COLUMN Laat je niet door technologie verblinden

Kunstmatige intelligentie, robotica in alle soorten en maten – er gaat geen dag voorbij of we krijgen te horen over technologische hoogstandjes. Soms doet de technologie zich aan ons voor als een onschuldige machine, die zwaar of vervelend werk van ons overneemt of die informatie geeft op een station. Soms is technologie onzichtbaar zoals de chips die het bakje voor het vaatwasmiddel smart maken. Soms krijgen de machines een menselijk aanzien, zoals de robots die als gezelschap zijn bedoeld en met wie je kunt praten. Het is juist die vermenselijking die vragen en angsten oproept die je ten aanzien van machines minder snel zou stellen, zoals 'wie is de baas?' of 'nemen robots de wereld over?'. Visioenen van een ondenkbare toekomst, grimmige toekomstperspectieven van een kille wereld waarin mensen zich door technologie laten drijven.

Elon Musk en Stephen Hawking, niet de eersten de besten, waarschuwen ons dat AI een derde wereldoorlog kan ontketenen. Zelfs de bedachtzame Robbert Dijkgraaf schrijft over de duizelingwekkende vaart waarmee technologische veranderingen zich voltrekken, maar hij stelt zichzelf een andere vraag: 'kunnen wij, mensen, dit wel bijhouden?'. En een instelling als de WRR verdiept zich in de consequenties van de technologische ontwikkelingen, bijvoorbeeld in De robot de baas (2015). Of je wilt of niet, er is geen ontkomen aan, je moet je in technologie verdiepen en erover nadenken. We leven in onzekerheid. Dat is het minste wat we erover kunnen zeggen.

Maar al die aandacht is selectief. Mensen zijn allereerst door de technologische mogelijkheden gefascineerd, nu en in de toekomst. Daarnaast gaat de aandacht uit naar spectaculaire gevolgen van digitalisering, zoals grootschalig banenverlies of massief gebruik van smartphones door tieners. Zulke sociale gevolgen van technologie zijn ingrijpend en omvattend, maar de digitalisering heeft ook consequenties die zich ongemerkt voltrekken, en die niet altijd even zichtbaar en spectaculair zijn. Digitalisering is net als stoomkracht of elektriciteit een General Purpose Technology, die in alle domeinen van de samenleving inzetbaar is en wordt toegepast.

Onder invloed van General Purpose Technology veranderen ook de sociale relaties en daarmee de affecthuishouding van mensen. Veranderingen in werk laten goed zien hoe dat gebeurt. Digitalisering leidt ertoe dat niet alleen de inhoud van het werk verandert, maar ook de hiërarchische relaties en de taakverdeling. Die veranderingen beïnvloeden de eisen die tegenwoordig aan de vermogens van werkenden worden gesteld. Het zijn ontwikkelingen die zich geleidelijk voltrekken: ineens blijkt iemand die niet met een laptop kan werken een achterblijver en een loser te zijn geworden.

Het wordt steeds duidelijker dat de technologische mogelijkheden, de kunstmatige intelligentie en de algoritmen minder reden tot bezorgdheid geven dan de manieren waarop mensen daarvan gebruik maken, en dat ze dat doen binnen verschoven machtsverhoudingen. Veel van de mooie toekomstvisioenen uit het prille begin van het internet zijn wensdromen gebleken, en inmiddels zijn de negatieve kanten van deze uitvindingen in hun volle omvang doorgedrongen. De privacy die op het spel staat, de monopolisering van big data door giganten als Google en Facebook, het misbruik van sociale media. Het gebruik van technologie heeft een eigen dynamiek en kan kanten opgaan die niet alleen niet gepland zijn, niet voorzien en niet bedoeld, maar die ook onwenselijk zijn. Wie daarover iets wil zeggen komt niet bij de technologen terecht, maar bij sociologen en natuurlijk ook bij economen, politicologen, historici.

De drie beheersingsvormen die de socioloog Norbert Elias onderscheidt – de beheersing van de buitenwereld, van intermenselijke samenhangen en van het zelf - blijken nauw met elkaar te zijn verbonden, maar ze ontwikkelen zich niet parallel aan elkaar. De technologische beheersing gaat zo snel, dat de beheersing van sociale en emotionele gevolgen daarbij achterblijft, en die kloof wordt steeds groter. Mensen worden overvallen door tot voor kort onvoorstelbare verschijnselen zoals inmenging in verkiezingen en de verspreiding van nepnieuws.

De technologische ontwikkelingen zijn echter zo opzienbarend, dat er voor de sociale en emotionele kant pas aandacht komt als de sociale gevolgen verontrustend zijn. Maar technologie is geen noodlot. Het is mogelijk om technologische ontwikkelingen te beïnvloeden, en deze zoveel mogelijk af te stemmen op wat sociaal wenselijk is. Daarvoor is het nodig om je niet door de technologie te laten verblinden en beter te kijken naar de sociale gevolgen van digitalisering. Hier ligt naar mijn idee een taak voor de sociale wetenschappen: in het verkleinen van de kloof tussen technologische en sociale beheersing. Dit door de aandacht te vestigen op de maakbaarheid van technologie, in relatie tot de sociale en emotionele gevolgen van technologische ontwikkelingen.

Rineke van Daalen is socioloog aan de Universiteit van Amsterdam en columnist van www.socialevraagstukken.nl.

Foto: Matthew Hurst (Flickr Creative Commons)