Biomedisch onderzoek naar chronische vermoeidheid weggegooid geld

Een door ZonMw gefinancierd onderzoeksprogramma naar chronische vermoeidheid is te beperkt van opzet. Het zal de kennis en de behandeling van vermoeidheidsklachten niet verbeteren, voorspelt Jan Derksen, emeritus-hoogleraar klinische psychologie en psychoanalyticus.

Meer dan 60 procent van de Nederlanders kampt met vermoeidheidsklachten. Bij de helft duren deze klachten meer dan zes maanden. Met een budget van ruim 28 miljoen euro is er recent een nieuw door ZonMw gefinancierd onderzoeksprogramma van start gegaan, gericht op chronische vermoeidheid.

Biomedisch

Chronische vermoeidheid (ME/CVS) vertoont sterke overeenkomsten met post-acute infectieziektes als long covid, Lyme en Q-koorts.

Bij veel patiënten leidt chronische vermoeidheid tot invaliditeit

Onderzoek heeft vooralsnog weinig opgeleverd en behandeling leidt doorgaans niet tot genezing, maar in een significante groep wel tot verbetering door symptoombestrijding. Bij veel patiënten leidt chronische vermoeidheid tot invaliditeit.

Het door ZonMw gefinancierde programma is alleen bedoeld voor biomedisch onderzoek. Het programma is in het leven geroepen omdat psychologische en psychologiserende verklaringen inmiddels zo prominent zouden zijn geworden dat ze de verkenning van andere onderzoeksbenaderingen in de weg staan, aldus onderzoeksleider Jos Bosch. Bovendien bestaat er een sterke druk vanuit patiëntenverenigingen om de biomedische kant meer centraal te stellen.

Bij ziekte en gezondheid is het verstandig naar de mens in zijn context te kijken, de bio-psychosociale benadering.

Chronische vermoeidheid kan niet enkel vanuit biologische en fysiologische oorzaken worden verklaard

De eerste doelstelling van het ZonMw onderzoek is om biomedische kennis te ontwikkelen over het ontstaan, de diagnose en behandeling van ME/CVS. Ik durf op basis van de behandel- en onderzoeksgeschiedenis tot nu toe de voorspelling aan dat dit grotendeels weggegooid geld zal blijken te zijn.

Chronische vermoeidheid kan niet enkel vanuit biologische en fysiologische oorzaken worden verklaard. De behandeling zal er door dit onderzoek niet structureel op vooruitgaan.

Beperkte benadering

Het gebrek aan wetenschappelijk inzicht en vooruitgang bij de behandeling van aandoeningen waarin sterke vermoeidheid centraal staat, ligt in mijn ogen in de gebrekkige en beperkte benadering die eigen is aan de academische psychologiebeoefening. Na een accent op gedrag in het grootste gedeelte van de vorige eeuw, zijn de cognities (vooral denken, waarnemen, geheugen, taal) in het psychologisch onderzoek centraal komen te staan.

De psychodynamische benadering heeft geen basis meer aan universiteiten in Nederland

Het gevolg is dat dieptepsychologische processen zoals voelen, fantaseren, ervaren, dromen, allemaal cruciale menselijke eigenschappen aan de universiteit gemakkelijk worden verwaarloosd. Wat daaraan bijdraagt, is dat het processen betreft die moeilijker meetbaar zijn. In de behandelingen van vermoeidheidsklachten wordt geen ontdekkend psychotherapeutisch proces op gang gebracht waarbij dieperliggende determinanten aan het licht komen. Er wordt vooral gewerkt met een gevolgenmodel waarbij een betere aanpassingen aan de symptomen wordt nagestreefd.

De psychodynamische benadering heeft geen basis meer aan universiteiten in Nederland. Ze komt echter nog wel voor in de behandelpraktijk van de GGZ. Deze wijze van behandelen wijkt af van de reguliere cognitieve gedragstherapieën en opent een route naar de binnenwereld van mensen, Het laat de specifieke gevoels- en fantasieprocessen zien die heel vaak ook ten grondslag liggen aan de vermoeidheidssymptomen en op een andere manier doorgaans niet zichtbaar zijn. Psychologieonderzoekers aan de universiteiten zijn vaak niet in staat dit type kennis en inzicht mee te nemen in hun uitkomsten.

Beter

Mijn eigen ervaring met de behandeling van patiënten met sterke vermoeidheidsklachten is dat chronische vermoeidheidsklachten in de plaats komen van uitingen vanuit de kwetsbare psychologische binnenwereld van mensen.

Uitingen van hun kwetsbare binnenwereld worden door veel van mijn patiënten afgeweerd

Denk bij dat laatste aan psychische pijn, verdriet, wanhoop, fragiele identiteitsbeleving en angst voor als vreemd ervaren fantasieën over agressie en seksualiteit. Uitingen van hun kwetsbare binnenwereld worden door veel van mijn patiënten afgeweerd. Dat afweerproces gaat ten koste van hun energie, vitaliteit en vrijheid van denken en handelen. Het perkt hun leven met andere woorden drastisch in.

De afweer beperkt zich niet tot de eigen psychologische architectuur, maar wordt – passend in de huidige cultuur – ook ingezet om wetenschappelijk onderzoek in te perken en diepgaande psychologische behandeling te blokkeren. Met hun afweer zitten patiënten dus hun eigen genezing in de weg.

De uiteindelijk kosten van beperkt onderzoek en weinig succesvolle behandeling zullen op termijn heel hoog uitvallen. Geld dat we echt heel veel beter kunnen inzetten.

Jan Derksen is emeritus-hoogleraar klinische psychologie en psychoanalyticus.

 

Foto: MART PRODUCTION via Pexels.com

Dit artikel is 655 keer bekeken.

Reacties 2

  1. Het is belangrijk om dit artikel in de juiste context te zien. De visie die hier wordt neergezet is niet gebaseerd op de huidige stand van de wetenschap. Moderne biomedische onderzoeken tonen duidelijk aan dat ME/CVS een complexe lichamelijke multisysteemziekte is. De theorieën die Derksen blijft herhalen sluiten daar totaal niet meer op aan.

    Wat wringt, is dat hij zijn naam en status gebruikt om deze achterhaalde ideeën opnieuw een podium te geven. Dat heeft niets met nieuwe inzichten te maken, maar vooral met het vasthouden aan een eigen visie die door de wetenschap inmiddels ruimschoots is ingehaald. Het is begrijpelijk dat iemand na decennia dezelfde boodschap verkondigen moeite heeft om die los te laten, maar dat maakt de inhoud er niet juist op.

    En belangrijker: deze manier van denken heeft in de praktijk veel patiënten schade toegebracht. Jarenlang zijn lichamelijke klachten psychologiserend uitgelegd, met alle gevolgen van dien: gemiste diagnoses, verkeerde behandelingen en een structureel gebrek aan erkenning. Die geschiedenis kan niet worden weggewuifd door te blijven doen alsof het probleem bij de patiënt ligt.

    Het is daarom noodzakelijk dat we deze verouderde opvattingen blijven corrigeren. Niet om iemand persoonlijk aan te vallen, maar omdat patiënten wél recht hebben op zorg en beleid die aansluiten bij de feiten en niet bij het ego of de angst van één iemand om toe te geven dat zijn visie achterhaald is.

  2. Hier een ‘ervaringsdeskundige’: met maatwerk in de niet-reguliere geneeskunde is blijvende, grote gezondheidswinst mogelijk. Daar kan men nl. wel een goede diagnose stellen en causale therapieën aanbieden. Dan hoef je niet naar de psycholoog of zelfs psychiater zoals onlangs nog langs de neus weg werd gesuggereerd.

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *