Critici City Deal-onderzoek slaan plank mis

De kritiek van Nicole Ketelaar en Jack de Swart op deze site op het onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut naar de City Deal Inclusieve Stad slaat de plank mis en is niet duidelijk onderbouwd, betoogt Freek de Meere, projectleider van het onderzoek.

Nicole Ketelaar en Jack de Swart van de Enschedese hogeschool Saxion schrijven op deze site dat het Verwey-Jonker Instituut een te rooskleurig beeld geeft van de zogeheten City Deal Inclusieve Stad. We zouden geen oog hebben voor de worstelingen van sociaal werkers. Dat hebben we wel, maar natuurlijk zijn er méér ervaringen en dilemma’s van professionals waar uit geleerd kan worden als je een nieuwe weg in slaat. We doen ook niet voor niets aanbevelingen voor een landelijk professionaliseringsprogramma.

Wij benoemen wel degelijk knelpunten

Ernstiger is de aantijging van Ketelaar en De Swart dat wij geen kritische geluiden in het rapport zouden hebben opgenomen. Dat kunnen ze niet menen. In de samenvatting van de ervaringen van professionals worden vijf positieve en acht knelpunten benoemd, waaronder de hoge werkdruk en onzekerheid over de maatschappelijke baten. Zelfs Ketelaars en De Swarts voorbeeld van de worstelende professional benoemen wij expliciet (onder ‘Onzekerheid over de precieze aanpak’).

We beschrijven ook hoe professionals worstelen

Missen de auteurs citaten van professionals? Dan hebben ze vijf stedenrapporten overgeslagen die de basis vormen van het hele onderzoek. Lezing daarvan had ze tot een evenwichtiger oordeel gebracht. In het kader onderaan dit artikel is te zien hoe bijvoorbeeld de professionals in Leeuwarden worstelen met de inzet van financiën, met maatwerk en dat de toegenomen handelingsruimte niet door iedereen zo ervaren wordt. We nodigen de lezer vooral uit het rapport zelf te lezen, en de stedenrapporten dan níet over te slaan. Er staan méér dilemma’s in.

De constatering dat we leerpunten benoemen vanuit het beleidsperspectief is goed gezien. Wil je liever het perspectief van de professional? Doe een poging! Afgelopen maart is door onze onderzoeker van Enschede aan Ketelaar aangeboden om elkaars bevindingen te delen en te kijken naar overeenkomsten en verschillen. De voorkeur ging uit naar dit artikel in Sociale Vraagstukken.[i]

De onderzoekers zijn welkom bij ons

Wat wordt eigenlijk beoogd met deze ‘bespreking’, voor wie is dit op welke wijze nuttig? De hele bespreking framen als ‘de werkelijkheid is minder positief dan blijkt uit het rapport van het Verwey Jonker Instituut’ vereist wel een bespreking die dit aantoont. Moeten we soms net doen of de professionals lagere rapportcijfers gaven dan ze dat daadwerkelijk deden? En waar is het onderzoek van Ketelaar en De Swart eigenlijk te vinden die tot andere bevindingen zouden leiden?

We stellen voor dat we onze tijd en energie verder gebruiken om in het werkveld wél vooruit te komen. De onderzoekers van Saxion zijn welkom bij ons aan de Kromme Nieuwegracht in Utrecht, er zijn inhoudelijk issues genoeg om te bespreken. Ook de redactie van Sociale Vraagstukken is trouwens uitgenodigd. Is niet iets te lichtvaardig de naam van ons Instituut in diskrediet gebracht?[ii]

Freek de Meere is hoofd van het onderzoeksteam van het Verwey-Jonker Instituut dat onder de noemer ‘Doen wat nodig is voor inwoners’ onderzoek deed naar de ervaringen van de City Deal Inclusieve Stad.

[i] We hebben contact gehad met Nicole Ketelaar, die ontkent zo’n uitnodiging om bevindingen te delen van het Verwey-Jonker Instituut te hebben gehad.

[ii] De redactie laat de uitnodiging graag aan zich voorbij gaan. Het artikel van Ketelaar en De Swart voldoet aan onze kwaliteitscriteria van een helder en onderbouwd betoog over een relevante kwestie (ervaringen van professionals in de City Deals). Bovendien is het Verwey-Jonker Instituut alle gelegenheid geboden voor verweer.

Zeggenschap over financiën

Op de vraag of er meer zeggenschap is over de inzet van financiën wordt divers geoordeeld, de helft zegt van wel en de andere helft juist van niet. Dit blijkt het gevolg te zijn van twee verschillende interpretaties van de vraag. De mogelijkheid een aanvraag in te dienen voor een Resultaat Volgend Budget staat daarbij centraal. Je kan dat zien als een manier waarop de professional grip heeft op de inzet van financiën.

“Dankzij het resultaatvolgend budget durf ik dingen meer door te drukken en kan ik het ook beter motiveren.”

“In één zaak heb ik echt met succes kunnen onderhandelen en daardoor 1200 euro per maand uitgespaard bij de woonbegeleiding van een jongere die tevoren op straat had geleefd.”

Datzelfde wordt tegelijkertijd ook ervaren als dat anderen beslissen. Zo heeft een professional niet echt het idee grip te hebben op de financiën terwijl er in een door haar vormgegeven aanpak meer dan 100.000 Euro per jaar wordt uitgegeven. Uiteindelijk gaan anderen erover om het toe te kennen. Een collega:

‘Er wordt nog steeds op je vingers gekeken of het niet goedkoper kan. Vooral de gemeente doet dat, omdat hun potjes allemaal leeg zijn.’

Toepassen maatwerk

Drie kwart van de professionals zegt maatwerk toe te passen, of dat in ieder geval gepoogd te hebben. In een enkel geval is dat uiteindelijk niet gelukt. Twee professionals zeggen überhaupt niet aan maatwerk toegekomen te zijn in het afgelopen jaar. Ook wordt de opmerking door drie professionals gemaakt dat maatwerk toepassen al het uitgangspunt van het werk is en dat dit al eerder in Leeuwarden gebeurde. Deze manier van werken staat in de dagelijkse praktijk onder druk, en de City Deal wordt dan gezien als een manier om het belang van die werkwijze te onderstrepen.

Het toepassen van dat maatwerk is daarbij een opgave op zich:

“Deze maatwerkaanpak levert ook onzekerheid op over wat is de goede oplossing, doe ik het wel goed. Ik moet me verantwoorden aan anderen zoals de gemeente.”

Toegenomen handelingsruimte?

Ook hier zien we een grote meerderheid van de professionals het idee ondersteunen dat de handelingsruimte in principe is toegenomen. In de praktijk kan dit tegenvallen door dwingende randvoorwaarden, door kenmerken van de case, of door de toetssteen uiteindelijk bij het resultaat te leggen:

“In sommige gevallen is mijn handelingsruimte toegenomen omdat ik de tijd durfde te pakken. Maar soms ook niet vanwege de druk van de wachtlijst. De urgentie van de hulpvraag is hier ook van invloed op.”

“Ja, mijn handelingsruimte is zeker toegenomen, maar op dit moment is het nog niet duidelijk of dat ook tot resultaat leidt.”

Professionals die geen extra handelingsruimte ervaren kunnen wel de potentie ervan zien:

“Ik ga er van uit dat dat wel zo is, maar ik heb het zelf nog niet kunnen ervaren.”

 

Reacties op dit artikel (1)

  1. De reactie van Freek Vermeere op het stuk van Nicole Ketelaar en Jack de Swart kenmerkt zich vooral door veel retorische vragen en uitroeptekens. Dat is meestal geen goed teken, vooral deze niet: ‘Is niet iets te lichtvaardig de naam van ons Instituut in diskrediet gebracht?’
    Ik heb zelf niet de indruk dat Ketelaar en de Swart de naam van het instituut in diskrediet hebben gebracht. Ze kaarten met hun observaties een probleem aan dat mi. een diepere achtergrond heeft. En dat begint bij de connotatie van het anglicanisme ‘City Deal’ dat associaties oproept met ‘quick fix’. En zoals iedereen weet zijn er in het sociale domein geen snelle oplossingen (zie ook mijn reactie op het stuk in SV van Petra Schaftenaar en Andries Baart). Sociale problemen hebben meerdere achtergronden die zich slecht lenen voor ‘deals’en dat maakt het hulverleners niet gemakkelijk.
    Dit omdat veel problemen van mensen een reactie zijn op de organisatie van de huidige maatschappij en wetgeving, die vooral vindt dat mensen hun eigen problemen moeten oplossen (Rutte’s Eigen Kracht). Dit uitgangspunt is in dwingende wetgeving gegoten, vooral in het sociale domein. De Participatiewet met duizenden bijbehorende maatregelen is een van de meest ingewikkelde wetten die er bestaan. Iedereen moet competitief en flexibel zijn en zich tegelijkertijd aan de regels houden. Dat botst met de executieve functies die deze mensen soms niet hebben. Toen ik zelf werkzaam was bij de Sociale Dienst zagen we met regelmaat clienten herhaald in allerlei fuiken lopen, waarvan de overheid een aan de ene kant nam en aan de andere kant de gevolgen weer moest oplossenAls ik kijk naar de voorbeelden van de City Deals (wie heeft ‘blockchaintechnologie’ bedacht?) dan zie ik vooral incrementele voorbeelden die als maatwerk worden verkocht. Echte veranderingen vragen om fundamentele aanpassingen in de maatschappij en wetgeving: bijvoorbeeld een Belastingdienst die niet meer door een schuldsanering mag fietsen, een basisinkomen voor iedereen of genoeg geld naar jeugdzorg en onderwijs.
    Ik ben bang dat City Deals daar niks aan gaan veranderen en daar worstelen hulpverleners terecht mee (ik ook destijds) en dat is van alle tijden. Die boodschap is belang om mee te nemen in het debat.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *