REGEERAKKOORD 2021-2025 Opeens houdt iedereen weer van de overheid

Terwijl de kritiek op de overheid luider klinkt dan ooit, bepleiten de zes meest waarschijnlijke kandidaten voor regeringsdeelname – VVD, CDA, D66, ChristenUnie, GroenLinks en PvdA – in hun programma een grotere rol voor de overheid; misschien wel omdat het geloof of het vertrouwen in de markt nog kleiner is.

De overheid voldoet niet aan de verwachtingen van burgers, aldus de (zelf)analyse van de zes partijen. Ze leggen de oorzaak hiervan bij bezuinigingen, efficiëntiezucht, controledrift en privatiseringen. Zelfs de VVD spreekt over ‘doorgeschoten marktwerking’. Ze zoeken de oplossing in flink investeren, meer aandacht voor uitvoering (Belastingdienst, politie, IND, UWV heten nu ‘uitvoeringsorganisaties’) en publieke diensten weer terug de publieke sector in brengen, met name de zorg, zowel care als cure.

Dit staat in het regeerakkoord 2021-2025

Wat komt er in het aanstaande regeerakkoord? Om dat in kaart te brengen maken we de volgende inschatting. De VVD wordt de grootste partij en heeft met CDA, D66 en ChristenUnie vier jaar goed samengewerkt, ze halen samen weer een meerderheid (77-88 zetels). Om soepel te kunnen regeren, is ook een meerderheid in de Eerste Kamer gewenst en daarvoor komen PvdA en GroenLinks in beeld.

Alle andere partijen vallen om uiteenlopende redenen af. PVV en FvD omdat ze worden uitgesloten door onder andere de VVD, de SP vanwege de inhoudelijke en culturele kloof met de VVD.

Daarmee hebben we zes partijen die in een of andere combinatie de coalitie gaan vormen. Waar zijn deze partijen het over eens? We keken naar de thema’s: overheid, markt en burger; werk; wijken en welzijn; ‘schulden en armoede’; ‘discriminatie en racisme’. Komende dagen publiceren we hier broksgewijs de bevindingen.

De klassieker ‘minder overheid’ ontbreekt

Naast de zorg gaat de meeste aandacht – in woorden – uit naar huisvesting (bouwen!), klimaat (help!) en onderwijs (gelijke kansen). Alle partijen willen hervorming van de arbeidsmarkt (vaste baan) en het toeslagenstelsel, enkele het onderwijsstelsel (D66) of het belastingstelsel (ChristenUnie, GroenLinks).

Uiteraard zijn er veel bezweringsformules als: regels schrappen, maatwerk, verantwoordelijkheid bij professionals, meer zeggenschap (als burger en als werkende). Maar deze keer ontbreekt dus de klassieker ‘minder overheid’. Geld is even geen probleem, zo lijkt het, alle schroom is weg, begrotingsnormen tellen niet. Dat maakt het een stuk makkelijker om voor een grotere overheid te zijn.

‘De overheid als marktmeester

Kritiek op de markt is kritiek op een specifieke versie van het kapitalisme, namelijk de Angelsaksische, die slechts aandacht zou hebben voor de kortetermijnbelangen van de aandeelhouders (‘sprinkhanen’). Zichtbaar in de uitwassen van de financiële sector en vooral de tech-sector waar bedrijven te veel marktmacht hebben veroverd (‘algoritmes’), veel winst opstrijken en geen belasting betalen.

Daartegen is een sterke overheid vereist, om de vrije markt te redden, ten behoeve van eerlijke concurrentie. ‘De overheid als marktmeester’, is de slogan, vooral in EU-verband. Tegenover het gescheld op multinationals, ook van de VVD, zijn er veel liefdesverklaringen voor het midden- en kleinbedrijf (en ‘start-ups’), ook bij PvdA en GroenLinks.

De samenleving naar voren geschoven

Met zorg constateren alle partijen dat de groeiende welvaart van de afgelopen jaren niet is uitgekeerd in hogere lonen en dat tegelijk de belastingdruk op arbeid veel hoger is dan die op kapitaal. Toenemende ongelijkheid is het gevolg; niet alleen de onderkant, ook de middengroepen zijn hiervan de dupe. De wens van correctie is breed gedeeld. De manier waarop verschilt.

Naast de overheid en de markt schuiven CDA en ChristenUnie en iets minder GroenLinks de samenleving naar voren, en dan niet de individuele burger maar zijn of haar verbanden. Lof is er voor wat de klassieke verbanden (verenigingen, het gezin) voor moois creëren, en er zijn grote verwachtingen van nieuwe verbanden die sociale en milieuproblemen gaan helpen oplossen – de coöperatie is hot. Burgerinitiatieven en right to challence-achtige opties krijgen ook steun van D66 en PvdA, en daarmee is er een brede coalitie, al zijn de voorstellen niet erg uitgewerkt.

Jelle van der Meer is journalist. De volledige analyse van de verkiezingsprogramma’s verschijnt in het komende Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken.

 

Foto: Patrick Rasenberg (Flickr Creative Commons)

Dit artikel is 1067 keer bekeken.

Reacties op dit artikel (2)

  1. Wat mij opvalt, is dat de voorbeelden waarmee het anti-marktsentiment wordt uitgedragen vaak nauwelijks met ‘normale’ marktwerking te maken hebben. Er worden moeiteloos veroordeelde criminelen gebruikt als voorbeeld van ‘hoe erg het kapitalisme is’; en dan zijn er al die voorbeelden van totaal dichtgereguleerde quasi-markten zoals de zorgmarkt, waar al het falen net zo goed als bewijs van publiek falen kan gelden als van marktfalen. De ‘aanbesteders’ zijn publieke professionals met een publieke falen.
    Echte markten, zoals de weekmarkt in de stad, werken heel anders. Daar wordt niet de ene kraam belast om de andere te betalen (zoals commerciële zenders de publieke omroep moeten betalen, of niet bekostigde opleidingen meebetalen aan hun bekostigde concurrenten).
    Het echte probleem lijkt me, dat de hele kamer vol zit met mensen die altijd aan de goede kant van de schatkist hebben geleefd. Ze kennen de markt alleen als ‘dat waar mijn docent op af gaf’ (zonder er bij te vertellen dat de markt wel zijn salaris betaalde). We worden geregeerd door mensen die denken dat geld aan een boom groeit.

  2. Het is vooral de politiek zelf die van de overheid houdt omdat ze daar van leven.
    In de praktijk komt er van het besturen van die overheid weinig terecht zie b.v. het toeslagen dossier. De Corona maatregelen vooral op economisch gebied vormen een maatschappelijke noodzaak met een vooral technocratische oplossing die voorbij politiek ideologische standpunten gaat.
    De gevestigde politiek is vooral een grote eenheidsworst die weinig te kiezen overlaat.
    De kiezer mag kiezen tussen Rutte of Rutte.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *