De schaduwzijden van whatsapp-preventiegroepen

Nu zo ongeveer iedereen een smartphone bezit, is het een ware hype in Nederland: whatsapp-preventiegroepen. In zijn recente overzichtsstudie De burger op wacht bespreekt Vasco Lub een scriptieonderzoek over dit nieuwe fenomeen dat positieve uitkomsten laat zien: er zou sprake zijn van een langdurige daling van woninginbraken binnen de Tilburgse wijk waar het veldwerk werd uitgevoerd.

Geheel origineel en verrassend zijn de inzichten van Lub overigens niet. Al in 2014 rapporteerde Marco van der Land c.s. over het mogelijk afschrikwekkende effect dat whatsapp-preventiegroepen op inbrekers heeft. Hoe dan ook, beide publicaties roepen de vraag op of sociale media dan eindelijk het lang verwachte panacee tegen criminaliteit is. Bezorgt whatsapp ons een heerlijke misdaadloze wereld die mensen bovendien dichter bij elkaar brengt via een simpele swipe of tap op hun touch screen?

Ik kon zelf de proef op de som nemen. Eind februari 2016 startte in mijn eigen wijk een whatsapp-preventiegroep. Wat zeg ik? Nog geen week later zag een concurrerende preventiegroep in dezelfde wijk het licht, eveneens compleet met Facebook-pagina, maar zonder de mogelijkheid van whatsapp. Over wildgroei gesproken. Ik werd dus lid van de whatsapp-variant. Gelukkig spraken de zonder twijfel goedbedoelende oprichters geruststellende woorden: nee, van eerdere veiligheidsproblemen was geen sprake. De aanleiding voor het oprichten van de groep was alle nieuwsaandacht die er voor whatsapp-buurtpreventie is geweest. Daarna volgde er een kaartje van de wijk, keurig opgedeeld in kleurige vakken, en een A-4 met de spelregels waaraan deelnemers zich moeten houden. Het zag er erg professioneel uit. Maar zit er toch niets iets merkwaardig paradoxaals in het initiatief? De hele boodschap al: niks aan de hand hoor, maar iedereen moet wel extra alert zijn… Een mens zou zich er plots unheimischvan gaan voelen.

Donkere mannen

Luttele dagen later het volgende bericht: ‘Verdacht wit busje rijdt rond in de omgeving met twee donkere mannen erin’. Tsja, hebben we het hier over criminelen, terroristen of gewoon twee gasten die graag bijklussen met verhuizen? Het lijntje tussen een beetje op elkaar letten en stigmatiseren is flinterdun. Ondertussen werd ik op de hoogte gehouden van enkele inbraakpogingen (hoe fijn is het om alles te weten wat er gebeurt?) en weer een paar dagen later kwam er een appje binnen met zelfs een foto erbij: wederom een getinte, bebaarde man. Hij maakte kiekjes van een huis. Buitengewoon verdacht tegen de achtergrond van al die inbraken. Daarom 112 gebeld, politie ter plaatse, man aangehouden. Hij was zich van geen kwaad bewust. Het bleek om een potentiële koper te gaan.

De wijkagent sloot het incident vrolijk af met: ‘Klasse gewerkt allemaal’. Nou, ik weet het nog zo net niet. Dank zij de whatsapp-preventiegroep moest er een dure surveillancewagen voor niets met spoed komen aanrijden en zet een goedmoedige huizenkoper waarschijnlijk nooit meer een voet in onze mooie gemeente. Is het niet sympathieker en handiger om zo’n man aan te spreken, een vriendelijk praatje te maken en uit te vinden dat er niets raars aan zijn gedrag is?

Leuker maken

Whatsapp-buurtpreventie organiseert mensen primair rondom wat zij niet met hun wijk willen en drijft hen daarmee – onbedoeld – uit elkaar. In plaats daarvan zouden initiatieven moeten gaan om wat burgers bindt, wat zij wel willen en hoe zij dat gezamenlijk vorm kunnen geven. Er schijnen ook buurt-apps te bestaan die bewoners in contact willen brengen met als doel om Nederland leuker te maken. Misschien moet ik me daar maar eens bij aansluiten.

Dr. Ronald van Steden is Universitair Hoofddocent Bestuurswetenschappen en Politicologie aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Dit artikel verscheen eerder op de website platformoverheid.nl.

Foto: Metro Centric (Flickr Creative Commons)

Reacties op dit artikel (1)

  1. Dit is vanuit sociologisch en bestuurlijk oogpunt zeker een interessante kwestie.
    De door Van Steden opgeworpen autobiografische ervaring werpt terechte punten op (zoals de dunne lijn tussen een beetje op elkaar letten en stigmatiseren), maar ik vind zijn conclusie veel te kort door de bocht. Alsof elke buurtpreventie Whatsappgroep telkens over de schreef gaat, onschuldige burgers stigmatiseert en mensen tegen elkaar opzet. Deze groepen bestaan juist bij de gratie van een gedeelde positieve ambitie om buurten schoon, leefbaar en veilig te houden. Kortom, positieve (collectieve) actie om iets negatiefs te voorkomen. En ja, dan kan het zijn dat je er wel eens naast zit qua inschatting van een situatie. Maar niet iedereen durft nu eenmaal een vreemde op straat direct aan te spreken, om zeer uiteenlopende redenen. Ik durf dat wel met mijn 1.92 meter lengte, maar mijn overbuurvrouw van 1.55m piekert daar niet over …

    En dan: “In plaats daarvan zouden initiatieven moeten gaan om wat burgers bindt, wat zij wel willen…” Heeft Van Steden dan geen oog voor al die Whatsappgroepen die niet in de nauwe definitie van buurtpreventie passen, maar wel het platform voor gezamenlijke inspanningen t.b.v. de eigen buurt vormen? Verreweg de meeste (positief ingestoken) burgerinitiatieven grijpen naar Whatsapp en Facebook omdat dit volledig ingeburgerde communicatiemiddelen zijn, die bij goed gezamenlijk gebruik en (onuitgesproken) gedeelde normen en spelregels de motor van de samenwerking kunnen vormen.
    Het uit elkaar drijven van buurtbewoners is overigens niet alleen voorbehouden aan apps en Internet. Vooroordelen en eeuwenoude sociale mechanismen als roddel en achterklap zijn minstens zo effectief. Via ICT en mobiele telefonie krijgt dit nieuwe uitingsvormen (denk aan het digitale pesten), maar het principe is niet uniek.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *