Reformatorischen voelen zich vreemden in hun eigen land

Het conflict met de kerkgangers op Urk en in Krimpen aan de IJssel zat eraan te komen, ziet lector Wim Dekker van de Christelijke Hogeschool Ede. De oproep om niet naar de kerk te gaan staat niet op zichzelf, maar is een stem in het koor van aansporingen om ook op andere terreinen af te zien van de reformatorische leefstijl.

Zondagmiddag keek ik even naar het nieuws. Kerkgangers op Urk en in Krimpen aan de IJssel hebben journalisten bedreigd, geschopt en geslagen, onderweg naar de ingang van hun kerkgebouw. Burgemeesters en politie verklaren direct dat dit niet kan. ‘Iedereen mag vrij naar de kerk gaan en journalisten moeten in eenzelfde vrijheid hun werk doen. Journalisten worden al te vaak bedreigd. Vrije nieuwsgaring is een grondrecht en dat wordt hier ruw geschonden’. Een relletje dat er al even aan zat te komen.

Als lector informele netwerken houd ik mij onder meer bezig met de civil society, het samenleven van burgers. In dat lectoraat hebben wij ook een klein onderzoek lopen naar de positie van reformatorische christenen in die civil society. Dat wij daar onderzoek naar doen, komt vooral door overheden en andere maatschappelijke organisaties en groeperingen. Die geven aan dat zij zich onzeker voelen over de manier waarop reformatorische kerken hun eigen zelfhulpsystemen organiseren.

‘Wij zijn onder de indruk van al die formele en informele zorgsystemen die zij voor zichzelf opzetten. Maar wij kunnen er niet goed bij en reformatorischen komen eigenlijk alleen maar bij ons als ze het zelf niet meer redden. Het lijkt wel alsof zij ons niet vertrouwen. En eerlijk gezegd: wij begrijpen hen ook niet goed. Ze zijn anders.’

Het lectoraat waarin dit onderzoek plaatsvindt is onderdeel van een hogeschool waar zo’n 10 tot 15 procent, mijn schatting, van de studenten verbonden is met kerken en kerkleden zoals die op Urk en in Krimpen. En, laat ik al mijn kaarten maar op tafel leggen, een deel van mijn familie is afgelopen zondag ook naar een reformatorische kerk gegaan en zou zich net als die Urkers in en in gekwetst hebben gevoeld als daar cameramensen geweest waren om hun kerkgang aan het volk te tonen.

Conflict zat eraan te komen

Het conflict zoals dat zondag tot uitbarsting kwam zat er aan te komen. Al langer neemt een deel van de reformatorische kerken afstand van het coronabeleid. Ze zijn niet langer bereid af te zien van de zondagse kerkgang, het wekelijkse heilige ritueel. Sterker nog, zij beleven de oproep om niet naar de kerk te gaan als een ondermijning van de godsdienstvrijheid, een gebrek aan respect voor dat wat heilig is. En zij ontwikkelen daar allerlei rationalisaties bij waarin het gevaar voor verspreiding van corona gerelativeerd wordt.

Maar er is meer aan de hand. De oproep om niet naar de kerk te gaan staat niet op zichzelf. Het is een stem in het koor van aansporingen om ook op andere terreinen af te zien van de reformatorische leefstijl. Woede, hoon en zwaar beschuldigende kwalificaties klonken ditzelfde weekend aan het adres van reformatorische scholen vanwege hun intolerante houding ten opzichte van homoseksuele leerlingen en de ongepaste manier waarop met het vertrouwen van deze leerlingen was omgegaan op een school in Gorinchem.

Direct gevolgd door het dreigement artikel 23 af te schaffen en zo reformatorischen te beroven van hun eigen scholen. En zo is er nog wel een rijtje conflicten tussen refo’s en samenleving op te noemen. Een deel van de reformatorischen heeft principieel moeite met vaccinatie. Ze zien de bui al hangen. Spot en uitsluiting omdat zij niet gevaccineerd zijn worden al gevoeld. Om nog maar niet te spreken van de koopzondagen, de weigerambtenaar of de blikken van ontzetting als je de geboorte van je achtste kind komt aangeven.

Reformatorischen voelen zich vreemdeling in hun eigen land

Reformatorischen voelen zich, om het met de socioloog Arlie Russell Hochschild te zeggen, vreemdelingen in hun eigen land. Uniek zijn ze daar niet in. Dit lot delen ze met boeren, vissers, met hun handen werkende zzp’ers, moslims en niet-westerse Nederlanders. Soms vallen groepen samen, zoals op Urk.

De verbazing en ontzetting van overheden, organisaties en burgers in onze samenleving over het afwijkende gedrag van reformatorischen begrijp ik natuurlijk wel, is soms terecht, maar is ook verrassend. Reformatorischen zijn in de loop der jaren niet heel veel veranderd. Het is veeleer de (neo-liberale) samenleving die snel veranderd is op terreinen van religie, seksualiteit, vrijetijdsbesteding, en beleving van ziekte en gezondheid. De kloof in levensstijl is groter geworden. En, zoals de Nederlandse socioloog Jan Willem Duyvendak in zijn oratie over Een eensgezinde, vooruitstrevende natie (2004) al aangaf, Nederland is er daarbij niet pluriformer op geworden.

Reformatorischen (en niet-westerse inwoners) worden daarom vaak geconfronteerd met een massieve meerderheid van de Nederlandse bevolking van zo’n 80 procent met een tamelijk uniform waarden- en normenpatroon. In de ogen van die massa lezen ze verbijstering, vertedering, soms boosheid, soms respect maar ook morele afwijzing gecombineerd met meer of minder milde spot. Ongetwijfeld wordt dit versterkt door overdracht en tegenoverdracht. Het huidige culturele klimaat van afwijzing, wantrouwen en snel geuite boosheid bij de overheid en tussen groepen burgers in de civil society stookt het vuurtje nog eens verder op.

Godsdienst is niet een mening die je voor je kunt houden, het is een identiteit

Wat hierbij niet helpt is dat godsdienst in de publieke opinie soms wordt opgevat als een visie op het leven, een mening die je voor jezelf kunt houden. Dat is wat naïef. Van schrijvers als Jan Wolkers, Jan Siebelink, Franca Treur en uit tal van onderzoeken uit de culturele antropologie valt te leren dat godsdienst een leefwijze is, een zijnswijze, een identiteit. Wie daaruit stapt heeft heel wat te verwerken. Wie er in zit en blijft, heeft last van het onbegrip van de omgeving.

Die voelt zich thuis in de eigen groep, maar vreest het moment waarop zo’n ‘ongewassen aap’ met een roze microfoon aan een stok op je af stapt als je naar de kerk gaat. Op het meest heilige moment van de week. Je voelt de spot. Je hoort de vloek, als je nors weigert. Je krimpt in elkaar, omdat dat gebeurt op de drempel van het huis van God. En je kijkt naar je acht kinderen. Je ziet de schaamte in hun ogen. Voor hun God, voor hun kleding, voor de wereld. Je wilt ze beschermen en transformeert je eigen schaamte tot woede. Je bent de verachting veel te zat (Psalm 123, Statenvertaling). En je haalt uit.

Om het met de socioloog Robert D. Putnam te zeggen: hechte gemeenschappen beschikken soms over veel sociaal kapitaal. Maar het probleem is het slaan van bruggen naar andere gemeenschappen, al dan niet hecht. Juist op dit punt is er voor de reformatorische minderheid en de neo-liberale massa in onze samenleving werk aan de winkel. Want diversiteit en tolerantie impliceren ongemak. Een brug heeft twee kanten.

Wim Dekker is lector informele netwerken en laatmoderniteit aan de Christelijke Hogeschool Ede.

 

Foto: Youtube - Omroep Powned 

Dit artikel is 15901 keer bekeken.

Reacties op dit artikel (14)

  1. Wonend tussen veel reformatorische mensen kan ik alleen maar zeggen dat het er goed toeven is.
    Nooit overlast, geen grote mond, een nette leefstijl en altijd behulpzaam is deze groep mensen een voorbeeld voor velen.
    Die vernedering en bespotting hoor ik vaak aan en ik verdedig ze altijd.
    Dat een enkele kerkganger nu uit machteloosheid naar die ratten van journalisten uithaalt kan ik goed begrijpen.
    Zoals Petrus zijn zwaard pakte toen ze Jezus gevangen kwamen nemen zo verdedigen deze mannen hun rustige opgang naar het huis van God.
    Jammer dat ze niet van de gelegenheid gebruik hebben gemaakt om aan die journalisten te vragen op welke waarden hun morele kompas gebaseerd is.
    Je kunt een enkele fout maken of invulling geven aan je beroep dat erg laaghartig en treiterig is.
    Ik weet wel wat ik erger vind.

  2. Onderzoek wat men wil. Voor deze gemeenschap die uit de wet en naar de wet van God wil leven heeft de wereld niets in te brengen. Treiteraars en atheïsten zijn er genoeg en wie God verlaat heeft smart op smart te vrezen. Deze mensen de ruggengraat van onze maatschappij keert zich liever af van een steeds goddeloze en wetteloze maatschappij. Logisch, psalm 1 verwoord het al ‘ ga niet nederzitten waar zulke samen rotten die met God en godsdienst spotten ‘ linkse rooie rakkers en communisten, maoïsten van de sp, de doodspartij D66, pvv en de staatsgevaarlijke Baudet doen hen meer en meer zich afzonderen van deze duivelse elementen.

  3. “Reformatorischen voelen zich [ ] vreemdelingen in eigen land”, schrijft W. Dekker. Als WD dat ook zo voelt, en betreurt , is het dan vreemd dat hij o.m. in moslims en in niet-Westerse Nederlanders zijn co-slachtoffers ziet, en niet eerder de oorzaak van zijn chagrin.
    Maar misschien gaat het oude reformerende deuntje nog steeds op: ‘liever Turks dan Paaps’, maar niet zeuren dan.

  4. Het gevoel van culturele vervreemding en onbehagen wordt reeds in het boek van Pim Fortuyn `de Verweesde Samenleving` uit 2002 beschreven.
    Een tijdperk zonder richting, zonder ideologieen, zonder aansprekende ideeen, zonder vaders en moeders, kortom een samenleving van wezen.
    ´Reformatorische mensen´ vormen zo bezien cultureel gezien nog de laatste groep Nederlanders die vechten voor het behoud van hun eigen religieuze en nationale identiteit.
    En dat is tegenwoordig een schande in journalistieke kringen omdat zij zelf een humanistisch en multi cultureel wereldbeeld huldigen.
    De journalisten in Urk en Krimpen aan de IJssel waren daar vooral aanwezig om dat aan te tonen. De officiele aanleiding was echter dat er mogelijke gevaren i.v.m. de Corona verspreiding aanwezig waren. De intentie van de journalisten was echter vals en manipulerend.

  5. Ongetwijfeld maken de Christenen namens / over wie Dekker schrijft, deel uit van de Nederlandse samenleving. Anderzijds baseert zich hun Geloof – meen ik te weten – op de overtuiging dat de mens vreemdeling op aarde is. Vergelijk: (1). commentaar 2 van Schlingmann, (2). Psalm 119: 19 ‘vreemdeling op aarde’.

    Als nu WD cum suis zich ‘vreemden in eigen land voelen’ en daarover klagen, is dat wel de consequentie van hun Geloof. Daarover een beetje lamenteren mag natuurlijk wel – het zijn en blijven onze nationale medeburgers – maar soulaas voor hun grief zoeken bij inpandige ‘moslims en niet-westerse Nederlanders’ is ongepast.

    En blijkt dan zoals Rousseau heeft geschreven: ‘Christenen zijn slechte burgers’. (Uit het hoofd geciteerd).

  6. Waar dit om gaat heeft te maken met een groep Nederlanders die het nog langer vertikt om zich te houden aan maatregelen in verband met corona. Vaak waren het de afgelopen tijd jongeren die stiekem feestjes organiseerden, of te dicht op elkaar gepakte demonstrerende activisten. Afgelopen zondag waren het (reformatorische) kerkgangers. Ja, zoiets wordt steevast in beeld gebracht door journalisten en ja, soms is dat bloedirritant voor de betrokkenen. En net als met de aantekeningen van Ollongren; soms gaat het ethisch gezien over de rand, dat wel! Maar wat nogmaals benadrukt moet worden: het willens en wetens geen rekening meer willen houden met maatregelen i.v.m. een pandemie brengt anderen in gevaar, zo veel is wel duidelijk inmiddels. Een samenleving mag dit veroordelen, lijkt mij, ongeacht de groepering die het betreft. De verontwaardiging die hierover gevoeld wordt door een meerderheid in Nederland plaatsen in het kader van een groep die zich kennelijk al langer in het nauw gedreven voelt, zijn in dit geval krokodillentranen. In plaats van wijzen naar de boze (seculiere) buitenwereld, zou het passender zijn te reflecteren. Kan men meteen alvast eens goed nadenken over die aanstaande vaccinatie.

  7. Oei. In dit artikel worden grote zaken genoemd waarvan ik vind dat ze buiten deze context horen. Wat mij betreft is dit artikel niet verbindend maar juist polariserend. Grondrecht of niet. Begrip of onbegrip.
    De kern van onze situatie is dat we midden in een pandemie zitten. We zitten allemaal in hetzelfde bootje. We hebben allemaal behoefte aan samen komen en mentaal/fysiek/spiritueel enz op te laden. Die 80% van de bevolking wordt ook iets ontnomen..
    Het kan en mag niet zo zijn dat vandaag mensen in parken beboet worden en degene die vrijdag naar de moskee of synagoge of zondag naar de kerk samenkomen niet. Deze groep is niet anders, minder vatbaar voor het virus of ‘uitverkoren’. We zijn allemaal gelijk met dezelfde wensen en behoeften!

    Juist daarom is het van belang om als kerk los te laten, mee te buigen en nog meer kerk zijn buiten de muren om uitdragen.
    Kierkegaard zei: ‘Loslaten betekent tijdelijk het houvast verliezen. Niet loslaten betekent voor altijd het houvast verliezen.’

  8. “Het kan en mag niet zo zijn dat vandaag mensen in parken beboet worden en degene die vrijdag naar de moskee of synagoge of zondag naar de kerk samenkomen niet.”

    https://ap.lc/aTb0n

  9. Als die reformatorischen van zo’n beetje “weerstand” en wat simpele vragen al zo agressief worden vind ik dat moslims zich in vergelijking wel heel erg goed kunnen inhouden. En in de vorige eeuw joden.

  10. Beste Marius van Huygen,

    Het gaat mij niet om wat er in de wet staat en dat gelovigen een uitzonderlijke recht hebben.

    Het gaat mij om het uitdragen van een morele verantwoordelijkheid. Je niet verheven gedragen boven anderen.
    Kun je in, dit geval, christen zijn zonder de kerkelijke gemeenschap? Is je geloof sterk genoeg om te groeien in geloof en je spirituele behoefte te vullen zonder de zondagse kerkgang? Uiteindelijk draait het daar om, denk ik..

  11. Een over bekende analyse, volgepropt met dogma’s van eeuwen geleden vanuit een andere wereld en tijd. De eerste 3 eeuwen heeft men zondags altijd moeten werken, s’avonds na het werken was de bijeenkomst. Als men moe van het werken was verzaakte men die bijeenkomst vaak. Daarom staat er dat men de bijeenkomst (enkelfout) niet mocht verzaken. Constantijn de Grote was een antisemiet en kon het niet uitstaan dat de joden de vrije sabbatdag hadden. Daarom werd hij Christen en gaf de Christenen de vrije zondag, tevens was dat een vergroting van zijn rijk.

    Het huis van God is van stenen, of hout, gebouw meer niet. Het gebouw is niet bepalend of het Gods huis is, maar de mensen die daar aanwezig zijn. Waar 2 of 3 in mijn naam aanwezig zijn daar ben ik aanwezig, dat kan in huisdiensten zijn, hoeft niet met 1000 mensen in een stenen gebouw, tijdens een pandemie. Het gaat niet omdat (goddelijk gebouw), maar de mensen zijn bepalend of God in hun midden is.

  12. Dat het een levensstijl is ben ik het eens met de schrijver. Echter kennen we vele levensstijlen in Nederland. Mogen motorclubs dan ook in het weekend bijeenkomen in hun clubhuis? Dit zelfde geld voor sportverenigingen waarbij de vrijwilligers vaak hun sport en hun vereniging ook een ‘way of living’ beschouwen. En muziek en kunstliefhebbers die in deze periode het idee hebben niet meer ‘gevoed’ te worden met datgene wat zij als essentieel in het leven beschouwen, net als zuurstof en voedsel?

  13. “Het gaat mij om het uitdragen van een morele verantwoordelijkheid.”

    Dit geldt dan ook voor de rest van de samenleving. Gisteren kon je in het Amsterdamse Vondelpark en Westerpark over de feestende mensen massa struikelen.
    Hoe lang kun je een maatschappij nog opsluiten? Die morele verantwoordelijkheid geldt ook voor de overheid. Zo wordt de ‘avondklok’ verlaat naar 10 uur zonder nu te weten wat de effecten ervan zijn.
    De werking van de avondklok als Corona virus bestrijder is minstens dubieus.
    De fundamentele rechten van burger zijn thans verworden tot pionnen van een overheidspolitiek die op steeds minder draagvlak kan rekenen.

  14. Ook uit verschillende reacties blijkt maar weer dat de scribenten hun oordeel al klaar hebben op basis van horen zeggen en niet vanuit serieus onderzoek. Praat eens met mensen die u zo laag neerzet of in een hokje stopt…in de kerken wordt volgens alle voorschriften gehandeld, afstand bewaard enz. En dan nog even natrappen over vaccinaties… jammer en denigrerend.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *