Tijd van vrijblijvendheid in aanpak gezondheidsachterstanden is voorbij

Gezondheidsachterstanden hangen samen met werkloosheid, schulden, een ongezonde leefomgeving en een gebrek aan sociale relaties. Ook de plaats waar je geboren en getogen bent, maakt verschil. De Raad voor Volksgezondheid & Samenleving doet aanbevelingen voor de duurzame aanpak van deze problemen – opdat iedereen een eerlijke kans krijgt op gezond leven.

Donderdag 8 april 2021. In Op1 spreekt Ed Nijpels zijn verbazing uit over de grote gezondheidsverschillen in Nederland. Wat voor de bezoekers van deze site misschien gesneden koek is, blijkt dat niet te zijn voor mensen die mede de koers van ons land bepalen. Hoogste tijd dat dit verandert. Dat vindt niet alleen de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving die daarover onlangs het advies ‘Een eerlijke kans op gezond leven’ uitbracht en er eerder over schreef in het essay ‘Gezondheidsverschillen voorbij’ en in het artikel 'Gezondheidsverschillen zijn symptoom van complexe ongelijkheid' op deze site. Uit de reacties op advies en essay blijkt dat deze oproep op brede steun kan rekenen.

Gezondheid is in Nederland ongelijk verdeeld. De kansen op een gezond leven worden beïnvloed door de plaats waar je wieg stond, waar je woont, welke opleiding je hebt genoten en of je werk hebt of niet. De verschillen zijn groot. Zeven jaar in levensverwachting en vijftien jaar met een gezondheid die je als goed ervaart. Deze verschillen zijn hardnekkig en worden ook al decennialang erkend (WRR, 2018). Echter, de inspanningen van beleidsmakers, professionals, actieve inwoners, onderzoekers en politici leidden tot nu toe niet tot verbetering. Sterker nog, de verschillen worden groter (CBS, 2019).

Stel maatschappelijke oorzaken van gezondheidsachterstanden voorop

Wat de RVS betreft is een andere benadering van gezondheidsverschillen nodig. Om te beginnen is het belangrijk dat we deze verschillen in termen van achterstanden gaan zien. Gezondheidsachterstanden concentreren zich bij bevolkingsgroepen en in regio’s waar verschillende maatschappelijke problemen samen komen en zich opstapelen. Denk aan Zuid-Limburg, de voormalige Veenkoloniën in het oosten van Groningen en aan Drenthe of Rotterdam-Zuid. Dit leidt tot de complexe ongelijkheid die ten grondslag ligt aan de achterstanden ten opzichte van de rest van Nederland.

Als we daadwerkelijk willen dat iedereen in Nederland de kans krijgt om gezond te leven, dan zal er in gemeenten, in regio’s en ook landelijk veel meer aandacht – en ook geld – moeten gaan naar de maatschappelijke oorzaken van deze achterstanden. Voldoende inkomen om van te leven, betaald werk, gelijke kansen in het onderwijs, voldoende en goede huisvesting, schone lucht en buurten die uitnodigen om te bewegen en te ontmoeten.

Niet alleen een zorg voor het ministerie van VWS

In beleidstermen betekent dit een integrale aanpak. Over hoe die er in gemeenten uit moet zien, is inmiddels al aardig wat bekend. Voor lokaal integraal gezondheidsbeleid, ofwel health in all policies, is nodig: een netwerk van organisaties uit verschillende sectoren, een gedeelde visie, betrokkenheid van doelgroepen, handelingsruimte voor professionals, doorzettingsmacht om schotten tussen sectoren weg te halen.

In haar advies stelt de RVS zich de vraag onder welke landelijke voorwaarden deze lokale integrale aanpak kan floreren. We komen met zeven aanbevelingen, waarvan de eerste al hierboven staat. De noodzaak van een integrale aanpak betekent landelijk dat veel meer ministeries dan VWS het terugdringen van gezondheidsachterstanden als hun opdracht gaan zien, zoals Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor werk en inkomen; Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor kansengelijkheid in het onderwijs; en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor voldoende en goede huisvesting.

Trek er veel tijd en voldoende geld voor uit

Vervolgens is het nodig dat de aanpak veel tijd krijgt om tot resultaat te leiden. Ten minste vijftien jaar. Liefst wordt de aanpak onderdeel van het reguliere beleid. De aanpak moet gericht zijn op die gebieden waar de achterstanden het grootst zijn. En er moet voldoende geld zijn om het uit te voeren. Dat kan bijvoorbeeld worden vrijgemaakt door twee procent van de begroting van VWS te besteden aan het terugdringen van gezondheidsachterstanden.

Bij de verantwoording over de besteding van middelen moet er rekening mee worden gehouden dat gezondheidswinst vaak pas op de lange termijn verwacht kan worden. En dat resultaten soms in andere levensdomeinen liggen: bijvoorbeeld meer mensen die kunnen rondkomen van hun inkomen, betere schoolprestaties, meer speelplekjes in de wijk.

Stel een wettelijke plicht voor gemeenten in

Om gemeenten te stimuleren bepleit de RVS een wettelijke plicht om gezondheidsachterstanden terug te dringen. Dit gaat verder dan de verankering van een gezondheidsplicht waar drie zorgverzekeraars in de aanloop naar de verkiezingen voor pleitten (Menzis, 2021). Het vergt wettelijke aanpassingen ook buiten het zorgdomein, zoals in het sociaal domein (Wmo, Participatiewet) en ten behoeve van milieu en ruimtelijke inrichting (Wet milieubeheer, Omgevingswet).

Om gemeenten te helpen deze plicht te vervullen, bepleit de RVS landelijke maatregelen, zoals de invoering van de suikertaks, een verbod op reclame voor ongezonde voeding en de verruiming van de mogelijkheden van gemeenten om het aantal fastfoodketens en snackbars te beperken.

Er wordt al veel gedaan, meer is nodig

Deze aanbevelingen sluiten aan bij een reeds langer bestaande beweging in beleid en praktijk. Denk aan het stimuleringsprogramma GezondIn/GIDS met een aanpak van gezondheidsverschillen in gemeenten, het SER-rapport ‘Zorg voor de Toekomst’ en de landelijke VWS-nota ‘Gezondheid breed op de agenda’. Ook regionaal en lokaal ontstaan er brede programma’s, zoals `Trendbreuk Zuid-Limburg`, ‘Kansen voor de Veenkoloniën’  en ‘Nationaal Programma Rotterdam-Zuid’.

Tijdens de voorbereiding van ons advies hoorden we meer dan eens van onze gesprekspartners: de tijd is rijp. De aandacht voor preventie en de groeiende ongelijkheid in de samenleving in veel partijprogramma’s voor de recente landelijke verkiezingen bevestigen dit beeld. De verbinding tussen ongelijkheid, gezondheid en preventie zoals de RVS die voorstaat, is echter nog lang niet vanzelfsprekend. We hopen van harte dat dit advies eraan bijdraagt dat die verbinding in politiek, beleid en uitvoering voortaan wel steeds gemaakt zal worden. Het is tijd dat er een einde komt aan de vrijblijvendheid van de aanpak van gezondheidsachterstanden. Zodat op termijn iedereen de kans krijgt op een gezond leven.

Aletta Winsemius en Ellen Grootegoed werken als senior-adviseur bij de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving. Erik Dannenberg en Liesbeth Noordegraaf-Eelens zijn als raadsleven van de RVS betrokken bij dit advies. Het RVS advies 'Een eerlijke kans op gezond leven’ is gepresenteerd op 7 april 2021.

 

Foto: FaceMePLS (Flickr Creative Commons)