Jeugdzorg moet op de schop, en snel ook

Wie nauwlettend naar de jeugdzorg kijkt, ziet een praktijk van ‘oorlogspraktijken’, knip- en plakwerkrapportages en systematisch onbenutte kennis aan zijn oog voorbijtrekken. Om de veiligheid van kinderen te garanderen, moet het bestaande systeem vlug en revolutionair anders.

Onlangs week heb ik wakker gelegen van de tv-documentaire 2doc Goede Moeders. Verloskundige Sylvia von Kospoth ontdekt daarin dat veel uithuisplaatsingen van kinderen gebaseerd zijn op slecht gefundeerde rapportages.

Volgens het ‘protocol’ moet zij als verloskundige standaard een zorgmelding bij Veilig Thuis doen als een moeder die al een uit huis geplaatst kind heeft, opnieuw zwanger wordt. We zien en horen de schrijnende verhalen van moeders bij wie de baby al vlak na de geboorte in het ziekenhuis is weggehaald door jeugdzorg. Moeders van wie de oudere kinderen in verschillende pleeggezinnen verblijven en waar ondanks de positieve veranderingen die zij inmiddels hebben doorgemaakt, het wantrouwen van jeugdzorg blijft bestaan.

Ik begrijp oprecht niet dat dit anno 2021 gebeurt

Von Kospoth bijt zich vast in deze zaken en probeert te achterhalen waarom de moeders hun oudere kinderen zijn kwijtgeraakt. Ze valt daarbij van de ene in de andere verbazing. Zo wordt een Afghaans gezin ter observatie opgenomen in een instelling, omdat het huis van deze familie te klein zou zijn. Sylvia leest in het dossier dat de Afghaanse moeder tijdens haar verblijf in de instelling hormooninjecties heeft gekregen om zwangerschap te voorkomen en dat zij en haar man niet bij elkaar mochten slapen. Ze noemt het ‘oorlogspraktijken’.

Na het zien van deze reportage, kon ik die avond maar moeilijk de slaap vatten. De documentaire raakt aan allerlei zaken waarmee ik in de loop van jaren als klinisch forensisch psycholoog te maken heb gehad. Het gebrek aan deugdelijk feitenonderzoek, het afgaan op ‘onderbuikgevoelens’ zoals de twee medewerkers van Veilig Thuis in de tv-productie zonder enige zelfreflectie aangeven, het feit dat rechters in Nederland op basis van vage observaties en interpretaties in de rapporten van jeugdzorg zo’n ingrijpende maatregel als uithuisplaatsing nemen. Ik begrijp oprecht niet dat dit in een ontwikkeld land anno 2021 gebeurt.

Woede over beroerde rapportages

Er is één scene in de documentaire waarin Sylvia haar ongeloof en haar woede over de werkwijze van de jeugdzorg met haar collega-verloskundige deelt (de scene begint op 1.01). Ze vertelt over de standaardzinnen die ze in verschillende rapporten terugziet, het ‘knip- en plakwerk’ dat pijnlijk evident is, als blijkt dat er nog namen van andere moeders in een rapport staan. Ouders worden ‘verstandelijk beperkt’ genoemd, zonder dat intelligentieonderzoek is verricht. De woede die Sylvia hierover uit, die heb ik ook al zo vaak gevoeld.

Een paar weken geleden nog, verrichtte ik met een collega aan de universiteit een onderzoek bij een negenjarig jongetje dat onder toezicht staat van jeugdzorg. Zijn ouders zijn een paar jaar geleden gescheiden. De jongen heeft op een gegeven moment aangegeven niet meer naar zijn vader te willen, omdat zijn vader hem knijpt en slaat.

Ook heeft het kind aan zijn moeder verteld over een incident in de slaapkamer waarbij hij de piemel van zijn vader in zijn mond moest doen en er ‘iets’ uitkwam, hij weet niet wat.

Jeugdzorg geeft in dit dossier aan ‘niet aan waarheidsvinding te doen’, zo staat het letterlijk in de laatste rechterlijke beschikking in deze zaak. De gecertificeerde instelling die de ondertoezichtstelling uitvoert, vindt dat de jongen weer omgang moet hebben met zijn vader, ook al is het kind extreem bang voor hem.

De advocaat van de moeder heeft zich tot de sectie Forensische Psychologie van de Universiteit Maastricht gewend. Daar zijn wij gespecialiseerd in de werking van het geheugen van kinderen en hebben we ervaring met het wetenschappelijk onderbouwde NICHD-interview protocol. Met dit gestructureerde interview is het mogelijk om door open vragen te stellen betrouwbare verklaringen van kinderen te verkrijgen. Het gaat dan om getuigenissen over wat kinderen hebben meegemaakt.

Aanwezige kennis wordt steevast niet benut

Binnen het Nederlandse familierecht en jeugdzorginstanties is nog steeds de dominante ideologie dat ouders ‘er samen moeten uitkomen’ en dat ouders het kind ‘samen’ moeten opvoeden. Dit is een nastrevenswaardig ideaal, maar alléén als het veilig is voor het kind.

Wetenschappelijk onderzoek in binnen- en buitenland heeft inmiddels aangetoond dat een deel van de zogenaamde vechtscheidingen eigenlijk helemaal geen ‘vechtscheidingen’ zijn. Het gaat daarbij wel om een situatie waarin een van de partners – en soms ook de kinderen – jarenlang geterroriseerd worden door de andere ouder, ook toen de relatie nog intact was. Door hier geen gestructureerd feitenonderzoek naar te doen brengt jeugdzorg – en uiteindelijk ook de familierechter die op basis van ondeugdelijke rapportages besluiten neemt – mensen grote schade toe.

Het is voor mij bijzonder navrant dat de wetenschappelijke kennis en de onderzoeksmethoden wel voorhanden zijn, maar dat die in de Nederlandse praktijk niet gebruikt worden. Ik heb in het verleden al vele pogingen ondernomen om dit systeem-falen onder de aandacht te brengen. Zo schreef ik opiniestukken in landelijke dagbladen, zoals: ‘Kindermishandeling, voer die adviezen nou eens uit’ en ‘Gebruik richtlijnen voor omgangszaken.’

In diezelfde periode had ik gesprekken met de toenmalige Tweede Kamerleden Vera Bergkamp, Mona Keijzer en Nine Kooiman. Zij boden een geïnteresseerd en luisterend oor, maar uiteindelijk bleef alles bij het oude. Anno 2021 zijn er nog steeds kinderen die uit huis geplaatst worden terwijl het daar wel veilig is, ‘fout-positieve’ diagnoses en besluiten. Omgekeerd worden kinderen gedwongen tot omgang met een ouder die het kind mishandeld heeft, ‘fout-negatieve’ diagnoses.

Waarom laten we complex werk over aan pas afgestudeerde twintigers?

Waarom hebben Veilig Thuis, de Raad voor de Kinderbescherming en de gecertificeerde instellingen geen kwaliteitsstandaarden waaraan hun onderzoeken en rapportages moeten voldoen? Waarom lukt het in het buitenland wel, en waarom hier niet? Buitenlandse voorbeelden zijn er te over.

In Duitsland mogen onderzoeken in kinderbeschermings- en familierechtszaken alleen verricht worden door specialistisch opgeleide rechts- en forensisch psychologen, experts die de noodzakelijke specialistische kennis hebben. Waarom laten wij dit complexe werk in Nederland over aan pas afgestudeerde twintigers, zoals Von Kospoth zich vertwijfeld afvraagt?

Er is een paradigmashift – een revolutionaire, wetenschappelijk gefundeerde verandering – nodig in het hele jeugdzorgsysteem dat zich bezighoudt met onderzoek naar de veiligheid binnen gezinnen. Dat vraagt om specifieke opleidingen (op hbo- en wo-niveau), kwaliteitsstandaarden waaraan professionals gehouden worden (bijvoorbeeld met behulp van feedback op de werkvloer en bij jaargesprekken) en academisering in de vorm van wetenschappelijke onderzoekevaluaties.

Ook het familierecht moet hervormd worden zodat het oplossingsgericht wordt en gezinnen in crisis helpt in plaats van hun problemen verergert. Aan de Nederlandse familierechters zou ik willen zeggen: lees deze zomer ‘Caring for Families in Court: An Essential Approach to Family Justice’ van de Amerikaanse jurist Barbara Babb en psycholoog Judith Moran. We moeten van elkaar leren op internationaal niveau en niet het wiel opnieuw uitvinden. Het is mijn diepgevoelde wens dat het nieuwe kabinet structureel werk gaat maken van deze paradigmashift en investeert in feitenonderzoek. Ik help er graag aan mee.

Corine de Ruiter is hoogleraar forensische psychologie aan de Universiteit Maastricht. Dit licht bewerkte artikel is eerder verschenen op de website Femke Fataal.

 

Foto: Menard Mickael (Flickr Creative Commons)

Dit artikel is 7989 keer bekeken.

Reacties op dit artikel (10)

  1. Zeker wegens vele klachten over gebrek aan diagnostisch onderzoek en ontbreken aan preventieve, inhoudelijke voorlichting voordat drang- of dwangzorg wordt ingezet, veelal met verwijten aan ouders, moet er snel en inhoudelijk veel veranderen wegens het rapport ook, dat op https://kinderbescherming.jimdofree.com/kritiek-van-deskundigen/onderzoek-met-gevolg/wetenschappelijk-rapport-werkelijkheidsvinding/ staat.
    De doorgang naar onVeilig uiThuis en de jeugdbeschermingsketen is te speculatief in kleuring, en dat blijkt kinderen te schaden in plaats van in ‘ongedefinieerde veiligheid’ te brengen. De codificatie van wetgeving om kinderen in jeugdbescherming te gijzelen is te vaag en interpreteerbaar naar willekeur.
    Uit meerdere wetenschappelijke onderzoeken blijkt nu dat drie op de vier (75%) jeugdzorgkinderen niet de juiste zorg van jeugdzorg/-bescherming krijgt.

  2. Klachten over bureau jeugdzorg/ rvdk is kinderhandel bedrijf. En verdienmodel worden niet aangekomen ook niet van de kinderen zelf die hen aanklagen.
    Deze bureau hebben geen kunde en kennis van kinderen en biologische ouder. Deze bureau die voelen zich groot en heiliger dan de kinderen die zij aan het slopen door zelf bedachte reden omdát het hun eigen onderbuiksgevoel dat zegt. Als je ooit hulp gaat vragen voor je kind dan krijg je als bio ouder een nachtmiries bjz voet voor mij als viktime een grote griezelige bueau die op jonge kinderen roofd.een ziekte die ongeneeslijk misselijk is .Mijn 3 kinderen zijn belast door deze ellendig onzorgvuldig handelen en misbruik maken bemoeienis van privé omstandigheden van burgers die tijdelijk waren. Alles word tegen je gebruikt dus nooit nooit hulp vragen .beter geld betalen zelf bij een onafhankelijke psycholoog gaan .Nooit naar de bascule pgb Amsterdam gaan met je kind is valkuil .punt p. Ook niet.veilig thuis ook niet. Steun van netwerk vrienden maar nooit instanties

  3. helaas is het zo dat jeugdzorg met valse meldingen en aannames vele kinderen uit huis plaatsen achter de rug van ouders krijgen zelfs niet van te voren waarschuwing,.. het is niet goed in de belang voor het kind bij de juiste ouders het kind weg te houden,..
    en die valsheid doen worden niet berecht kunnen gewoon hun gang gaan en ouders en kind uit lachen erom,..

  4. Ik denk en hoor dat er veel jong onervaren mensen zijn die pas afgestuurd zijn die werken in de jeugdzorg. Dit komt denk ik mede doordat veel ervaren medewerkers zoals ik die net niet de juiste papiertje hebben. Vanwege hogere opleidingsniveau eisen en SKJ registratie. Hierdoor raak je heel veel ervaren medewerkers kwijt. Twee mensen die al heel veel betekent hebben voor jongeren in Rotterdam onder de Marokaanse en Antiliaanse gemeenschap willen het jeugdzorg in. Zij hebben zeer veel ervaring, maar geen papiertje. Ik wil hen graag inzetten om de gemeente en anderen te onderwijzen. De conclusie die je trekt in de artikel is volgens mij ren van de redenen dat we kwaliteit kwijtraken. Ook al denk je dat je meer kwaliteit op papier krijgt. De werkelijkheid is heel anders.

  5. Dit is wel een heel somber verhaal over de Jeugdzorg zeg. Twintig jaar geleden hebben we ons door Nieuw Zeeland laten inspireren over hoe op een andere manier samen te werken met familie.

    Een jonge vrouw, 19 jaar, is in het ziekenhuis, op het punt om te bevallen van haar eerste baby. Ze komt uit een loverboy-circuit, heeft nauwelijks contact met haar familie en vroegere vrienden, geen inkomen en geen huisvesting. Genoeg redenen om zeer bezorgd te zijn en er wordt een gezinsvoogd aangesteld die de pasgeborene onmiddellijk na de geboorte uit huis wil plaatsen. Maar hij wil ook de aanstaande moeder een kans geven om samen met familie en bekenden een plan te maken over hoe nu verder? Een zogenaamd Familiegroepsplan.
    ‘Zo ben ik ‘in beeld’ gekomen’, vertelt de Eigen Kracht Conferentie-coördinator.

    Vertrouwen van de gezinsvoogd
    De EKC-coördinator begint haar werk met de jonge moeder, die net bevallen is van een zoon. Ze wordt tijdelijk opgevangen door vrienden van haar ouders. Wanneer de coördinator vraagt “wie het belangrijk vindt dat het goed gaat met jou en de baby? geeft de vrouw in eerste instantie geen antwoord. De coördinator gaat door met vragen stellen en de vrouw noemt een paar namen van mensen die om haar geven. Zij bezoekt deze mensen en stelt hen dezelfde vraag: “wie is er bezorgd om de moeder en haar kind?’ Uiteindelijk komen dertien mensen bij elkaar in een buurtcentrum om een plan te maken. Ook de gezinsvoogd was aanwezig. Hij deelt zijn zorgen, wijst op de sterke punten van de moeder en legt uit aan welke voorwaarden het plan moet voldoen om
    door hem geaccepteerd te worden. Hij maakt zich vooral zorgen over de pooier die nog steeds contact probeert te krijgen met de vrouw: ‘Ik denk dat het belangrijk is dat jullie samen oplossingen vinden die veilig zijn voor moeder
    en zoon. Het feit dat jullie hier allemaal zijn, zelfs na zo’n lange periode zonder
    contact, geeft mij veel vertrouwen”.

    Breken met de “verkeerde vrienden”
    De kring maakt een plan, zonder de gezinsvoogd en EKC-coördinator. Dit plan
    bestaat uit veel afspraken, waaronder de afspraak dat de jonge vrouw
    definitief zal breken met haar “foute” vrienden, haar telefoonnummer zal veranderen, haar studie zal oppakken en op zoek zal gaan naar een eigen woning. Zolang zij geen eigen woning heeft, kan ze bij de vrienden van haar ouders logeren.
    Na zes weken belt de FGC-coördinator een paar mensen uit de kring om te vragen of het plan werkt. En ja, het werkt.
    Een paar maanden na de bijeenkomst belt ze de gezinsvoogd. Moeder en zoon hebben hun eigen huis gevonden. De samenwerking in de kring van familie en vrienden verloopt zo goed, dat de gezinsvoogd van plan is spoedig de voogdij over de baby te beëindigen.

    Elke vrijdag publiceert de Eigen Kracht Centrale een z.g. ‘vrijdag verhaal’ over hoe op een andere samen te werken met familie.

  6. De jeugdzorg maakt deel uit een van een ‘psy’ complex waarbij fundamentele grondrechten met de voeten worden getreden. De beslissing om een kind bij de ouder(s) weg te halen behoort tot de meest ingrijpende maatregelen die overheid kan nemen.
    De huidige instellingen die hierover beslissen en rechters adviseren zijn sterk bureaucratisch georganiseerd en werken met formele procedures waardoor interpretatie van de menselijk nood vaak tekort schiet.
    Het inroepen van hoogopgeleide academisch opgeleiden zal hierbij geen oplossing bieden. Sterker nog zij vergroot eerder het probleem om de autonomie van het ouderschap aan te tasten.
    De slecht uitgevoerde jeugdzorg is vooral een organisatorisch probleem. Bureaucratrische algoritmes vormen dan ook een slechte manier om met urgente menselijke problemen om te gaan.

  7. Geachte mevrouw de Ruiter,

    Zou u een vergelijking kunnen maken tussen de protocollen die in de Jeugdzorg worden gehanteerd en die die binnen het ziekenhuis wezen gebruikelijk zijn. De insteek is daar optimaal kwalitatieve zorg tegen een aanvaardbare prijs. Is dat in de Jeugdzorg niet zo? En als dat niet zo is, geven de BIG registraties dan niet een verdoezelend beeld van de kwaliteit die feitelijk geleverd wordt?

    Ik maak uit uw artikel op dat er geen behandel/rapportage protocollen bestaan. C.q. dat er geen check van de kwaliteit van de zorg plaats vindt op basis van ex post onderzoek. Op basis daarvan verliezen ziekenhuizen het recht op bepaalde behandelingen uit te voeren. Zo ja, hoe komt het dat de Jeugdzorg daarin zo in gebreke blijft?

  8. @ Toine en de anderen,

    Je gebruikt het woord ‘behandelen’ en je verwijst naar de BIG. Voor de jeugdzorg wordt gewerkt met de SKJ-registratie, die weer gebaseerd is op het ‘Beroepscompetentieprofiel Jeugd- en Gezinsprofessional’. Er is over dat profiel alleen door insiders (heel lang) vergaderd, maar die hebben een product opgeleverd wat door geen enkele buitenstaander (ouders, politiek, wetenschap) geaccepteerd had mogen worden. Onze aankomende professionals leren niet ‘behandelen’ (een verboden woord in de meeste opleidingen), maar ‘regie voeren’. Ze leren niet werken in vijandige omgevingen (‘vraag altijd aan de ouders wat zij willen, en zorg dat het kind nooit stopt met school’). Ze leren signaleren en doorverwijzen, maar weten niet hoe je een begin van effectieve hulp biedt. De enige studenten die dat wel kunnen (en die zijn er gelukkig) hebben dat allemaal meer buiten school dan in de opleidingen geleerd. En komen niet zelden flink in aanvaring met hun docenten.
    Het heeft mij verbaasd dat er nooit een rel is uitgebroken over het belangrijkste document in de jeugdzorg (namelijk het basisdocument voor alle opleidingen en de basis voor alle vormen van toezicht) terwijl daar zo duidelijk de wortel van alle ellende ligt.

  9. JBG is een onkundig bedrijf waar binnenkort mijn zoontje de dupe van wordt. Vandaag te horen gekregen dat ze hem uit huis willen plaatsen omdat ze er van uitgaan dat zijn narcistisch vader waarschijnlijk minder psychische schade aan aan zal brengen als hij weet dat zijn kind niet meer bij mij woond. Ze vertelde dat ze geen andere oplossing hebben en zo de schade bij mijn zoon denken te kunnen beperken. Ik ben de verstandigste van de 2 en moet dit snappen. Waar mijn zoontje geplaatst wordt?! Bij zijn autoritaire grootouders die hun eigen zoon zo gestoord groot hebben gebracht en dan ook nog eens 2 straten van zijn vader vandaan. Insteek, dan zal vader minder schade aanbrengen en minder in de strijd blijven denken ze. En moeder . . . Die moet alles los laten, want die heeft een gezond verstand

  10. Jeugdzorg is de zwaarste criminele organisatie in Nederland.
    Die met leugens gezinnen uit elkaar trekt.
    In de rechtbank zijn de zittingen gesloten.
    Als men eerlijk handelt, dan zouden de ouders gewoon getuigen mogen meenemen.
    Al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaald hem wel.
    God zij gedankt voor het programma goede moeders op 7 juli 2021 op de tv.
    Als de koppige vpe mensen nu ook eens naar dat programma gaan kijken.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *