‘Als ik bij vriendinnen speelde, moest ik rond etenstijd weg. Ik heb een keer op de gang gewacht, terwijl verderop het gezin aan de eettafel zat te smullen van hun warme maaltijd. Ik voelde me heel erg ongemakkelijk en wist dat dit niet oké was, maar als kind kun je dit niet duiden. Ik durfde het thuis niet te vertellen, want ik wist dat mijn moeder mij dan niet meer bij dat vriendinnetje zou laten spelen. Want bij ons waren kinderen altijd welkom, ook tijdens het eten.’
Dit vertelde een kennis van me laatst toen we het hadden over onze jeugd en hoe wij als kinderen bij anderen werden ontvangen. Je leerde als kind van een gezin dat gemigreerd was de Nederlandse cultuur het beste kennen door af te spreken bij Nederlandse families.
Tik op de vingers
Er zaten mooie kanten aan, maar soms betekende het ook dat je geconfronteerd werd met gewoonten die heel anders waren dan hoe het er bij jou thuis aan toeging. De één-koekje-uit-de-trommel-regel spreekt bijna bij iedereen wel tot de verbeelding. Mijn kennis had zelfs een keer een tik op de vingers gekregen toen ze een koekje had gepakt waar een ander koekje aan vastgeplakt zat en ze dat probeerde los te maken. Ze had zich diep geschaamd en wist niet zo goed wat ze met die schaamte moest.
We sturen geen kind naar huis om 17.00 uur. Dat druist regelrecht in tegen onze principes
Naarmate je ouder wordt, en vooral wanneer je zelf kinderen krijgt, reflecteer je op die tijd, maar ook op hoe jij nu als ouder erin staat. Zo blijven vrienden bij ons eerder als regel dan uitzondering mee-eten. Een pak koekjes mag op, daar is het voor bedoeld. Ik ben vaak genoeg even op de fiets gestapt om een doos ijsjes te halen als er meerdere kinderen bij ons kwamen om te spelen. Of simpelweg op zomerse dagen ijsjes uitdelen op het grasveld.
En het allerbelangrijkste: tenzij het kind door de ouders opgehaald wordt en de ouders willen dat het thuis eet, sturen we geen kind naar huis om 17.00 uur. Dat zou regelrecht indruisen tegen onze principes als mens. Als ouders zijn we ons ervan bewust hoe belangrijk het is dat kinderen zich veilig voelen, dat ons huis voor hen een warme en gezellige omgeving kan zijn om te komen spelen, of het nou één keer per jaar is of dagelijks.
Het is belangrijk dat je gastvrij bent
Zo voeden we onze kinderen ook bewust op. Dat het belangrijk is dat je gastvrij bent. Dat je, als iemand bij je over de vloer komt, opstaat en netjes groet, en dat je op z’n minst wat te drinken aanbiedt. Voor mij is dit een basisvorm van fatsoen en respect. Mijn grootste allergie is om bij iemand binnen te stappen en kinderen op de bank aan te treffen die je begroeten noch aankijken, laat staat voor je opstaan.
Eigen normen en waarden
De andere kant van de medaille is dat wanneer jouw kinderen bij anderen over de vloer komen, zij dan wel weer op dezelfde manier behandeld worden als mijn kennis. Strakker in het regime zou ik zeggen. Als ouder is dat lastig, want je wilt graag dat je kind net zo behandeld wordt als jij andermans kinderen behandelt. Mijn antwoord is vaak: ieder huis heeft zijn eigen normen en waarden. En bij iedereen werkt het anders en goed.
Mijn kinderen hebben merkwaardig genoeg wel hun eigen conclusies getrokken. Ze hebben besloten standaard bij ons af te spreken. En die kinderen van anderen stellen het vaak ook voor. Zij gelukkig, ik gelukkig, zou je zeggen. Naja... op één punt na. Mijn menselijke en gastvrije principes hebben ertoe geleid dat mijn huis soms op een bso lijkt.
Sahar Noor is onderzoeker, schrijver, journalist, moderator, adviseur en trainer