Andrea Karremans van de Rotterdamse bewonersorganisatie Vreewijk en Mustapha Eaisaouiyen van Recht op de Stad, ook uit de havenstad, vertellen over onderzoeksmoeheid in een podcast van de Erasmus School of Social and Behavioural Sciences. In deze podcast, gemaakt ter gelegenheid van het zestigjarig bestaan van de opleiding, beschrijven ze het ontstaan van onderzoeksmoeheid als een verzameling van sentimenten bij inwoners die door onderzoekers worden bevraagd.
Ze noemen teleurstelling over het achterwege blijven van terugkoppeling na afloop van onderzoek, woede door de stigmatiserende werking van de vraagstelling, onbegrip door de slechte aansluiting op de realiteit van belanghebbenden, verveling door saaie en langdradige methodieken, en wanhoop vanwege het uitblijven van impact in het dagelijks leven en de voortdurende herhaling van dezelfde onderzoeken met dezelfde vragen.
Podcast onderzoeksmoeheidSociaal wetenschapper Joris Beek maakte met podcastmaker Hajo Magré de podcast Onderzoeksmoeheid voorkomen? Van ‘transactie’ naar ‘relatie’. Ze bespreken hoe onderzoekers kunnen bijdragen aan de vermindering ervan. De podcast kun je onder andere beluisteren via Spotify en Apple Podcast. |
Hierdoor ervaren inwoners onderzoek als nutteloos, saai en onpersoonlijk. Ze beschouwen onderzoek eerder als een last en onderdeel van ervaren problemen dan als een weg naar oplossingen of verbetering.
Serieus signaal
Deze perspectieven zijn niet voorbehouden aan bewoners; ook de (lokale) overheid, scholen, musea of (sociaal) ondernemers ervaren dit. Zoals treffend geïllustreerd door de zuchtende reactie van een Rotterdamse gemeenteambtenaar na een onderzoeksintroductie: ‘Nou, misschien dat we van dit onderzoek dan wel ooit iets terugzien…’
Een betere reactie overigens dan de vaker ontvangen afwijzingen. In de podcast komt naar voren dat er behoefte is aan andere vormen van onderzoek, waarbij belanghebbenden echt bij elkaar komen en samen praten over wat er speelt. Samenwerking in de onderzoeksopzet, maar ook tijdens en na onderzoeksprojecten zelf.
Bewoners kunnen het gevoel krijgen te worden gezien als dieren in een dierentuin
De jubileumpodcast staat niet op zichzelf als het gaat om het aankaarten van onderzoeksmoeheid. Er is al langere tijd steeds meer aandacht voor. We weten ondertussen dat de overmaat aan onderzoekers en andere professionals die ‘de wijk ingaan’ de bewoners het gevoel kan geven te worden gezien als dieren in een dierentuin (Breed & Van Marle 2021). Dit leidt er onder andere toe dat bewoners, maar ook initiatieven waarin bewoners zichzelf organiseren ‒ zoals de lief&leed-straten en de Afrikaanderwijk Coöperatie in Rotterdam (de Volkskrant 20 oktober 2023) ‒ niet willen meedoen met onderzoek of hun betrokkenheid zelf en onder eigen voorwaarden organiseren.
Onderzoeksmoeheid ontstaat dus vanuit de huidige manier van omgaan met mensen die bijdragen aan onderzoek. Het is daarmee een serieus signaal om meer te leren over de manier waarop onderzoekers werken, de (onbedoelde) effecten die onderzoek heeft en hoe het beter kan. Naast deze onhoudbare praktijk leidt onderzoeksmoeheid tot een lagere kwaliteit van onderzoek en meer weerstand en wantrouwen tegenover onderzoek.
Geen representatieve groep
Deze dynamiek zien we op steeds meer plekken. Door weerstand van beoogde deelnemers, poortwachters of andere betrokkenen kan onderzoek niet doorgaan of moet het worden aangepast. Er zijn voorbeelden dat schoolbesturen onderzoeken tegenhouden omdat onderzoekers data willen ophalen en (pas) na een jaar terugkoppeling willen komen geven (hoogleraar Arthur Bakker, in de podcast).
Binnen de gemeente Rotterdam is recent onderzoek van focus veranderd doordat het werven van ambtenaren stagneerde
Binnen de gemeente Rotterdam is recent onderzoek van focus veranderd doordat het werven van deelnemende ambtenaren in de organisatie stagneerde. En regelmatig kiezen onderzoekers ervoor een selecte groep te interviewen, in plaats van breed vragenlijstonderzoek uit te zetten, omdat mensen niet ingaan op uitnodigingen (gedragswetenschapper Inge Merkelbach, in de podcast). In deze voorbeelden zorgt onderzoeksmoeheid ervoor dat de vooraf bedachte onderzoeksmethode niet kan doorgaan omdat er geen representatieve groep wil deelnemen. Beide zijn problematisch voor de kwaliteit van de resultaten.
Begrijpelijk, motiverend en zinvol
In de podcast vertelt Andrea Karremans van bewonersorganisatie Vreewijk over onderzoek waaraan zij deelneemt dat voor haar wel begrijpelijk, motiverend en zinvol is. In dit onderzoek faciliteert Design&Publics bewoners om zelf onderzoeksvragen te definiëren en data (over welzijn) te verzamelen en te visualiseren.
Het voorbeeld van Karremans is een manier van bottom-up-onderzoeksbenaderingen, een verzameling van actiegericht of community-based onderzoek. Daarbij worden de behoeften en perspectieven van burgers of andere lokale belanghebbenden op het niveau van buurten en steden als uitgangspunt genomen.
Volgens bewoners werden hun zelfvertrouwen en eigenwaarde versterkt omdat hun verhalen als waardevol gezien werden
Karremans geeft aan dat ze tijdens het onderzoek samenwerken, reflecteren en lering trekken uit interacties tussen bewoners en onderzoekers terwijl ze naar de plattegrond van hun wijk kijken. In dit specifieke onderzoek ligt daarmee de nadruk op samen leren over lokale sociale dynamieken en zodoende beleidsmakers, sociaal werkers en ‘de samenleving’ als geheel informeren. Het onderzoek gaat uit van de waarde van persoonlijke verhalen (data) van bewoners én professionele onderzoekers, ambtenaren en medisch professionals. Daarbij gaven deelnemende bewoners aan dat hun zelfvertrouwen en eigenwaarde werden versterkt omdat hun verhalen (data) als waardevol gezien werden.
Dit onderzoek is onderdeel van Wijkwijs, een wijkonderzoekscollectief vanuit onder andere de Erasmus Universiteit. Daarin zijn de samenwerkingsprincipes: wederkerigheid, nabijheid, gelijkwaardigheid, continuïteit en rechtvaardigheid. Deze principes zijn onder andere gebaseerd op onderzoeken vanuit het Expertisecentrum Maatschappelijke Innovatie (EMI) van de Hogeschool Rotterdam. Het EMI legde de ‘ingrediënten’ van actieonderzoek vast in zijn belofte aan de stad; actieonderzoek is voor het EMI nabij, gelijkwaardig, wederkerig en continu.
Bestaande data
Een andere reactie in de podcast komt van Arthur Bakker, hoogleraar Bètadidactiek en Curriculum aan de Universiteit van Amsterdam. Hij vertelt over onderzoek dat gedaan is met NEMO Science Museum binnen het project van Multi-STEM. Om te onderzoeken hoe meertaligheid kan leiden tot meer participatie, nieuwsgierigheid en het gevoel dat museumbezoekers meer betrokken zijn bij rekenen en wetenschap&techniek, zetten zij translanguaging strategieën in.
Registerdata en metadata zijn bestaande gegevens die mensen niet extra belasten
Hierbij worden verschillende thuistalen van families die wetenschapsmusea bezoeken ingezet met als doel een meer inclusieve ervaring te creëren. Binnen dit project werden bestaande data gebruikt; museumbezoekers die sowieso al interacteren met de digitale museumopstellingen en met elkaar. Op die manier konden in dit onderzoek (digitale) data worden verzameld en gebruikt zonder dat het mensen extra belast tijdens een museumbezoek.
Waardevolle toevoeging
Registerdata en metadata zijn voorbeelden van bestaande gegevens die voor onderzoek te gebruiken zijn zonder dat mensen daarvoor extra belast worden. Bij registerdata kun je denken aan CBS-Microdata; dit zijn koppelbare data op persoons-, bedrijfs- en adresniveau. Daarmee kunnen Nederlandse universiteiten, wetenschappelijke organisaties, planbureaus en onderzoeksinstanties onder strikte voorwaarden zelf statistisch onderzoek doen. Metadata bieden informatie en context over andere, bestaande gegevens, zoals een smartphone die de datum en de plek registreert waarop een foto is genomen.
Gezien de aard van register- en metadata lijken deze onderzoeksmethoden geen vervanging van kwalitatief onderzoek, maar een welkome en waardevolle toevoeging om naast de geleefde ervaringen van mensen sociale en/of digitale interacties in kaart te brengen.
Joris Beek en Fenna van Marle zijn postdoctoraal onderzoeker aan de Erasmus School of Social and Behavioural Sciences in Rotterdam.
Foto: Sebastiaan ter Burg (Flickr Creative Commons)