Graag meer empirische en minder eufore kijk op burgerinitiatieven

Hoogleraar Transitiekunde Jan Rotmans verwijt Evelien Tonkens en Jan Willem Duyvendak geen oog hebben voor de revolutionaire kanteling van de samenleving. Ze zouden zelfs dedain tonen voor de burgerinitiatieven die alom ontstaan. Een repliek.

Onderschatten wij de beweging van sociaal ondernemerschap en/of burgerinitiatieven zoals Jan Rotmans beweert? Hoewel Rotmans stelt dat niet bekend is hoeveel initiatieven er zijn, betoogt hij toch dat sprake is van een ‘explosie aan burgerinitiatieven in de afgelopen 10 jaar.’ Het Sociaal Cultureel Planbureau gaat gelukkig wat wetenschappelijker te werk en stelt dat er landelijk geen toename is van dergelijke initiatieven (Van Houwelingen, Boelee en Dekker 2014). Dat sommigen desondanks de indruk van een ontploffing krijgen, komt vermoedelijk doordat beleid, politiek en media er veel meer aandacht aan besteden dan voorheen (Peters, Van Stipdonk en Castenmiller 2014).

Geen revolutionaire kanteling, maar uitbuiting van zzp’ers

Wij hebben de afgelopen tien jaar zelf ook veel onderzoek naar burgerinitiatieven verricht. Maar eerder dan een kwantitatieve toename zien we een kwalitatieve verandering. De aard van burgerinitiatieven lijkt deels te verschuiven in de richting van ‘sociaal ondernemerschap’, zoals Rotmans ook constateert. Maar wat hij niet signaleert, is dat dit vaak heel enthousiaste en energieke maar ook tamelijk noodlijdende ondernemers zijn die het hoofd net wel of net niet boven water kunnen houden. Zij zijn bijvoorbeeld zorgverlener, kunstenaar, docent of sociaal werker van beroep, maar omdat daarin geen werk te vinden is, zijn ze voor zichzelf begonnen. Door actief te zijn in de buurt en mee te dingen naar subsidies voor burgerinitiatieven, hopen zij een boterham te verdienen en in het gezichtsveld van geldschieters te komen.

Het zou goed kunnen dat deze groep zo-goed-als-werkloze-zzp-ers-op-zoek-naar-een-klus toeneemt, en nog verder zal toenemen de komende jaren, want in de sociale en culturele sector zijn bitter weinig banen. Dit lijkt ons geen wensdroom van een ‘revolutionaire kanteling’ waarover Rotmans jubelt, maar eerder uitbuiting van een nieuwe groep werklozen. Deze ‘zzp-ering’ van burgerinitiatieven is geen marginale ontwikkeling. Onlangs werd een van ons uitgenodigd om een avond te praten met een representatieve vertegenwoordiging van de burgerinitiatieven in een middelgrote stad. Op één na waren alle initiatiefnemers zzp-ers op zoek naar klussen. In het ene geval waarin het niet om een zzp-er ging, was de initiatiefnemer een gepensioneerde.

De schijn van blauwe bomen en denktanks

Naast deze nieuwe kansarme werklozen zijn ook veel ambtenaren en sociaal werkers in deze initiatieven actief, zo blijkt herhaaldelijk uit onze en andere onderzoeken naar burgerinitiatieven. Peters, van Stipdonk, en Castenmiller (2014, p.51) spreken daarom van ‘overheidsinitiatieven die in samenspraak met burgers opgezet en uitgevoerd worden.’ In haar binnenkort te verschijnen promotieonderzoek naar actieve burgers in Amsterdam-West beschrijft Mandy de Wilde een mooi voorbeeld van zo’n overheidsinitiatief: ‘de blauwe boom’. Een boom die inderdaad blauw was geverfd en door een groepje uit de buurt van een grote kap-actie was gered. Dit werd gepresenteerd als burgerinitiatief, maar bij nader onderzoek bleek de initiatiefnemer een professionele ‘ondersteuner’ van burgerinitiatieven. Zijn buurtkantoortje keek uit op de boom en hij wilde die graag voor de ondergang behoeden. Hij wist dat professioneel initiatief politiek niet scoort maar een burgerinitiatief wél, en ging dus op zoek naar bewoners die zijn actie wilden steunen. Dat lukte en zo kon het ambtelijk plan de geschiedenis in gaan als een burgerinitiatief.

Op dezelfde manier werd een van ons een paar jaar geleden benaderd door een ambtenaar om mee te draaien in de denktank sociale cohesie van een stadsdeel. De ambtenaar organiseerde de denktank als een ware opbouwwerker: ze selecteerde deelnemers, organiseerde de bijeenkomsten, voorzag deze van een agenda, een ruimte, een maaltijd en notulen. Het was op zijn minst wonderlijk de denktank daarna herhaaldelijk aangeprezen te zien als een burgerinitiatief. Zulke voorbeelden van quasi-burgerinitiatieven zijn er legio (zie bijvoorbeeld Van der Veen & Duyvendak 2014).

Is het erg dat burgerinitiatieven vaak door de overheid geïnitieerd en door zzp-ers of andere betaalde krachten gedragen worden? Welnee. Het belang en de betrokkenheid van ambtenaren is vaak behulpzaam bij de realisering van dergelijke initiatieven, en zzp-ers, of andere betaalde krachten, kunnen een ondernemende en verfrissende rol spelen en nieuwe interessante voorzieningen in het leven roepen waar gevestigde organisaties nog niet aan gedacht hadden of die voor hen moeilijker te realiseren zijn. Zij kunnen dit bovendien doen vanuit een speciale betrokkenheid bij het onderwerp, bijvoorbeeld omdat ze de problematiek uit eigen ervaring kennen.

Maar laten we wel duidelijk stellen waar het om draait: eigenlijk gaat het dus niet om ‘pure’ burgerinitiatieven en vanwege de vaak grote rol van de overheid evenmin om ‘sociaal ondernemerschap’. Een betere term is maatschappelijke initiatieven van burgers, overheid, maatschappelijke organisaties en/of ondernemers/zzp-ers, waarbij soms burgers, maar soms ook ondernemers, overheid of sociaal werkers initiatiefnemers zijn, afhankelijk van aard en inhoud van het initiatief.

Goedkoper dan reguliere voorzieningen zijn deze initiatieven niet bij voorbaat. Er gaat vaak heel veel publiek geld in. Eind december rapporteerde een landelijke krant over een bewonersinitiatief dat door de bewoners zelf zou zijn geïnitieerd en door crowd sourcing gefinancierd, maar bij nadere lezing zat er bijna 2 ton subsidie van met name overheden in en nog geen 8 duizend euro van burgers zelf!

Wel eerlijk zijn: dit is geen beweging van onderop

Er is ongetwijfeld een toename van bijvoorbeeld zorg- en energie-coöperaties, maar soms zijn dat gewoon ondernemers die een nieuwe energie- of zorgmarkt zien en creatief gebruik maken van subsidies of andere publieke middelen (bijvoorbeeld pgb’s). In het geval van zorgcoöperaties spelen zij slim in op de breed gedeelde angsten van babyboomers dat er voor hen straks geen goede zorg meer beschikbaar is.

Dat we hier te maken hebben met een mengsel van overheidsinitiatief, ondernemerschap en burgerinitiatief is helemaal niet erg. Maar laten we er wel eerlijk over zijn. En dus toegeven dat dit niet een ‘beweging van onderop’ is: het is een beweging van alle kanten. Of we hier getuige zijn van een grote maatschappelijke omwenteling is nog maar de vraag; zeker is wel dat media en politiek belangstelling hebben voor en ondernemers belang hebben bij die media-aandacht. En als we eerlijker over deze maatschappelijke initiatieven zijn, dan moeten er ook op wijzen dat het financieel gezien niet zoveel zin heeft om het sociaal werk weg te bezuinigen en deze maatschappelijke initiatieven ruim baan te geven: beide doen immers aanspraak op publieke middelen. De kwaliteit kan natuurlijk wel verschillen, maar dat het sociaal werk het daarbij bij voorbaat zou moeten afleggen staat wat ons betreft bepaald niet vast.

De overheid speelt vaak al een rol en kan dat maar beter goed doen. Heel belangrijk is het wegnemen van bureaucratische belemmeringen, die initiatieven vaak sterk ontmoedigen (Tonkens en Verhoeven 2011). Ook het beschikbaar stellen van sociaal werkers is behulpzaam. Zij kunnen uitsluiting van minder mondige burgers tegengaan. Ook een fonds met bescheiden bedragen voor maatschappelijke initiatieven – vanaf een paar honderd euro - is zinvol. De overheid, maar vooral ook woningbouwcorporaties, kunnen ruimtes ter beschikking stellen. Vooral startende initiatieven hebben daar vaak dringend behoefte aan. Een ter beschikking gestelde ruimte kan kleine initiatieven soms vleugels geven (Tonkens en De Wilde 2013).

Ons pleidooi om wat reëler, empirischer te kijken naar maatschappelijke initiatieven heeft niet alleen te maken met de mogelijke schaduwzijden en risico’s, zoals zzp-ers die nauwelijks rond kunnen komen en overheden die ten onrechte denken dat ze zich wel terug kunnen trekken. Wat minder eufoor zijn dan Jan Rotmans heeft ook het voordeel dat je goed en open blijft kijken en onderzoeken en geen ongefundeerde waarheidsclaims doet over actuele en toekomstige ontwikkelingen. Rotmans weet niet alleen zeker wat er nu gebeurt (‘grote kanteling’), hij weet ook zeker dat deze zich zal moeten doorzetten, ja zelfs dat iedere ‘tegenwerking’ vermorste energie is. Hij schrijft letterlijk dat ‘er geen weg meer terug is’ en dat het daarom geen zin heeft om de door hem geclaimde trend ‘te problematiseren.’ Het gaat volgens hem om een ‘Genesis van een derde wereld’ en een ‘hoger niveau van evolutie.’ Hier spreekt een dweperige gelovige met wie een open discussie weinig kansrijk lijkt. Rotmans weet immers zeker hoe de wereld zich zal gaan ontwikkelen, en wie dat niet zo ziet, is per definitie een dolende geest uit een lang vervlogen tijdperk . Waarvan acte.

Evelien Tonkens is hoogleraar aan de Universiteit voor Humanistiek. Jan Willem Duyvendak is hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Amsterdam.

 

Literatuur

Peters, K., V. van Stipdonk, P. Castemiller (2014). Verkenning van lokale democratie in Nederland. Decentraal Bestuur (decentraalbestuur.nl)

SCP (2014). Burgermacht op eigen kracht? Een brede verkenning van ontwikkelingen in burgerparticipatie. Auteurs: P. van Houwelingen, A. Boelee, P. Dekker. Den Haag: SCP.

Tonkens, E. H., & Wilde, M.de (2013). Als meedoen pijn doet: affectief burgerschap in de wijk. Amsterdam: Van Gennep.

Tonkens, E. H. en I. Verhoeven (2011). Bewonersinitiatieven: proeftuin voor partnerschap tussen burgers en overheid. Een onderzoek naar bewonersinitiatieven in de Amsterdamse wijkaanpak. Universiteit van Amsterdam/AISSR.

Veen, M. van der, & J.W. Duyvendak (2014). Het gelijk van de bakfietsburger. Op eigen kracht onderuit. De Groene Amsterdammer, 16 juli.

Reacties op dit artikel (27)

  1. Ik begrijp niet waarom de toon van dit artikel zo vol dedain moet zijn. Minachting over kansarme, noodlijdende zzp-ers, minachting over een positieve levenskijk met vertrouwen in de toekomst. Ik lees er minachting in voor de levenskracht van mensen. Het lijkt alsof er op voorhand reserves moeten worden ingebouwd omdat ze het waarschijnlijk toch wel niet zullen redden. Door het inbouwen van die reserves redden velen het helaas ook niet. Je moet aan zoveel dingen voldoen om in deze mede door die beschermende maatregelen (bureaucratie) ingewikkeld gemaakte maatschappij te kunnen functioneren, dat er steeds meer mensen uitvallen.
    Zelfs ‘kansloze’ mensen gruwen vaak van ‘hulpverleners’. Hulpverleners die niet naar hun kwaliteiten kijken, maar naar hun onvermogen omdat ze aangenomen zijn om daar een handje in te helpen. Vaak houden ze elkaar in een houdgreep… de redder heeft een slachtoffer nodig om redder te kunnen zijn en omgekeerd.
    Met een positiever toekomstperspectief zijn mensen beter in staat om zichzelf bij de kladden te pakken, om te zien wat ze zouden willen, om te zien wat ze aan die toekomst zouden kunnen bijdragen. Met het blijven herhalen dat mensen het zelf niet kunnen, en als ze dan denken het zelf te kunnen (die zzp-ers) dat dat slechts een illusie is…… volgens mij wordt geen mens daar beter van, behalve onderzoekers en hulpverleners.

  2. Joh!

    Succesvolle chip-fabrikanten, DJ’s die om de haverklap hun Maserati in de prak rijden, commerciële banken. Iedereen kan in Nederland gebruik maken van subsidies of andere vormen van rondpompend publiek geld.

    Maar als een zzp’er of andere ‘burger’ gebruik wil maken van dezelfde mechanismen is hij/zij plots een kneus, die tegen zichzelf in bescherming genomen moet worden.

    Liever een Don Quichotte als Rotmans, dan de paternalistische bezweringen van deze twee hoeders van de samenleving. Jullie ruziën beiden over definities. Maar waar Rotmans een inspirerende visie neerzet, praten Tonkens en Duyvendak in beklemmende hokjes.

    Laat de mens toch vrij opereren, met een been in bestaande systemen, met het andere been in nieuwe onbekende gebieden. Geef het beestje eens geen naampje of hokje. Bedenk eens geen grenzen en afzonderlijke functies. De samenleving is geen fabriek.

  3. Burgerparticipatie is de nieuwe manier wat geld te verdienen. Niet alleen voor kwakkelende ZZP’ers en slimme ondernemers zoals Tonkins en Duyvendak laten zien. Maar vooral voor slimme hoogleraren die met spreekbeurten bij burgerinitiatieven en leuke boekjes wat extra kunnen verdienen.

  4. Dat mengsel van overheidsinitiatief, ondernemerschap en burgerinitiatief is zeker ‘niet erg’. Daar zitten voor mij de kansen. Deze week kwam een aantal (grote) zorgaanbieders, nieuwe ondernemers en georganiseerde bewoners in Amsterdam bijeen om samen voorstellen voor innovaties in de wijk te bespreken. Praktische initiatieven, zoals een was- en strijkservice vanuit reintegratie, werkleerbedrijf ism de ROC in de wijk en een bewonersinitiatief in ZO dat zorg en welzijn zou willen regelen en inkopen. De gemeente heeft ze hiertoe uitgedaagd en wil zelf leren voor toekomstig inkoopbeleid. Het “mengsel” is dus geen probleem, maar de weg vooruit. Wat goed dat de overheid daar het initiatief toe neemt. Zo ontstaat er innovatie in dienstverlening bij aanbieders en verdiencapaciteit in de wijk. We weten immers met zekerheid dat het anders moet omdat het zo niet meer kan.

  5. De wetenschap zou eens onderzoek moeten doen naar het gedrag van hulpverleners.
    Ze denken dat ze onmisbaar en superieur zijn en alles beter weten dan wie dan ook.
    Wat speelt er af in hun hoofden en waarom handelen ze zo ?
    Vooral in groepen ?
    Zijn ze zo geboren of is het aangeleerd ?

  6. Prachtige reactie vanuit de ‘oude wereld’ dit.

    Als je niet naar ‘buiten’ kijkt dan snap ik wel dat je de grote beweging mist dat mensen zich massaal aan het afkeren zijn van autoriteit en de logge organisaties die hier synoniem voor staan (Overheid is hier ook een voorbeeld van). De macht is niet meer aan groot, maar de kracht is aan klein…even vrij naar Triodos.
    Of het nou de taxi-branche, hotelbranche, voedingsindustrie is; overal is klein het aan het winnen van groot.

    Dus Evelien en Jan Willem, don’t shoot the messenger. Het zijn er namelijk velen. Society 3.0 is ook zo’n mooi visionair verhaal (Van R.v/h Hof; oprichter seats to meat). Ja, burgerinitiatief is van alle tijden. Wat vooral nieuw is, is de kracht die ervan uitgaat en de mogelijkheid tot snelle groei door de technologische middelen die voorhanden zijn om je te verenigen. Zo kan het zomaar zijn dat zo’n collectief ineens een paar ton van de overheid, of uit maatschappij, los krijgt geweekt. Dat was vroeger mss wel ondenkbaar.

  7. Juist de combinatie van de bestaande professionals, sociaal ondernemers en de vrijwilligers maakt het een succes. Iedereen houdt elkaar scherp en creëert een balans. Het uitgangspunt wordt kracht. De welzijns professional kan zich nu aan de buitenkant opstellen. De expertise gebruiken daar waar de echte hulp nodig is. De zzp’er komt in beeld omdat deze flexibel met de tijd kan leven. De meeste zaken moeten nu eenmaal tijdens kantooruren worden geregeld. Sociaal ondernemers zijn geen welzijnswerkers die voor zichzelf begonnen zijn. Het zijn vaak startende ondernemers uit alle beroepsgroepen, mensen met een visie, veel doorzettingsvermogen en een onuitputtelijke energie. Wat de toekomst brengt weet niemand, maar ik heb goede hoop.

  8. Begrijp ik het goed? Als je niet betaald wordt, ben je een burger en is wat je doet een burgerinitiatief. Als je wel betaald wordt, ben je zzp- er of ambtenaar of sociaal ondernemer?
    Volgens mij gaat het helemaal niet om dit onderscheid bij het idee van kantelen van de samenleving. Het gaat erom dat er een veelheid van kleine initiatieven van onderop ontstaat, zowel betaald als onbetaald met het doel de maatschappij beter te maken, veelal duurzamer.. Dit in tegenstelling tot verandering door beleid van grote organisaties en overheden.
    Graag verneem ik van welke hoogleraar dan ook of er een toename van dit soort initiatieven van onderop is. Met duidelijke aantallen.

  9. Natuurlijk is het pijnlijk als iemand je toont hoe je bent of wordt genaaid door mensen die hun eigen belang zo brengen dat het een algemeen belang lijkt te zijn. Toch is dat nu juist wat hierboven wordt gedaan. Dat dat pijn doet, bewijzen de reacties: vol dedain voor die ongelovige hoogleraren.

    Alleen al op basis van gezond verstand zou je moeten weten dat burgerinitiatieven niet kunnen zijn initiatieven waar ‘de burger’ initiatiefnemer van is. Daarvan zijn er teveel met teveel onderscheiden belangen en meningen. Wat hier wordt geschetst is zo realistisch als het maar kan: een burgerinitiatief ís niet nieuw en evenmin iets anders dan een initiatief van ’n burger. Dat zegt helemaal niets over de kwaliteit van het idee. Het zegt wel alles over het kunnen verkopen van je plan: als je het maar weet te verpakken in de heersende trend van aandacht voor de burger of voor zelforganisatie, zit je goed. Zoals ooit empowerment, zoals ooit inspraak, zoals ooit zelfbestuur, zoals ooit public private partnership, zoals ooit …. dat waren.

    Na twintig jaar bezig te zijn geweest in de innovatiestrategie is me zeker één ding duidelijk geworden: veel innovatie’denkers’ en vooral – voorspellers hebben geen enkel praktisch bewijs of aanleiding voor hun mening, anders dan wensdenken, hoe oprecht en positief ook. Daarvoor kun je je kop in het zand steken en stellen dat de skeptici allemaal zeurpieten, galspuwers en zwartkijkers zijn. Alsof de vraag ‘maar waar zie ik dat dan terug?’ niet mag worden gesteld.

    Ik denk dat Nederland – en zeker de beleidsmakers en beslissers – eens wakker moeten worden en zich realiseren dat innoveren niet zwart/wit is en dat innoveren evenmin te leiden is. En ja, dat maakt de weg vrij voor hen die heel geraffineerd hun eigen belang kunnen verkopen.

  10. Er is wel degelijk een kanteling gaande. Steeds meer burgers vinden dat de overheid fout bezig is, daarom proberen ze met zelf organisatie wat op te zetten.
    In de energie voorziening en de zorg bijvoorbeeld.

    Maar de oorzaken van de burgerinitiatieven zijn verschillend.
    In de zorg sloopt de VVD de samenleving en die gaat de gesloopte functies zelf doen. Zoals met zorg coöperaties.

    In de energiesector is een groot fossiel corruptie complex met vno ncw en EZ als spin in het web, en een aantal fossiele bedrijven zoals shell daar omheen.Deze clubs hebben veel lobbyisten in dienst die de politiek vrijwel helemaal hebben gehersenspoeld voor hun fossiel belang.
    Er zijn 63 regelingen voor bedrijven om subsidie te krijgen voor hun energie kosten, goed voor 10 miljard EUR per jaar, al jaren. Meestal in de vorm van belastingaftrek.
    De condities voor burgers om duurzame energievte krijgen zijn slecht.
    Ze krijgen geen subsidie. Maar betalen miljarden energiebelasting, waar bedrijven die 10 miljard subsidie krijgen.
    Consumenten betalen het net, maar gebruiken maar een kwart van de stroom

    Als ze samen stroom opwekken, mogen ze die niet thuis verbruiken, consumenten hebben een straatverbod voor hun eigen stroom.
    De regels van het fossiel corruptie complex msken hey burgers vrijwel onmogelijk om grootschalig, voor alle huishoudens duurzame stroom op te wekken.
    Toch blijkt 70 tot 80% van de kiezers meet windmolens te willen, bijvoorbeeld.

    Waarom heeft EZ de regels zo gemaakt, dat er niet vanzelf draagvlak ontstaat voor een windpark?
    Dat hebben ze wel geregeld voor bijvoorbeeld woonwijken en snelwegen. Waarom regelt de rijksoverheid geen gemakkelijke condities dat het bouwen van een windpark net zo simpel is als een huis in een nieuwbouw wijk?
    Deze corruptie kan niet meet zolang volgehouden worden, want zelf opwekken wordt steeds goedkoper.
    En politici zijnnzover gecorumpeerd door ambtenaren en bedrijven dat ze geen volksvertegenwoordiger met zijn maar bedrijfs vazal.
    Met het rechtse populisme als gevolg.
    De publieke omroep haalt de commerciële in met leugens en anti duurzaam propaganda, zoals het cpb liegt over windmolens

  11. Tja, voor enkele lezers heeft de boodschap van Tonkens en Duyvendak kennelijk een sfeerbedervend karakter. Maar uit eigen ervaring kan ik zeggen dat enkele ontnuchterende geluiden in het juichconcert van burger 3.0 die zichzelf met behulp van de deeleconomie en digitale technologie verheft, zeer welkom zijn. Hun nuancering maakt T&D niet direct tot vertegenwoordigers van de ‘oude orde’, die hun reflex tot bevoogding niet kan loslaten. Zaak is om te kijken hoe de kansen tot zelforganisatie die zich thans aandienen optimaal verzilverd kunnen worden, al dan niet in een hybride vorm met oude structuren.

  12. Op zich goede constatering dat momenteel veel ‘burger’initiatief helemaal geen burgerinitatief is maar overheidsinitiatief of , soms nog erger, maatschappelijk middenveld initiatief waarbij van daadwerkelijke ‘kanteling’ of noem het ‘ ontwikkeling’ geen sprake is. Soms zelfs het tegenovergestelde: hard vasthouden aan oude structuren en belangen onder mom van tegenovergestelde. Of zelfs oneigenlijke belangen. Dat wil niet zeggen dat er geen maatschappelijke trend is richting meer openheid, gelijkwaardigheid, bottomup initiatieven, minder sturende overheid etc.

    Het in dit stuk bestempelen van een groep ( ZZP-ers) als allemaal bijna-broodlozen-die-een-klus-zoeken vind ik wat erg stuitend,kortzichtig en duidend op onwetendheid. Ze zijn er zeker ‘dat soorten zzp-ers’, en dat zijn degene die door hen met andere belangen (en dus het oude vasthouden onder mom van het nieuwe) worden gebruikt voor andere (vaak niet zichtbare) doeleinden dan die van daadwerkelijke leefbare wijken en kernen. Maar is maar een deel van de vele ‘zzp-ers” , heel veel zzp-ers zijn juist degene die de innovatieve werkwijzen willen toepassen en dat mogelijk maken doordat ze nu juist die oude waarden ( groei omde groei e.d.), belangen en structuren loslaten. Overigens het maken van een groep ‘ zzp-ers’ is net zo onwetend, lamleggend en zelfs schadelijk als spreken over ‘ de overheid’ , ‘ de werknemers’ , ‘de vrouwen’, ‘de moslims’…

    Kern is dus: wat is het doel erachter? Is dit een door overheid of bijvoorbeeld ouderwetse wijkraad aangestuurde zzp-er op zoek naar klusje of iemand die daadwerkelijk een beweging wil mogelijk maken? Wat si de drijfveer erachter? Doel? Soms is het niet het doel dat opgeschreven is of gezegd wordt: kijk naar de daden, verdiep je in een persoon. Laat iedereen in zijn eigen omgeving bewust zijn, overal is het anders. Overals is een andere bodem. Er is geen ‘ gelijk’ en geen ‘waarheid’ meer geldend voor een heel land… overal kan het anders zijn.

    Dat is de volgende stap in onze samenleving en democratie : bewust worden wat en hoe willen we samen wel, en doen we ook de dingen die daaraan bijdragen? Apathie en onwetendheid (en stigmatisering van mensen in groepen) zijn in dat soort processen nagels aan de doodkist van een mooie gemeenschap.

  13. Erg prettig zo een nuchter en wetenschappelijk perspectief op een onderwerp, dat al lang een hype is geworden, met tal van ‘believers’ die geen kritisch tegenspraak (meer) dulden. Zo een benadering helpt niemand, maar slaat elk debat, dat je met zo’n belangrijk onderwerp moet hebben, alleen maar dood. Dus hulde voor de objectief-kritische, wetenschappelijke kijk van Tonkens en Duyvendak. Aan predikers hebben we niet zo veel, aan zo’n benadering wel.

  14. Oké, ik ben een burger…dat zijn we toch allemaal?
    Ja, ik schijn een professional te zijn want eens gewerkt in de GGz.
    En ook ja, ik was sinds 2006 een ZZP-er met meteen een leuk inkomen….
    Totdat ik in 2008 bedacht dat een Zelfregiecentrum precies past in de Wmo…met name voor mensen met een psychische kwetsbaarheid, dak- en thuisloze, etc. Ik begon ermee en al gauw nam het al mijn tijd in beslag en had ik 4 jaar geen inkomen…sterker nog ik stak er geld in. Maar ja nog steeds burger, ZZP-er en voormalig professional. En oja, ook nog gewwon ‘mens’.
    Nu, 6 jaar later, zijn gemeenten vol lof over onze gekantelde werkwijze: iedereen is welkom, mensen kunnen er halen én brengen, deze algemene voorziening voorkomt dat mensen duurdere maatwerkvoorzieningen nodig hebben cq claimen. Maar financiering vanuit gemeenten???

  15. Interessant stuk en ik ben het juist als ‘burgerinitiatief’ deels met de schrijver eens.

    Wat in dit stukje echter ontbreekt is dat de ‘jongens in functie’ vanuit zowel overheid alsook bedrijfsleven er best een potje van gemaakt hebben.
    Graag aandacht voor het feit dat de overheid steeds meer geld in eigen kring rondpompt (aan kick-offs en filmpjes) ter bevordering van vage doelen als ‘bewustwording’ terwijl het echte werk van vrijwillige burgers moet komen.
    Geld wordt uit basisvoorzieningen van ons aller samenleving weggehaald en verdeeld onder de feestvierders, de genoemde ‘jongens in functie’, die graag aan zelfevaluatie doen en bestaand programmageld aan elkaar blijven toedelen.
    Een belangrijk probleem rondom dit soort ‘evidence based programma’s’ is bovendien de afhankelijkheid van co-financiering vanuit het bedrijfsleven (met name multinationals, die vanuit hun eigen bestaansrecht conflicterende belangen hebben) bij wetenschappelijk onderzoek en als partner van zogenoemde innovatieve programma’s vanuit de overheid.

    Scholen, zorginstellingen, bibliotheken, buurthuizen en instellingen rondom jeugdzorg lopen op hun tandvlees en harde werkers worden wegbezuinigd terwijl bakken met geld naar managementfuncties blijven gaan, terwijl juist het rendement in de top maar matig succesvol blijkt te zijn.

    Maar ook goede doelen en burgerinitiatieven en ‘kanteldenkers’ kunnen er wat van. Ook daar zijn zat slimmeriken te vinden die subsidies voor hun eigen belang weten te gebruiken en zeer graag net wat gelijker zijn dan anderen.

    De enige mensen die zichzelf goed kunnen helpen, zijn de mensen die zichzelf goed kunnen helpen. Voor een belangrijk deel van de bevolking geldt dat niet. Die staan in de kou.

  16. Interessant stuk waarin volgens mij iedereen gelijk heeft: Ja, Prof Rotmans, de mogelijkheid om te kantelen is er inderdaad en ja, Prof. Tonkens en Prof. Duyvendak, we kunnen beter niet euforisch met deze mogelijkheid omgaan want ze is heel belangrijk voor de samenleving en we hebben ‘dit wiel’ helaas nog niet uitgevonden. De benodigde kennis is op dit moment nog volop in ontwikkeling.
    We kunnen dan wel ‘met zijn allen verzamelen op de pleinen’ maar hoe we onze systemen kunnen innoveren zodat we deze mogelijkheid tot collectieve actie constructief kunnen benutten, dat hebben we nog niet helemaal scherp in beeld, zeker niet op macro-niveau.
    De netwerksamenleving biedt inderdaad ongeziene mogelijkheden maar om die constructief te kunnen benutten moeten we ook wetenschappelijk reframen: van het Newtoniaanse perspectief naar het perspectief van de levende systemen (complexity science en chaos theorie). Door de ‘hyper connectivity’ begint de wereld zelf te functioneren als een levend systeeem (dixit Prigogine) en levende systemen werken anders, ze veranderen ook anders.
    NWO trekt gelukkig inmiddels de kaart van de complexiteit. Nu nog die kaart niet alleen trekken met een positivistisch perspectief maar ook met een interpretivistisch en design perspectief. Dan komen we er wel maar we zijn er voorlopig nog niet helemaal.
    Helaas kan je dit spel niet leren in een labo maar kan je alleen maar experimenteren in de praktijk van elke dag. Laat ons dus vooral blijven experimenteren. Maar laten we dat ook wetenschappelijk aanpakken. Dan kunnen we misschien leren kantelen zonder al te veel kleerscheuren.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *