COLUMN Voorbij de hoofdloze mensen

Wat als we nu eens naar gezondheid en armoede gaan kijken zonder naar kwetsbare mensen te kijken? Die vraag stel ik naar aanleiding van het verschijnen van de WRR-policy-brief Van verschil naar potentieel. Een realistisch perspectief op de sociaaleconomische gezondheidsverschillen. De brief gaat in op een geschiedenis van gezondheidsbeleid in Nederland en stelt voor dat beleid anders in te zetten.

Het lijkt een rare vraag van mij. Want als het over gezondheid gaat, lijkt niets meer voor de hand te liggen dan te spreken over mensen en hun gedrag. De WRR-brief behandelt dan ook gezondheidsproblemen en mogelijke prioriteiten in beleid: 1) roken, problematisch alcoholgebruik en overgewicht; 2) extra inzet op de lage SES-groep en 3) nadruk op het begin van de levensloop. Om de volksgezondheid te verbeteren is het, aldus de WRR, belangrijk om op deze specifieke vormen van gedrag (middelengebruik), bevolkingsgroepen (jonge moeders, laagopgeleiden) en lichamelijkheid (overgewicht) in te zetten.

Niet over armen maar over armoede als fenomeen

Ik was geïnspireerd tot mijn vraag door het lezen van Ananya Roy’s Poverty Capital (2010): een krachtig boek over mondiale armoede. De kunst van het boek is dat het niet over armen gaat. Niet over hun strijd om te overleven, niet over hun creativiteit of onderdrukking. In plaats daarvan gaat het boek over armoede als fenomeen, als probleemdefinitie en als industrie. Roy zegt nergens dat de problemen van de armen onbelangrijk zijn of niet een studie waard. Wel zegt ze dat die aandacht voor armen en hun levens specifieke antwoorden genereert: antwoorden die nooit gaan over de verdeling van welvaart en macht, bijvoorbeeld, en wel over wat de armen anders kunnen of moeten doen om zo uit de armoede te komen.

De logica waarin we focussen op de mensen met een probleem zie ik in veel rapporten (niet alleen van de WRR) die verschijnen over problemen die dichter bij huis zijn. Of het nu gaat om burnout bij studenten, arbeidsmarktparticipatie of gezondheid, de vragen die gesteld worden gaan al gauw over wat er mis gaat bij de ‘groep’ bij wie we de problemen zien, en wat deze ‘groep’ er zelf aan kan doen.

Dat is niet onbelangrijk, maar het is wel te weinig ambitieus. In Roy’s woorden (en dus van toepassing op armoede in haar voorbeeld): it ‘cannot be simply about saving the poor; it must also tackle the more difficult question of the distribution of wealth, privilege and power’. Roy’s vragen gaan ook over wie er eigenlijk belang heeft bij ‘armoede’ als probleem en ze laat zien hoe behalve de ontwikkelingsindustrie ook banken en bezitters van kapitaal in het Westen graag over armoede en over microkredieten spreken omdat zij zo armen kunnen opnemen in hun systemen van speculatie: ze geven kleine kredieten en dan is er goed te verdienen aan ondernemerschap in het Zuiden.

De vragen die uit beeld verdwijnen

Mijn eigen vakgenoten, sociologen, zijn zeer bedreven in het onderzoeken van ‘groepen’ en hun ‘problemen’. Ikzelf ben ook guilty as charged. In het bijzonder construeren we graag zulke ‘groepen’, ook al hangen ze soms met verschillende definities en rommelige statistieken aan elkaar. Zo wordt de ‘groep’ waar de WRR-brief zich in het bijzonder op richt soms de ‘lage SES-groep’ genoemd en dan weer de ‘laagopgeleiden’.

Maar het gaat mij er nu niet om daar kritisch op te zijn. Waar het mij om gaat is welke vragen uit beeld verdwijnen door die focus. Wat bij de verslaggeving van het NOS Journaal over de WRR-brief in beeld kwam waren frietzakken, sigaretten en hoofdloze mensen op de markt, als om daarmee aan te geven: dit zijn dus de mensen die er zo slecht uitkomen in onze statistieken. Dit zijn nu de mensen waarvan we graag zouden zien dat ze zouden stoppen met roken als ze zwanger worden, die wel eens een patatje minder zouden mogen eten en eens een keer wat actiever zouden mogen worden dan te slenteren langs de kraampjes. We geven ze geen hoofd, ze worden geen persoon, ze zijn representant van slecht gedrag.

Ik wil niet betwijfelen dat roken tijdens een zwangerschap ongezond is of beweren dat het eten van patatjes oorlog ons leven verlengt.

Andere vragen stellen

Wat ik wel wil is vragen wat we zien als we een andere vraag zouden stellen. Wat als we vragen hoe de groeiende onzekerheid op de arbeidsmarkt stress veroorzaakt en hoe die stress zich registreert op het lichaam: in samengeknepen schouders en slecht slapen bijvoorbeeld. Wat als we zouden vragen wat het doet om tijdens een studie al te weten dat het werkzame leven met een schuld begint. Of: wat als we zouden vragen wie er precies belang bij heeft om de problemen van kwetsbaren bij kwetsbaren zelf neer te leggen.

Dan stellen we vragen over onze gezondheidszorg en onze verzorgingsstaat die niet gericht zijn op hoe we specifieke ‘groepen’ kunnen laten ‘aansluiten’, of wat we kunnen doen om studenten minder gestrest te laten zijn, maar welke politiek tot deze verdeling van gezondheid leidt. Dan zien we het voordeel dat er is voor jonge mensen met ouders met vermogen: de ruimte die het schept om te weten dat je financieel niet verdrinken zult omdat er altijd een buffer is.

Of we krijgen veel scherper in beeld wat de gezondheidseffecten zijn van werken in bepaalde industrieën, zoals de detailhandel, waar met subsidie de lonen laag worden gehouden (de nu beroemde Primarkpremie) en de contracten onzeker. Dán nemen we de hoofdloze mensen serieus: juist door het eens niet over hun gedrag te hebben maar over de situatie waar zij zich in bevinden.

Een rapport over kwetsbaarheid zonder kwetsbaren: daarvan leren we meer.

Marguerite van den Berg is universitair docent sociologie aan de Universiteit van Amsterdam. Ze werkt nu aan onderzoek over precair werk in Nederland.

Foto: Joris Louwes (Flickr Creative Commons)

Dit artikel is 982 keer bekeken.

Reacties op dit artikel (1)

  1. Als je geboren word dat is het eerste wat al door een ander bepaald word.
    Vanaf dat moment draait het al om geld .
    Word je in een rijk gezin geboren zal je leven niks te kort komen.
    Maar word je in een arm gezin geboren begint het leven al een stuk moeizamer .
    De meeste problemen waar je dan mee te maken krijgt is door het constante gebrek aan geld.
    Dus er is gewoon maar 1 oplossing om de meeste levens op deze aardbol te verbeteren en dat is zorgen dat iedereen voldoende geld heeft om te leven.
    Dan zul je zien worden alle anderen problemen een heel stuk minder sommige zullen zelf totaal verdwijnen.
    Kinderen zullen met plezier naar school gaan omdat ze overal aan mee kunnen doen.
    Ouders hebben geen zorg meer om de touwtjes aan elkaar te knoppen.
    Met deze twee voorbeelden alleen al zal er veel meer mensen een stuk beter in zen vel zitten.
    Dus zal daar door ook minder een beroep gedaan worden op het zorgstelsel .
    Helaas de wereld word beheerst door geld en als je daar te weinig van hebt heeft dat grote gevolgen.
    Hoeveel verhaaltjes men ook in het leven roept geld is de oplossing voor de meeste er van.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *