En dan zit je opeens thuis als hulpverlener

En maar doorgaan, jezelf wegcijferen, waarschuwingen negeren. Tot het opeens te veel wordt en je je werk tijdelijk niet meer kunt doen. Een herkenbaar verhaal en een taboe voor veel hulpverleners. Ggz-herstelondersteuner Marieke Bourgonje ondervindt het aan den lijve.

Familieleden. Je kiest ze niet uit, hoor je weleens. Je hebt het er maar mee te doen. In feite geldt dit ook voor je team op je werk. Hoe je ook probeert de klik te vinden bij een sollicitatie, hoeveel trucjes er ook zijn op het gebied van teamontwikkeling en samenwerking, soms gaat het south.

En ineens zat ik na maanden van uitstelgedrag bij mijn huisarts

Ik werk in de ambulante psychiatrie, met heftige en volle caseloads en elke dag vol verrassingen. Je moet je veilig voelen, jezelf kunnen zijn en het samen aangaan. Een team dat staat als een dijk is dan heel belangrijk. Je kunt het niet alleen. Als die dijken het begeven, heb je een probleem. In mijn geval was het telkens proberen die ontstane gaatjes weer dicht te stoppen met zand. Soms hielp dat even, maar kwamen er andere, ook wel onverwachte, breukjes bij. En op een gegeven moment brak de hele dijk door en hadden we een overstroming te pakken.

Eventjes thuiszitten

En ineens zat ik na maanden van uitstelgedrag bij mijn huisarts. Het laatste zetje dat ik nodig had, was een appje van een vriendin die beloofde me eraan te herinneren een afspraak te maken. Omdat ik haar niet wilde teleurstellen (en zelf ook geen commentaar wilde als ik weer had ‘gefaald’), heb ik toen dat kwam meteen de telefoon opgepakt. Ik ga daar altijd wel lekker op, die externe motivatie.

Deze huisarts en ik hadden elkaar nog nooit gezien. Ik een ratelderatel-verhaal over waarom ik dacht dat ik misschien toch wel AD(H)D heb en dat ik dat nou weleens zeker wil weten. Over de directe aanleiding dat ik momenteel eventjes thuiszit, maar vooral ook over waar ik al langer tegenaan loop.

Doorverwijzing

Je kent het misschien wel, dat je op zo’n moment zo goed mogelijk wilt overkomen, waardoor je je juist als een of andere iep gedraagt. Een soort van woordenkots die niet onderdeed voor die bekende passage uit mijn favoriete film Mean girls. Mocht ik ooit bij je komen solliciteren, hou dit in gedachten ;-).

Een goede dosis zelfspot (en de nodige zelfreflectie) maakt je ellende een stuk leuker

Ik geloof dat het hem wel meteen duidelijk was, want ondanks dat hij mij niet kende, maakte hij lachend de doorverwijzing in orde. Hij was niet zo’n zakelijk type van je verhaal doen en opzouten, maar hij gooide meteen een boel eigen ervaringen op tafel. Heerlijk. Kwam ik hem de volgende dag ook nog tegen in de sportschool, waar ik mezelf voor het eerst in twaalf maanden eindelijk weer naartoe had weten te schoppen.

Heel hoge pieken

Het klinkt allemaal supergrappig. Dat is het ook wel, als het niet ook zo triest zou zijn. Ik ben ook best wel grappig, als ik niet constant met mijn kop tegen de muur knal. Of misschien juist wel daarom. Omdat ik daar zo lekker over kan vertellen. Een goede dosis zelfspot (en de nodige zelfreflectie) is belangrijk in het leven en maakt je ellende een stuk leuker. Ik heb meestal wel de lachers op mijn hand, maar dat betekent natuurlijk niet dat het niet ook bloedserieus is.

Ik zit hier niet bij de huisarts omdat ik me zo fantastisch voel, maar omdat ik na al die jaren moe ben van het zelf maar uitzoeken waarom ik mezelf voortdurend in de weg zit. Feit is dat ik behoorlijk veel last heb van onrustklachten. Concentratieproblemen, hyperfocussen, fidgeting. Het huis maar niet blijvend netjes kunnen houden. Een soort van alles-of-niets-mentaliteit. Totaal gebrek aan overzicht en tegelijkertijd letten op alle details.

Niet elke dag is een goede dag, maar er zit wel wat goeds in elke dag

Plannen kan ik als de beste. Me vervolgens aan die planning houden, hangt af van een stuk of wat factoren. Van te veel moeten doen van mezelf, word ik passief. Geeft niet, want ik pak de draad altijd wel weer lekker op. Niet elke dag is een goede dag, maar er zit wel wat goeds in elke dag. Bij diepe dalen horen ook heel hoge pieken. En die pieken, daar heb ik er gelukkig een heleboel van. Om maar even in clichés te spreken.

Copingmechanismen

Helaas gaat het nog even duren voordat ik uitsluitsel heb. De wachtlijst bij de organisatie die ik voor diagnostiek heb gekozen, is bij mijn verzekeraar 41 weken. Dat betekent dat ik tegen december een keer aan de beurt ben, omdat mijn doorverwijzing in februari was. Misdadig lang. Tot die tijd zal ik het dus nog even moeten rooien met al die copingmechanismen die anderen nog steeds verbaasd laten kijken dat ik überhaupt met al die issues rondloop.

Ik heb drukke weken en werk veel. Ik denk zo goed mogelijk aan belangrijke momenten van mijn vrienden, sta altijd klaar met een luisterend oor of om iets te vieren. Ik kan ze helemaal meenemen in mijn enthousiasme als ik weer ergens mee bezig ben, of als ik de wereld weer eens door een knalroze bril bekijk.

Ik heb altijd heel hard gewerkt om mijn innerlijke strijd niet te laten merken aan de buitenwereld

Ik heb altijd heel hard gewerkt om mijn innerlijke strijd niet te laten merken aan de buitenwereld. Er was ook geen excuus, wat er in mijn optiek juist voor zorgt dat je honderd manieren vindt om ermee om te gaan. En dat ik sommige dingen lastig vind, betekent natuurlijk helemaal niet dat ik het niet kan. Het kost mij alleen wat meer moeite. In andere ben ik weer beter.

Teamveiligheid

Goed. Terug naar het verhaal ‘thuiszitten’. De directe aanleiding daarvan zijn wat gebeurtenissen binnen mijn eigen team geweest. Ik kan en wil daar nu niet verder op ingaan. Wel wil ik kwijt dat het onderwerp teamveiligheid me na aan het hart ligt. Stay tuned, want in een later artikel wil ik dit wel verder onder de loep nemen. Feit blijft dat ik wellicht binnenkort elders ga kijken of ik daar mijn geluk vind.

Toevallig stuitte ik een tijd geleden op een artikel over hoe open je over bepaalde privézaken kunt zijn bij een nieuwe werkgever of een sollicitatie. Nu kan ik dat niet meer vinden, maar schrik ik als ik wat andere bronnen opzoek. Hoewel in onderzoeken en artikelen meerdere malen wordt aangegeven dat er ook voordelen zijn aan open kaart spelen en er tips worden gegeven om dat constructief aan te pakken, lijkt het de tendens om over (eerdere) psychische problemen vooral je mond te houden. In ieder geval tijdens een sollicitatie.

RTL Nieuws schrijft in 2019 over een onderzoek van de Universiteit Tilburg. Openheid zou slecht kunnen uitpakken. Vooral hr-managers zouden discriminerend bezig zijn. Ze bedanken voor de waarschuwing, maar nemen je niet aan, inherent aan hun taak om de beste mensen voor het bedrijf te kiezen. Ook noemden zij slechtere uitkomsten als een korter contract, een tijdelijk contract en verlies van salaris. Daarnaast zou het stigma op de problematiek een grote rol spelen en voor problemen zorgen.

Waarheid ombuigen

NPO3 (2022) gooit wat cijfers op: 64 procent van de leidinggevenden zou iemand niet willen aannemen met de wetenschap dat iemand een psychische aandoening heeft, hoewel bijna de helft van alle Nederlanders er ooit mee te maken krijgt en bijna 75 procent van de werkende Nederlanders wel open zouden willen zijn. In dat artikel stelt Jaap van Weeghel (hoogleraar Rehabilitatie van Psychiatrische Patiënten aan de Universiteit van Tilburg én directeur van Kenniscentrum Phrenos) dat je beter aan de veilige kant kunt spelen en heel voorzichtig moet zijn tijdens een sollicitatie. Zelfs dat het niet heel erg is om de waarheid wat om te buigen en dat je in een later stadium altijd nog je verhaal kunt vertellen.

De angst regeert toch: men is bang om iemand aan te nemen op wie ze niet kunnen rekenen

Ook Psychologie Magazine (2021) waarschuwt. Slechts 7 procent van de leidinggevenden zou slechte ervaringen hebben met werknemers met psychische klachten. Daartegenover staat dat 52 procent aangeeft dat deze ervaringen juist positief waren. De angst regeert toch: men is bang om iemand aan te nemen op wie ze niet kunnen rekenen.

Eerder schreef ik voor Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken al over de disbalans tussen het uitgaan van het eigen verhaal van ervaringsdeskundigen en het delen van je eigen ervaringen als professioneel hulpverlener. Blijkbaar zit die tweedeling er bij de poort al ingestampt.

Out of the box

Dat er nog zo’n taboe rust op het openbaren van je eigen kwetsbaarheden maakt me verdrietig. Ik heb helemaal geen diagnose, maar ik probeer me voor te stellen dat dit (ooit) over mij gaat. Naast de dingen die me moeite kosten, ben ik namelijk ook heel loyaal en zet ik me voor de volle 100 procent in. Ik zal altijd een tandje bijschakelen zodra mijn eigen issues me in de weg zitten.

Ik heb een boel kennis en kan met veel verschillende mensen omgaan. Ik heb interessante ideeën en denk out of the box. Kan verbanden leggen waar niemand anders op zou komen en kan snel schakelen. Ik heb een doorzettingsvermogen waar je u tegen zegt en ik kan zware onderwerpen heel lekker relativeren. En laten we wel zijn: dat is in de zorg best allemaal heel handig, toch?

Marieke Bourgonje werkt als herstelondersteuner in de ggz.

 

Illustratie: Andrea Cannata via Pixabay

Noten

1    Laanen, J. (2019). ‘Vertel liever niet over je psychische problemen op je werk’. Verkregen op 29 maart 2024, www.rtl.nl/economie/life/artikel/4821131/psychische-problemen-op-werkvloer-liever-niet-vertellen?redirect=rtlnieuws

2    oem.bmj.com/content/78/8/593.long

3    NPO3 (2022). Een gat in je cv: Vertel je op je werk over je psychische aandoening of zwijg je erover? Verkregen op 29 maart 2024, npo.nl/npo3/brandpuntplus/sollicitatie-psychische-aandoening

4    Lelij, O. van der & P. van der Lee (2021). Bij een sollicitatie vertellen over je psychische klachten? Liever niet. Verkregen op 29 maart 2024, www.psychologiemagazine.nl/artikel/vertel-je-op-je-werk-over-je-burn-out/

Dit artikel is 1076 keer bekeken.

Reacties 1

  1. Ik ben een INFJ en herken ook deze punten. “out of the box” denken wordt vaak niet begrepen door anderen omdat we die lagen voelen en zien wat anderen niet kunnen reiken. Daarvoor lijken anderen zich voor af te sluiten en gooien eigenlijk hun visie ‘hier en nu, wat ik zie, voel’ op ons intuitives-types potdicht. Ook ben ik erg empathisch en hebben en soms niet door dat we anderen voelen en onszelf vergeten (in dit geval hebben we Fe – extraverted feeling) meestal kom je pas later achter dat je dit niet had moeten doen. Ik weet dat INFJ in stress dingen gaat fixen en dus gaat letten op details. Ik weet dat INFJ zijnde dat de trickster is ‘Ni-ti loop, wat inhoudt dat je snel in overdenken valt, wat vaak automatisch piloot is, en wat drukte kan geven in ons hoofd(racende gedachten en niet kunnen loslaten. INFJ’s en ENFJ’s hebben ook veel last van empathie burn-outs (ENFJ’s en INFJ’s hoeven niet te proberen je gevoelens te absorberen, het is zo natuurlijk voor hen als ademhaling. hun gevoelsproces werkt ‘harmoniserend’ en deze typen ‘onbewust de emoties van anderen in realtime absorberen’. – NFJ’s zijn zeer gedreven en doelgerichte mensen die gemakkelijk een situatie kunnen beoordelen, honderden onderliggende patronen en aanwijzingen kunnen zien en bepalen waarom je in de positie bent waarin je bent en hoe je eruit kunt komen.

    2: Wat helaas vaak gebeurt is dat er praktische hulp wordt aangekaart wat voor deze typen niet werkt.

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *