INTERVIEW Mark Levels: ‘Een gezondheidsapp die eetstoornissen veroorzaakt, dat kan niet de bedoeling zijn’

Mark Levels spreekt vandaag zijn oratie uit ter aanvaarding van het hoogleraarschap aan de Universiteit Maastricht. Vanaf die plek wil hij het samenspel tussen gezondheid, leerprestaties en productiviteit ontwarren. Bijvoorbeeld door de effectiviteit van preventieprogramma’s op scholen te onderzoeken. ‘Gedragsbeïnvloeding bij kinderen, daar moet je, vind ik, heel voorzichtig mee zijn.’

‘Eigenlijk ben je hoogleraar van alles, zei iemand tegen me.’ Gezondheid, Onderwijs en Werk is de titel van de leerstoel die Mark Levels (42) vandaag aan de Universiteit Maastricht aanvaardt als hoogleraar. ‘Tegenwoordig zeggen we tegen jonge onderzoekers: zo snel mogelijk specialiseren. Mijn probleem is dat ik nooit zo goed kon kiezen. Dat werd door anderen als een risico voor mijn loopbaan gezien. Maar misschien werkt het nu juist in mijn voordeel.’

Over de samenhang tussen de drie poten van zijn leerstoel – gezondheid, onderwijs en werk – valt evenwel veel te zeggen. En er valt ook veel voor te zeggen om ze in samenhang te bestuderen, meent Levels. ‘Het zijn drie grote onderzoeksgebieden die zich grotendeels los van elkaar ontwikkelden en al lange tijd een enorme wetenschappelijke aandacht genieten. Sociologen, economen en gezondheidwetenschappers houden zich er op hun eigen manier mee bezig. Maar hoe de drie zaken precies in elkaar grijpen, daar weten we een stuk minder van.’

Menselijk kapitaal

Je moet de juiste vaardigheden hebben om productief te kunnen zijn op de arbeidsmarkt, om aantrekkelijk te zijn voor werkgevers. Je moet daarvoor ook gezond zijn: mentaal en fysiek. Dat is belangrijk als we mensen ook in de toekomst aan het werk willen houden, zegt Levels. Maar vaardigheden en gezondheid hangen met elkaar samen en vallen daardoor niet los van elkaar te zien, is zijn centrale stelling.

‘De mate waarin mensen in staat zijn hun menselijk kapitaal productief te maken, is afhankelijk van hun gezondheid. We weten ook dat mensen met een hogere opleiding gemiddeld gezonder zijn, dus er is ook een omgekeerde relatie. Als er sprake is van zo’n kluwen, dan moet je als onderzoeker proberen de kluwen uit elkaar te halen.’

Dat is een fundamenteel-wetenschappelijke kwestie, benadrukt Levels, maar een ook praktische zaak. ‘Er wordt met allerlei interventieprogramma’s sterk gestuurd op het gezonder maken van kinderen, omdat dat goed zou zijn voor hun gezondheid en hun schoolprestaties.’

Wat moeten we kinderen dan leren?

Een andere onderzoekslijn is die naar de vaardigheden die nodig zijn voor werk in de toekomst. Levels leidt een groot Europees project over tendensen op het gebied van kunstmatige intelligentie en robotisering, waarvoor werkgevers ondervraagd zijn. ‘We moeten zicht krijgen op hoe de arbeidsmarkt eruit gaat zien. Wat moeten we kinderen eigenlijk leren op school?’, zegt Levels. ‘Onder invloed van kunstmatige intelligentie worden nieuwe banen gecreëerd, bestaande banen veranderen.’

Thuis knakworsten, op school gezonde lunch

De school is het domein waar veel van deze programma’s neerdalen. ‘Ouders leren hun kinderen thuis allerlei verschillende dingen aan’, verklaart Levels. ‘Als ouders dan het verkeerde voorbeeld geven, is het idee, met bijvoorbeeld knakworsten als ontbijt, dan kunnen ze op school leren hoe het wél moet, met bijvoorbeeld bosvruchten en noten.’ De aanname is ook dat dingen die je op jonge leeftijd leert van grote invloed zijn op latere keuzes. ‘Als je eenmaal volwassen bent, is het lastig om leefstijlen te veranderen.’

Hoe vanzelfsprekend het allemaal ook lijkt: er schuilen flink wat aannames achter deze programma’s. Over de relatie tussen gezond eten en schoolprestaties dus, maar ook over het maken van individuele, verantwoorde keuzes. ‘Of je die echt kunt beïnvloeden, weten we niet. Nog los van de vraag of je dat moet willen, weten we niet of zulke programma’s werken. Terwijl er veel publiek geld in omgaat en er hoge verwachtingen achter schuilen.’

Perverse effecten van interventies

Soms zullen de interventies niet werken, denkt Levels, soms zullen ze zelfs contra-intuïtieve effecten hebben. ‘Collega Bart Goldsteijn en andere collega’s hier in Maastricht hebben een prachtig onderzoek gedaan naar het verband tussen meer bewegen op school en leerprestaties. Klinkt goed. Maar de onderzoekers vonden een negatief verband.’ Ten dele omdat de tijd voor gym ten koste gaat van rekenles, ten dele vanwege de timing, licht Levels toe. ‘Als je net flink hebt staan springen, dan is het lastig je hoofd bij de sommen te houden.’

Soms zijn de effecten ook ronduit pervers. Levels geeft het voorbeeld van de Amerikaanse voedingsapp Kurbo, bedoeld om obesitas tegen te gaan. ‘Obesitas is een enorm probleem. Maar doordat de app jongeren zo bewust maakte van hun eetgedrag, ontwikkelden sommigen juist eetstoornissen. Dan moet je je achter de oren krabben. Gedragsbeïnvloeding bij kinderen, daar moet je, vind ik, heel voorzichtig mee zijn.’

De samenhang tussen bijvoorbeeld sociaal-economische achtergrond en gezondheid maken het ook heel erg lastig leefstijlen te beïnvloeden. ‘Bijna al de interventies gaan er vanuit dat gedrag de uitkomst is van een persoonlijke keuze.  Zelfs bij kinderen. En daar lijkt mij nogal wat tegen in te brengen.’

Juist omdat we weten dat er heel wat sociaaleconomische en culturele factoren zijn die een belangrijke rol spelen, zegt Levels. ‘Als jij opgroeit met knakworsten als ontbijt, is dat voor jou een prima ontbijt. Voor een kind dat thuis knakworsten krijgt kan het dan ook heftig zijn om op school te horen dat dat niet goed is. Het is een sociologisch inzicht dat sense of beloning erg belangrijk is voor schoolprestaties. Kinderen die zich tussen twee werelden bewegen, hebben het dan ook moeilijker op school.’

Van een programma als De Gezonde School kan iedere schoolleider je vertellen hoe lastig het is dat te implementeren, vertelt Levels. ‘Een gezonde lunch klinkt simpel en prachtig. Maar hoe handhaaf je dat? Een school kan bijvoorbeeld lijsten maken van gezonde en ongezonde dingen. Sommige ouders zullen dat prima vinden. Maar er zullen ook ouders zijn die zeggen: ik bepaal zelf wel wat mijn kinderen eten. En daar krijg je dan gedonder van. Ik heb meegemaakt dat er op een school waar kinderen alleen water mochten drinken door ouders doorzichtige frisdrank werd meegegeven. Moet een juf dat dan gaan proeven? Zo’n scène kan zo in De Luizenmoeder.’

Tussen wensdenken en bescheidenheid

Daarmee is meteen duidelijk gemaakt dat interventies gericht op de gezondheid van kinderen ook een scherpe ethische dimensie hebben. ‘Ik vind gezond paternalisme helemaal niet erg. Ik denk dat het niet gek is om op basis van verstandige aannames te zeggen dat je iets beter wel of niet kunt doen. Als ik ziek ben ga ik ook naar de dokter en volg ik zijn of haar advies.’ We zouden bescheiden moeten zijn, vindt Levels. Ook vanwege de weerbarstige praktijk. Juist op scholen, die al het brandpunt zijn van zo veel maatschappelijke aspiraties.

Onafhankelijkheid

Levels’ leerstoel wordt voor een deel betaald door Sardes, voor het project Alles is Gezondheid vanuit het Nationale Programma Preventie. Met als doel om te achterhalen of het werkt, wanneer en voor wie. ‘En dat vind ik heel verstandig. Waarbij het goed is te zeggen dat ik volledig onafhankelijk ben.’

Discussies over programma’s die zulke ambities moeten verwezenlijken moeten we daarom zeker voeren op basis van de feiten, vindt Levels. ‘Er komt een heleboel wensdenken bij kijken.’ Om beter te snappen wat er gebeurt, zegt hij: ‘Ik wil meer in het mechanisme kruipen. Met een open blik voor perverse effecten, een kritische kijk op onze aannames en bescheiden intenties. En als iets niet werkt, wil ik beleidsmakers duidelijk maken, is dat niet simpel omdat mensen de verkeerde keuze maken.’

Dat is overigens geen persoonlijke mening, benadrukt Levels. ‘Natuurlijk heb ik die, als burger en als vader. Maar die mag mijn onderzoek niet beïnvloeden. Ik moet in de eerste plaats zorgen dat ik een goede wetenschapper ben waarvan collega’s zeggen: Dat heeft Mark goed uitgerekend. Dat alleen verschaft mij de positie om ouders te vertellen dat het misschien niet zo’n goed idee is kinderen brood met koek mee naar school te geven.’

Jurre van den Berg is redacteur van socialevraagstukken.nl