Verbetering Boulevard Zuid hangt op vertrouwen

Rotterdam is dit jaar opnieuw begonnen om Boulevard Zuid in Rotterdam op te knappen en te verbeteren. ‘Hand in hand’ heet de aanpak die 12 miljoen euro gaat kosten en 10 jaar gaat duren. Geld is er, nu het vertrouwen nog.

Ruim dertig jaar geleden was Boulevard Zuid, een 1,2 kilometer lange winkelstraat in Rotterdam, voor het eerst onderwerp van uitgebreid wetenschappelijk onderzoek. Naast kleine criminaliteit als winkeldiefstal en inbraak zagen de toen geïnterviewde winkeliers de verloedering van de buurt en omliggende straten in wijken Bloemhof en Hillesluis als belangrijkste redenen van de achteruitgang van de belangrijkste winkelstraat in Rotterdam Zuid.

Nieuw actieplan voor hoofdpijnlaan

Nog steeds is Boulevard Zuid een hoofdpijndossier voor Rotterdam. Dit ondanks drie actieplannen sinds 2008, ieder met een looptijd van vier jaar, om de veiligheid te verbeteren en de winkelboulevard aantrekkelijker te maken voor het publiek. Het slechte imago van de straat vertaalt zich in een dalende stroom bezoekers, lage omzetten, eenzijdige branchering, leegstand, criminaliteit en overlast. De naam waarmee de straat in de volksmond bekend staat – witwaslaan, hoofdpijnlaan en döner-kebablaan – is meer dan een omineus teken.

Onderdeel van het jongste gemeentelijke actieplan is het aankopen van panden, om die na een opknapbeurt te verhuren aan ondernemers met een goed ondernemingsplan. Ook het straatbeeld wordt ingrijpend veranderd door het verbreden van de rijbanen met meer ruimte voor fietsers.

Het welslagen van het actieplan is sterk afhankelijk van het vertrouwen van de 240 winkeliers in de autoriteiten. Wij hebben onderzocht welke factoren bijdragen aan het vertrouwen van de winkeliers in politie en gemeente en welke verschillen en overeenkomsten er in dit opzicht bestaan tussen winkeliers uit verschillende herkomstgroepen.

Ons onderzoek concentreert zich op winkeliers met een Nederlandse en Turkse achtergrond, de herkomstgroepen die het meest zijn vertegenwoordigd aan Boulevard Zuid.

Vertrouwen

Opmerkelijke uitkomst van ons onderzoek is dat bijna 55 procent van de winkeliers aan Boulevard Zuid meer vertrouwen zegt te hebben in de politie dan in de gemeente. Ruim meer dan helft vertrouwt de politie, maar slechts 44 procent vertrouwt de gemeente.

Eveneens opmerkelijk is dat ondernemers met een Turkse achtergrond significant meer vertrouwen hebben in de gemeente dan Nederlandse ondernemers. Van de laatste groep heeft 38 procent vertrouwen in de gemeente, van de ondernemers met een Turkse achtergrond 68 procent.

Mogelijke verklaring hiervoor is dat ondernemers met een Nederlandse achtergrond gemiddeld twaalf jaar een winkel aan de winkelstraat runnen, winkeliers met een Turkse achtergrond gemiddeld vijf jaar. Oftewel, ondernemers met een Nederlandse achtergrond hebben langer te maken met een beleid dat criminaliteit en overlast niet of nauwelijks weet terug te dringen.

Een andere verklaring is dat personen die in het buitenland zijn geboren vaak hun thuisland als referentiekader gebruiken. In dit geval vergelijken de Turks-Nederlandse winkeliers het optreden van de gemeente Rotterdam met dat van hun land van herkomst – en beoordelen de nieuwe situatie als beter.

Vooral waardering voor politie

Uit ons onderzoek blijkt dat ruim de helft van de winkeliers criminaliteit en overlast als de meest serieuze problemen van de winkelstraat beschouwt. Van de respondenten is circa 42 procent tevreden over de aanpak van de gemeente. Ontevreden is 35 procent, 23 procent is neutraal.

Het relatief lage waarderingscijfer voor de gemeente is terug te voeren tot haar vermeende matige zichtbaarheid. Typerend is dat bijna driekwart van de ondernemers onbekend is met zowel de stadsmarinier als de gebiedsnetwerker. Een ondernemer zegt hierover: ‘Ik weet niet hoe ik ze zou moeten zien, ze dragen (..) geen gemeentekleding.’

Doordat ze onvoldoende zichtbaar is, geeft de gemeente er volgens de winkeliers blijk van niet goed op de hoogte te zijn van de aanhoudende problemen in de winkelstraat en de achtergrond ervan.

Volgens de respondenten is de politie wel goed op de hoogte van wat er leeft in de straat, mede dankzij de wijkagent. Van de respondenten is 53,7 procent tevreden over de prestaties van de politie om de problematiek op de winkelboulevard effectief aan te pakken. Het meest tevreden zijn de winkeliers over het terugdringen van jeugdoverlast, diefstal, winkelinbraak en geweld.

Hier is geen significant verschil te bespeuren tussen ondernemers van Turkse of Nederlandse herkomst.

Noord en zuid ongelijk behandeld

De grootste groep winkeliers is positief over de bejegening door gemeente en politie. Wel komt uit ons onderzoek naar voren dat een aantal van hen zich ongelijk behandeld voelt. De winkeliers aan de Groene Hilledijk – zuidzijde – vinden dat hun meldingen van criminaliteit en overlast minder serieus worden genomen dan die van hun collega’s aan de noordzijde, de Beijerlandselaan.

Dat zou ermee te maken hebben dat de winkels aan de Beijerlandselaan vooral een wijk-overstijgende functie hebben en ruimte bieden aan zowel detailhandel als grote winkelketens, waaronder de Mediamarkt, Dirk, Wibra en Etos en de winkels aan de Groene Hilledijk vooral buurtgericht zijn.

Overigens klagen winkeliers aan beide zijden van Boulevard Zuid over dezelfde problemen die onvoldoende worden aangepakt, met verkeersoverlast als een van de belangrijkste bronnen van ergernis. Opvallend is dat de klachten hierover ook al naar voren kwamen in eerste grootschalige onderzoek naar Boulevard Zuid, ruim dertig jaar geleden.

Ervaren zichtbaarheid, of het gebrek eraan, kan het verschil in vertrouwen in politie en gemeente deels verklaren. De gemeentewerker, stadsmarinier en gebiedsnetwerker zijn minder zichtbaar dan de wijkagent. Een andere verklaring is dat er onder winkeliers weinig kennis is over het takenpakket van de gemeente. Hierdoor schrijven ze positieve veranderingen aan de winkelstraat niet snel toe aan de gemeente.

Vertrouwen is cruciaal

Over de samenhang tussen veiligheidsmaatregelen en effectiviteit van handhaving van criminaliteit en overlast is veel geschreven. Onderzoek naar het vertrouwen van specifieke groepen burgers, zoals winkeliers, in politie en gemeente echter is schaars. Dat is een tekort, want afhankelijk van hun vertrouwen in gemeente en politie geven burgers al dan niet steun aan het gevoerde beleid.

Sterker nog, zonder hun steun kunnen maatregelen om criminaliteit en verloedering aan te pakken niet optimaal worden uitgevoerd. Gebrek aan vertrouwen kan er zelfs toe leiden dat de ondernemers zich van gemeente en politie afkeren en de overheid op negatieve wijze tegemoet treden.

Vertrouwen in zowel gemeente als politie is kortom cruciaal, ook voor het welslagen van het inmiddels vierde actieplan ter verbetering van Boulevard Zuid. Of het vertrouwen van de winkeliers gewonnen kan worden, zal over tien jaar duidelijk worden. Dan is Boulevard Zuid of een bruisende, gemêleerde winkelstraat of een ‘boulevard of broken dreams.’

Marc Schuilenburg doceert aan de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam. Laura Messie & Darnell de Vries waren ten tijde van het onderzoek masterstudente aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Deze bijdrage is een ingekorte en bewerkte versie van hun artikel in het Tijdschrift voor Veiligheid.

 

Foto: komieuitrotterdamdan.nu/Google Streetview