele lezing van een patroon.

Om in een geladen veld te kunnen werken, zijn erkenning, bescheidenheid en veel echte ontmoeting nodig. Besluiten om een overleg te verplaatsen naar een andere locatie, om een extra organisatie aan te haken of om een traject tijdelijk stil te leggen, zijn geen neutrale organisatorische details.

Het zijn momenten waarin beleidsspoken zich opnieuw tonen, en het geladen veld in beweging komt. Juist dan is het nodig dat iedereen zich uitspreekt over welke geschiedenis er voor hen speelt, wie waar bang voor is, en wie welke verantwoordelijkheid draagt.

Marieke Breed is verbonden aan de Haagse Hogeschool en het LUMC. Ze werkt als PhD onderzoeker aan het participatief actie onderzoek Bloesem: Countering syndemic vulnerability: a community resilience approach – IVO. Sam Schrevel is verbonden aan de Haagse Hogeschool en het LUMC. Hij werkt als postdoctoraal onderzoeker aan verschillende participatieve onderzoeken waaronder project Bloesem.

 

Foto: Fabio Bruna (Flickr Creative Commons)