Vlaamse inspiratie voor democratisch professionalisme

Hoe kunnen sociaal werkers bijdragen aan een sterkere lokale democratie? Wat is daarbij essentieel om te kunnen doen wat mensen écht nodig hebben? Dorien Claessen en Sonja Liefhebber van Movisie spraken met Elke Plovie (Hogeschool UCLL Vlaanderen), over democratisch professionalisme.

Democratisch professionalisme draait volgens Elke Plovie, onderzoeker en docent Sociaal Werk van Hogeschool UCLL Vlaanderen, om een eenvoudige maar fundamentele vraag: van wie zijn publieke vraagstukken eigenlijk? ‘Onderwijs, zorg en welzijn gaan ons allemaal aan. Toch worden beslissingen daarover vaak genomen door organisaties, professionals, sociaal werkers en bestuurders, terwijl de stem van burgers op de achtergrond raakt.’

Workshop Elke Plovie tijdens Agenda van het Sociaal Werk

Elke Plovie verzorgt de workshop Democratisch professionalisme in de praktijk tijdens de Agenda van het Sociaal Werk op 24 september 2026 in Utrecht. Het evenement heeft ‘Sociaal werker aan zet: meer professionele autonomie’ als thema. In de workshop van Plovie krijg je een kader en de ruimte om samen na te denken over hoe je in je dagelijkse werk kunt omgaan met deze democratische uitdagingen. Ze staat stil bij de manier waarop problemen worden gedefinieerd, hoe verschillende vormen van kennis kunnen worden gewaardeerd en hoe je samen het verschil kunt maken. Je kunt je hier aanmelden voor het evenement en de workshops.

Volgens Plovie ligt daar een belangrijke opdracht voor sociaal werkers. ‘Hoe zorg je ervoor dat mensen opnieuw invloed krijgen op kwesties die hun dagelijks leven direct raken?’ Dat begint met nabijheid: ‘Tijd nemen om mensen echt te ontmoeten en hun ervaringen serieus te nemen. Vervolgens gaat het erom burgers niet alleen te laten meepraten, maar ook werkelijk invloed te geven op de agenda, op oplossingen en op de keuzes die worden gemaakt. Sociaal werkers moeten daarom ruimte maken voor ervaringskennis, samen met burgers naar maatschappelijke oorzaken van problemen kijken en waar nodig coalities vormen om verandering mogelijk te maken.’

Gevolgen voor de professionele ruimte

Doen sociaal werkers dit niet al lang? ‘Niet vanzelf’, vindt Plovie. In veel organisaties zijn sociaal werkers steeds meer uitvoerders geworden van regels, protocollen, procedures en kwaliteitscriteria. Door de invloed van marktdenken, efficiency en New Public Management is de aandacht voor controle en beheersing gegroeid.

‘Soms lijkt het alsof sociaal werkers slechts moeten controleren of ze processen en methoden correct uitvoeren’

Dat heeft gevolgen voor de professionele ruimte. ‘Soms lijkt het alsof sociaal werkers alleen nog moeten controleren of ze hun processen en methoden correct uitvoeren. Maar als je mensenrechten, democratie en maatschappelijke ongelijkheid serieus neemt, dan is dat niet genoeg.’

Juist daarom is democratisch professionalisme volgens haar nu urgenter dan ooit. Sociaal werkers hebben een rol in het zichtbaar maken van onrecht en in het versterken van de stem van mensen die vaak niet worden gehoord.

Vier elementen van democratisch professionalisme

Plovie noemt vier belangrijke elementen van democratisch professionalisme voor sociaal werkers.

1. Nabij zijn

Democratisch werken begint met contact met mensen. Tijd nemen voor ontmoeting, luisteren naar ervaringen en achter individuele problemen zoeken naar patronen en maatschappelijke oorzaken. Denk aan een sociaal werker die niet alleen hulpvragen afhandelt, maar ook veel aanwezig is in de buurt, bewoners spreekt en ziet welke problemen zich telkens opnieuw voordoen. Juist door die dagelijkse nabijheid ontstaat zicht op kwesties die anders buiten beeld blijven.

‘Nabijheid is geen luxe, maar een voorwaarde voor het versterken van de democratie door sociaal werkers’

Deze professional onderzoekt samen met bewoners en andere betrokkenen wat er in de buurt ontbreekt, waarom bestaande ontmoetingsplekken niet werken en welke collectieve oplossingen mogelijk zijn. Zo wordt een individuele hulpvraag een gezamenlijke maatschappelijke kwestie.

Organisaties en overheden moeten sociaal werkers voldoende ruimte geven voor nabijheid, onderzoek, coalitievorming en collectieve actie, in plaats van hen uitsluitend af te rekenen op individuele casussen en procedures. Plovie:  ‘Nabijheid is geen luxe, maar een voorwaarde voor het versterken van de democratie door sociaal werkers.’

2. Kennis van inwoners serieus nemen

Democratisch professionalisme betekent volgens Plovie dat professionals in zorg, openbare gezondheidszorg, welzijn en jeugd hun eigen expertise niet centraal stellen, maar ook ruimte maken voor de kennis en ervaringskennis van inwoners. Mensen zijn niet alleen ontvangers van hulp of beleid; zij beschikken zelf over kennis van wat er speelt, welke problemen zij ervaren en welke oplossingen kansrijk zijn.

Een voorbeeld uit Plovies werk rond zorgzame buurten is de vraag naar gastvrije ontmoetingsplekken. In plaats van als professional zelf te bepalen hoe eenzaamheid moet worden aangepakt, bracht zij mensen bijeen die met dezelfde vraag worstelden. Buurtwerkers, vrijwilligers en bewoners onderzochten samen wat er aan de hand was en welke initiatieven wel en niet werkten. Zo ontstonden oplossingen vanuit inwoners uit de praktijk zelf.

Participatietrajecten worden nog te vaak door professionals ontworpen, terwijl bestaande machtsverhoudingen zo intact blijven

Volgens Plovie vraagt dit van professionals dat zij niet direct in de oplossingsstand schieten, maar eerst de tijd nemen om echt te luisteren en vervolgens verschillende kennisbronnen bij elkaar brengen. Hun rol verschuift dan van expert naar verbinder.

Tegelijkertijd kunnen individuele professionals dit niet alleen. Organisaties moeten ook bereid zijn om ervaringskennis daadwerkelijk gewicht te geven. Dat betekent dat bewoners, cliënten en ervaringsdeskundigen niet alleen worden uitgenodigd voor een inspraakavond, maar ook invloed krijgen op de agenda, besluitvorming en uitvoering. Huidige participatietrajecten worden nog te vaak door professionals ontworpen, terwijl bestaande machtsverhoudingen zo intact blijven. Democratisch professionalisme gaat volgens Plovie uiteindelijk ook over macht en positionaliteit: de vraag wie bepaalt wat belangrijk is, wie de agenda zet en wiens kennis als waardevol wordt beschouwd.

3. Problemen zien als collectieve kwesties

Een kernpunt in Plovies visie is dat professionals problemen niet automatisch moeten benaderen als individuele hulpvragen. Achter veel persoonlijke problemen gaan maatschappelijke oorzaken schuil. Democratisch professionalisme vraagt daarom dat professionals steeds de vraag stellen: gaat het hier alleen om één persoon, of zien we hier een breder maatschappelijk vraagstuk? Als je vijf keer dezelfde vraag krijgt, dan moeten er belletjes gaan rinkelen.

Als organisaties professionals uitsluitend afrekenen op het oplossen van individuele problemen, blijven onderliggende oorzaken buiten beeld

Een voorbeeld uit Plovies onderzoek naar zorgzame buurten is eenzaamheid. Professionals kunnen daarop reageren met een individueel hulpverleningsaanbod, zoals een maatjesproject of een activiteit voor één bewoner. Plovie pleit ervoor om eerst te onderzoeken wat er werkelijk speelt. Waarom voelen zoveel mensen zich eenzaam? Ontbreken er ontmoetingsplekken? Zijn voorzieningen verdwenen? Voelen bepaalde groepen zich niet welkom? Door die vragen te stellen, verschuift de aandacht en oplossing van het individu naar de buurt, de instituties en de samenleving.

In haar praktijk bracht zij rond zulke vragen bewoners, vrijwilligers en professionals bij elkaar. Niet om direct oplossingen uit te rollen, maar om gezamenlijk het vraagstuk te analyseren en te onderzoeken wat er nodig is. Zo ontstaat ruimte voor collectieve oplossingen en nieuwe samenwerkingen.

Volgens Plovie is dit ook wat politiserend handelen inhoudt: zichtbaar maken dat veel problemen niet zo zeer voortkomen uit persoonlijke omstandigheden, maar samenhangen met beleid, instituties en machtsverhoudingen.

Plovie ziet hierin een belangrijke uitdaging voor het sociaal werk. Als organisaties professionals uitsluitend afrekenen op het oplossen van individuele problemen, blijven de onderliggende oorzaken buiten beeld. Democratisch professionalisme vraagt juist dat professionals beide doen: mensen ondersteunen én onderzoeken wat er in de samenleving misgaat en moet veranderen.

4. Ruimte claimen

Professionals krijgen de ruimte om democratisch te handelen niet altijd cadeau. Soms moeten zij die zelf organiseren of opeisen. Dat kan door sterke coalities te vormen, vraagstukken te agenderen, maar ook door stille vormen van verzet te plegen tegen systemen die goede zorg of ondersteuning in de weg staan.

Sociaal werkers moeten bondgenoten zoeken, coalities vormen en publieke kwesties gezamenlijk onder de aandacht brengen

Deze handelingsruimte ontstaat niet vanzelf. In veel organisaties overheersen procedures, productie-eisen en verantwoordingssystemen, waardoor er weinig tijd overblijft voor signaleren, samenwerking en beleidsverandering.

Plovie ziet in haar onderzoek verschillende manieren waarop professionals daar toch mee omgaan. Regelmatig vergroten sociaal werkers hun handelingsruimte door binnen de bestaande regels te zoeken naar mogelijkheden om mensen beter te ondersteunen dan het systeem eigenlijk toestaat. Maar zij ziet ook sociaal werkers die expliciet en openlijk onderhandelen met hun organisatie om ruimte te creëren voor collectieve actie.

Ze beschrijft een sociaal werker uit Gent die zag dat veel mensen met een migratieachtergrond tegen dezelfde problemen aanliepen. Zij pleitte binnen haar organisatie voor tijd en mandaat om die signalen samen met andere organisaties te bundelen. Dat leidde tot een coalitie die deze structurele knelpunten gezamenlijk op de lokale politieke agenda zette.

Democratisch professionalisme vraagt volgens Plovie dus niet alleen om nabijheid bij mensen, maar ook om community organizing. Sociaal werkers moeten bondgenoten zoeken, coalities vormen en publieke kwesties gezamenlijk onder de aandacht brengen.

Kansen voor Nederland

Volgens Plovie heeft Vlaanderen de afgelopen jaren een stevige ontwikkeling doorgemaakt rond democratische vakmanschap in sociaal werk. De beweging Sterk Sociaal Werk zette bijvoorbeeld politiseren nadrukkelijk op de agenda en benadrukte dat sociaal werkers niet stil mogen blijven wanneer zij onrecht zien.

Dit leidt ertoe dat sociaal werkers vaker nadenken over vragen als: welke mensenrechten staan onder druk? Welke maatschappelijke patronen veroorzaken problemen? En hoe kunnen we als sociaal werkers samen met burgers verandering organiseren?

‘Sociaal werkers moeten niet alleen hulp bieden, maar ook onderzoeken wat er achter problemen schuilgaat’

Voor Nederland ziet zij vooral kansen in het versterken van die collectieve dimensie van het vak. ‘Sociaal werkers moeten niet alleen hulp bieden, maar ook onderzoeken wat er achter problemen schuilgaat. Welke maatschappelijke factoren werken uitsluiting in de hand? Wie heeft invloed en macht? En hoe kunnen we daar als sociaal werkers samen iets aan veranderen?’

Volgens Plovie vraagt democratisch professionalisme zeker niet om minder professionaliteit, maar om aandacht voor een vaak onderbelicht aspect ervan. Het gaat niet alleen om het ondersteunen van inwoners in de dagelijkse praktijk, maar ook om het nemen van professionele verantwoordelijkheid voor de maatschappelijke vraagstukken die daarachter schuilgaan.

Dat vraagt van sociaal werkers dat zij in de waan van de dag ruimte nemen om te reflecteren met collega’s, samen met inwoners op te trekken en hun professionele autonomie te benutten. Juist in een tijd van groeiende ongelijkheid, afnemend vertrouwen in instituties en toenemende druk op publieke voorzieningen is dat volgens haar een democratische noodzaak én kerntaak van het sociaal werk. De mogelijkheid om daadwerkelijk invulling te geven aan democratisch professionalisme staat of valt echter met de ruimte die professionals krijgen én zelf weten te creëren.

Dorien Claessen is bij Movisie senior onderzoeker/projectleider Professionalisering van sociaal werk. Sonja Liefhebber is bij Movisie kenniswerker Leren en professionaliseren.

 

Foto afkomstig van: Kennisclip Zorgzame Buurten: Politisering (Elke Plovie - SAM vzw) - Departement Zorg (Youtube)

Reacties 2

  1. Een sympathiek pleidooi op papier, maar wie met de poten in de modder van de praktijk staat, herkent direct de vertrouwde valkuil waarin we de werkvloer opnieuw klemzetten.

    ​De roep om ‘democratisch professionalisme’ klinkt nobel namelijk de hulpverlener die gelijkwaardig naast de burger gaat staan en zich ontworstelt aan kille protocollen. Maar in de dagelijkse werkelijkheid sneuvelt deze theorie altijd op dezelfde structurele ontwerpfout want we vragen de individuele professional om in zijn eentje de onoverbrugbare kloof tussen twee volstrekt tegengestelde werelden te dichten.

    ​Aan de bestuurlijke bovenkant draait de systeemwereld: een machine van risicomijding, indicaties, psychologiserende labels en KPI’s. Aan de onderkant staat de fysiologische leefwereld: een mens in acute stress, overprikkeld door schulden, woningnood of trauma. Die burger heeft op dat moment geen behoefte aan een democratische dialoog over methodieken, maar aan fysiologische rust, praktische stabiliteit en een professional die rust uitstraalt. Een spreadsheet of protocol kan immers geen ontregeld zenuwstelsel kalmeren; dat vraagt om menselijke aanwezigheid en co-regulatie.

    ​Wanneer beleidsmakers en wetenschappers professionals oproepen om ‘democratischer’ te handelen zónder het systeem te veranderen, maken ze van die professional het menselijke stootkussen voor een haperend apparaat. De werker moet tegelijkertijd voldoen aan verstikkende audit-eisen én de kwetsbare burger het gevoel geven dat alles draait om menselijk maatwerk. Dat levert geen democratisering op, maar frictie, morele stress en uiteindelijk massale uitval. Je lost een interfacefout in de architectuur niet op met een moreel appèl op de werkvloer.

    ​Hier wringt de schoen want we hebben geen nieuwe participatie-idealen nodig, we hebben een Systeem-Tolk nodig.
    ​Een Systeem-Tolk fungeert als de noodzakelijke interface tussen de systeemtop en de werkvloer. Het haalt de administratieve ruis, verantwoording en juridische kaders aan de poort weg en vertaalt wat er op de vloer gebeurt naar wat het bestuur nodig heeft en dat zónder dat die bureaucratische ballast de hulpverlener verstikt.

    ​Pas wanneer die vertaalslag op de achtergrond geruisloos draait, krijgt de professional weer de ademruimte om daadwerkelijk vakman te zijn: nuchter, praktisch en menselijk.

    De theorie bepaalt immers niet of een werkwijze werkt; de werkelijkheid op de vloer bepaalt of de theorie standhoudt.

  2. Vrijwilligers die initiatieven nemen die zich ergens voor gaan inzetten zitten hier niet mee. Zij beginnen en zien wel waar het schip strandt. Een stichting is zo opgericht.

    Front office van professionals is niet gewenst. Die moeten eerst naar een cursus omdat zij niet durven te falen. Alles moet vanaf moment 1 goed lopen. Stel je voor dat je ter verantwoording wordt geroepen; dan moet je zo’n 25 vinkjes laten zien dat het niet aan jou of de voorbereiding ligt. Laat dat aan de vrijwilligers over.
    Back office van professionals is wel gewenst. Het laten draaien en olie smeren van de radertjes die voor een goede organisatie zorgen.

    In de NRC staat deze week een opinie van Marleen van der Kolk en Peter Kwint over het steunen van jongeren die zijn vast gelopen. ‘Bijstandsjongeren willen heus iets van hun leven maken.

    Geef ze vertrouwen’.

    Vrijwel alles wat ik in het keven heb bereikt is ontstaan vanuit een grondhouding van vertrouwen. Vertrouwen geven is een van de krachtigste evolutionaire menselijke eigenschappen. Dat vertrouwen werkt vrijwel altijd wederkerig, ook zo’n kritische menselijke eigenschap. Wederkerigheid.

    Kom daar de dag van vandaag nog eens mee bij professionals, politici of ambtenaren. Daar is wederkerigheid een verdachte eigenschap. Controle, verantwoording, met de billen bloot is daar het adagium. Natuurlijk is dat belangrijk als het op het beoordelen van resultaten aankomt. Maar laat het daarbij. Verkracht vertrouwen niet door tot op de meest belachelijke details verantwoording af te leggen.
    Dat maakt kwetsbaar voor bedrog, voor des- en misinformatie. Maak daar korte metten mee. Personen die dat doen gaan met ontslag, organisaties die dat doen verliezen alle geldelijke inkomsten. Sluit alles wat de kluit wil belazeren uit. Het schenden van vertrouwen is een doodzonde.

    Moet u eens zien in hoe in zeer korte tijd, tegen lagere kosten doelen met veel enthousiasme bereikt worden.

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *