Een Big Society zonder bezuinigingsdwang

Dossier

Big Society

Met de Big Society wil de Britse regering dat burgers zelf regie gaan voeren over de publieke sector. Klinkt mooi, maar niet als het een vlag wordt waaronder fors wordt bezuinigd. Bevrijd daarom liever met een nieuwe wet de beroepskrachten van controle- en registratiedwang.

'Mijn vrouw werkte in het ziekenhuis, maar ze is vervangen door een vrijwilliger. Nu hebben we allebei geen inkomen meer. Als dat de Big Society is, laat dan maar zitten', aldus een Britse burger op de website van de BBC. In Groot-Brittannië is een kaalslag in de publieke sector gaande. Openbaar vervoer, bibliotheken, buurthuizen en gezondheidscentra worden uitgekleed of opgeheven. Premier Camerons Big Society zou de publieke sector doen herleven, maar blijkt een ordinaire bezuiniging.

De Big Society is de uitweg uit zes decennia 'oscilleren tussen staatscollectivisme en marktindividualisme' die gemeenschappen, bedrijven en buurten hebben weggedrukt, aldus geestelijk vader van het concept Phillip Blond. De macht moet naar de (georganiseerde, democratische) burgers. De publieke sector naar het publiek. Weg met de steeds intensievere controle vanaf steeds grotere afstand. Die ondermijnt efficiëntie, doordat hij een grote 'verzakingsvraag' creëert: een vraag naar diensten voortkomend uit het falen van die diensten om aan de eerdere, eigenlijke vraag te voldoen. Bijvoorbeeld 'ik snap dit formulier niet' of 'waarom heb ik mijn toelage niet ontvangen?'

Volgens managementgoeroe John Seddon maakt de verzakingsvraag de helft van de vraag aan banken uit en 80 procent van de vraag aan lokale overheden. Focus op kostenreductie door bijvoorbeeld uitbesteding vergroot de verzakingsvraag slechts. Talloze toegewijde frontlijnwerkers raken zo gedemoraliseerd en cynisch.

De echte problemen laten zich niet kennen met een helikopterblik, aldus Blond. Dat vereist gedetailleerd inzicht in implementatie en uitvoering. Dergelijk inzicht hebben alleen frontlijnwerkers en gebruikers. Een efficiënte en bevlogen publieke sector krijg je volgens Blond alleen door frontlijn-leiderschap. Uitvoerende professionals bepalen de koers en stellen deze bij met medezeggenschap van gebruikers en andere nauw betrokkenen. Liefst via mede-eigenaarschap, als beste garantie voor verantwoordelijkheid en betrokkenheid.

Met bezuinigingen heeft de Big Society niets te maken, waarschuwt Blond. Onder invloed van de huidige bezuinigingen verwordt de Big Society tot Thatcherisme II, vindt hij. Met een onevenwichtige economie, groeiende ongelijkheid, en een kleinere, maar even disfunctionerende overheid. Het is een tegenslag voor Blond. Bezuinigingen dreigen het land kapot te maken voordat de Big Society zijn goede werk kan doen. De bibliotheek sluit voordat hij door frontlijnsturing en zelfbestuur gered kan worden. Toch blijft Blond er in geloven.

Stel dat frontlijnsturing inderdaad efficiënter is en bovendien aanzet tot toewijding, creativiteit en flexibiliteit. Dan is radicale verbetering mogelijk zonder de zoveelste energieslopende stelselhervorming. Je hoeft dan alleen frontlijnsturing mogelijk te maken.

Bijvoorbeeld door een Tijdelijke Wet Experimenten Frontlijnsturing. Die groepen professionals de mogelijkheid geeft om, tegen het gemiddelde bedrag dat in die sector per gemiddelde gebruiker wordt uitgegeven, een coöperatie te vormen die naar eigen inzichten hulp, onderwijs, zorg, huisvesting of wat dan ook aanbiedt. (Geen marktwerking: het bedrag staat vast.) Vergelijkbaar met Buurtzorg en Buurtdiensten. Bevrijd van alle controle- en registratiedwang, mits de organisatie de interne democratie tot in de puntjes verzorgd heeft. Volledige zeggenschap van alle beroepskrachten (en, als er winsten worden uitgekeerd, gelijkelijk aan alle beroepskrachten, inclusief schoonmakers, zoals Blond ook bepleit). Plus effectieve medezeggenschap van gebruikers. Elke organisatie die aan deze eisen voldoet, mag alle telefoonboeken met verantwoordingseisen het raam uit gooien.

Maak haast met zo'n wet. Voorkom dat de Big Society ook bij ons een fraaie vlag wordt om de publieke sector te vernietigen.

Dit artikel verscheen eerder in De Volkskrant, op woensdag 24 augustus 2011. Zie ook: www.vk.nl/evelientonkens.

 

Reacties op dit artikel (2)

  1. Evelien eerder ontmoet op een symposium in Rotterdam georganiseerd door Jos Lamee, bestuurder RIAGG Rijnmond, onder de veelzeggende naam “Voor beleidsgetraumatiseerden”.
    Evelien heeft altijd verfrissende én constructief-kritische bijdragen waarvan ik hoop dat ze er nog lang mee zal doorgaan.
    Eén waarschuwing aansluitend bij haar eigen angst die ze verwoordt(“Voorkom dat de Big Society ook bij ons een fraaie vlag wordt om de publieke sector te vernietigen”): dat proces is al gaande, want is een constante strijd tussen wie de macht krijgt (de professional) of wie de macht behoudt (de manager die collaboreert aan de politiek die alom bezuinigt en altijd de macht wil behouden). Tenslotte schrijven zij weer voor dat en hoe die zelfde professionals zich nu móeten gaan gedragen, ‘gevraagd’ of ongevraagd.

  2. In 1983 was ik als vrijwilliger, naast mijn werk als wijkverpleegkundige, initiatiefnemer van een project wat groeide vanuit de inwoners van het dorp. De bedoeling was om zieke dorpsgenoten niet of veel later naar een verpleeghuis te laten gaan. 98% Vrijwilligerswerk + 2% beroepsmatige zorg. Initiatief en verantwoordelijkheid bij de inwoners van het dorp. Geen gemakkelijk proces. Onlangs, na bijna 30 jarig bestaan, door de directeur van het Zorgkantoor betiteld als “zeer vooruitstrevend en hét voorbeeld zoals het zou moeten in de toekomst”. By the way : tientallen jaren door de ‘officiële zorg’ nauwelijks gezien omdat…… het geen ‘erkende status’ had. In al die jaren ongekende en prachtige resultaten geboekt! Jaar in jaar uit.
    Zo mocht ik vaker ideeëndrager en aanjager zijn van een aantal projecten opgezet “vanuit de bevolking”. Steeds viel op, weerstand vooral vanuit de instituties, veel waardering vanuit de samenleving wanneer het project na jaren worstelen uiteindelijk toch tot werkelijkheid was gekomen. Hoe kan dit, waar zit dat in?
    Vanaf 2005 span ik mij in om het ‘(zieken)zorg talent wat in bijna iedereen aanwezig is officieel erkent te krijgen door de overheid door het erkennen van ‘gemeenschapszorg’* als een evenwaardige kracht naast de zelfzorg, mantelzorg en beroepsmatige zorg. Al het goede van de verzorgingsstaat heeft ons als patiënt onder andere het ‘recht op zorg’ gebracht én de ‘zorgplicht’ bij erkende zorgaanbieders (AWBZ en ziektekostenverzekeraar) . In de praktijk betekent dit dat als er al initiatieven op het gebied van (zieken)zorg vanuit de samenleving ontstaan dat die alleen kans van slagen hebben wanneer ze goedgekeurd of onder auspiciën van de professionele organisaties/ beroepskrachten en standaarden gebeuren. Mijn nieuwe visie op (zieken)zorg bestaat er uit dat erkenning van ‘gemeenschapszorg’ een geheel nieuwe ontwikkeling van Samen Zorgen mogelijk maakt. Daarbij kan al het goede van zieken zorg behouden blijven, het versterkt elkaar.
    De theorie van Gemeenschapszorg & Samen Zorgen is ontstaan vanuit de Engelstalige Primary Health Care theorie (Wereld Gezondheidszorg Organisatie).
    Zolang de overheid in wet- en regelgeving het (zieken)zorg talent (nog) geen evenwaardige plaats geeft kunnen projecten toch van de grond komen indien partijen zich bewust worden van het menselijke zorgtalent en zelf ervoor kiezen om dit als uitgangspunt te nemen: ‘erkennen van het zorgtalent’. Naast het ‘durven aangaan van zorg’ zal dan tegelijkertijd op een juiste manier het ‘durven delen’ van zorg in gang gezet moeten worden.
    De Provincie Limburg heeft het Samen Zorgen Buro mogelijk gemaakt om de in de loop der jaren in de praktijk opgedane ervaringen om te zetten in les- en leermateriaal.
    Steeds zoekende bij de bron van ‘ziek zijn en zorgen voor’, was het onlangs voor mij zeer verrassend om te lezen dat Florence Nightingale, moeder van de moderne verpleging, haar ‘Notes on nursing’ niet geschreven heeft voor verpleegkundige of verzorgenden maar voor….. “iedere vrouw of bijna iedere vrouw die vroeg of laat in haar leven de zorg krijgt voor een ziek familielid”. Kennelijk ging Florence ook al uit van het talent wat in velen aanwezig is!
    De verzorgingsstaat heeft het ons enkele decennia lang anders doen geloven maar dit talent heeft de zieke medemens én de samenleving weer heel hard nodig. Het vraagt om een attitude verandering. Van werkelijk Samen Zorgen worden wij allemaal beter. Mijn ervaring leert als het op een juiste manier wordt ingebracht dan is het op kleine schaal (en daar is het nodig) mogelijk.

    * Gemeenschapszorg is het (zieken)zorg talent van ‘gewone mensen’ die leven in de omgeving van de zieke/hulpvragende medemens. Zij worden zich bewust van hun problemen en nemen die ter harte. Daarop nemen ze initiatief en verantwoordelijkheid en blijven die verantwoordelijkheid dragen.
    Gemeenschapszorg maakt werkelijk ‘samen zorgen’ mogelijk. Gemeenschapszorg kan alleen tot ontwikkeling komen door:
    1. Verankering van gemeenschapszorg in wet- en regelgeving:
    langs deze weg verkrijgt gemeenschapszorg een evenwaardige positie ten opzichte van erkende professionele zorg.
    2. Het ‘durven aangaan van zorg’:
    ‘gewone mensen’ worden bewust gemaakt van de bestaande situatie in de gezondheidszorg en worden uitgenodigd om initiatief en verantwoordelijkheid te gaan nemen.
    3. Het ‘durven delen van zorg’:
    professionele organisaties én de professionals gaan fundamenteel zorg met anderen delen.
    4. Maatschappelijk draagvlak voor en ondersteuning van gemeenschapszorg in beleid en uitvoering ervan.

    Gemeenschapszorg wordt inmiddels door de Provincie Limburg erkend als vorm van informele zorg.
    In het rapport “De wijk nemen” adviseert de RMO aan VWS gemeenschapszorg verder te onderzoeken.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *