Loslaten wat we vast willen houden

We hebben een probleem met controle in onze samenleving. We proberen ons leven zo in te richten dat we iedere stap kunnen beheersen. Toch lukt dit maar mondjesmaat. Veel vruchtbaarder is het, meent Thijs Caspers, om de onzekerheid niet uit te sluiten en ons te oefenen er middenin te gaan staan.

Op persoonlijk vlak gaat de controle verscholen onder de mantel van de maakbaarheid. Het idee dat wij de architect zijn van ons eigen leven is in onze samenleving gemeengoed. Maar onder de drang naar maakbaarheid schuilt een houding waarin we ons leven vooral in de greep willen hebben.

Al vanaf onze jongste jaren wordt alles getoetst. We worden zo vertrouwd gemaakt met het idee dat we het leven kunnen sturen en bepalen en deze houding wordt beetje bij beetje geïnternaliseerd: eenmaal volwassen is er weinig aansporing van buiten meer voor nodig om ervoor te zorgen dat we eigenhandig ons carrièrepad voor de komende jaren nauwkeurig uitstippelen.

De weg van autonomie, zelfverwezenlijking en persoonlijk succes heeft een oppervlakkige schijn van vrijheid. Onder het oppervlak is het de beheersing – intern en extern – die voortdurend meeklinkt.

Leven in een wereld die we hebben dichtgeorganiseerd

Op maatschappelijk niveau speelt de controle eveneens een grote rol. Meer dan honderd jaar geleden zag Max Weber – de grondlegger van de brede sociologie – al hoe onze samenleving met rasse schreden veranderde en hoe met de moderne tijd de ‘formele rationaliteit’ een steeds bepalender rol ging spelen.

Deze formele rationaliteit van Weber staat volgens Dick Houtman – socioloog aan de Universiteit van Leuven – voor het ‘systematiseren van de wereld door middel van formele regels, procedures, structuren en systemen om gegeven doelen op een voorspelbare en berekenbare wijze te bereiken’ (De Groene Amsterdammer, 2018). Je hoeft maar even mee te draaien in de Nederlandse samenleving om te ervaren waartoe deze formele rationaliteit geleid heeft. We leven vandaag de dag in een wereld die we hebben dichtgeorganiseerd met talrijke instituties.

De ironie wil dat de vrijheid die we zo associëren met ons moderne bestaan hierdoor eerder kleiner wordt dan groeit: in plaats van dat wij processen beheersen, beheersen zij ons. We zitten vast in een machinerie die zijn weerga niet kent. Dat merk je pas goed als je uit de pas loopt.

We zijn niet toegerust op onzekerheid

Als je in een grijs gebied belandt bij de belastingdienst, de woningbouw of een verzekeringsinstantie bijvoorbeeld. Op die momenten merk je dat je opgesloten zit in processen en procedures die bewegingsvrijheid wegnemen.

Dat frustreert: voor degene die iets wil wat niet precies past binnen de lijntjes, maar ook voor degene achter het spreekwoordelijke loket. De woorden: ‘Sorry meneer, ik begrijp wat u zegt, maar daar ga ik niet over …’ zijn voor beide partijen frustrerend. De met de tijd geleidelijk opgetuigde maatschappelijke structuren maken het zo steeds moeilijker om spontaan goed te doen of om vruchtbaar buiten de lijntjes te kleuren.

Van de ene op de andere dag kunnen wij onszelf niet bevrijden uit deze individuele en collectieve beheersingsdrang. Misschien is dat zelfs wel helemaal niet wenselijk, want geconditioneerd als we zijn, zijn we helemaal niet op toegerust op de overmaat aan onzekerheid die daarmee zou ontstaan. Daarvoor is het eerst noodzakelijk om onze manier van kijken te verbreden en toe te werken naar houdingen waar vanuit we met vertrouwen het onbekende tegemoet kunnen treden.

Eindeloos luisteren en kijken zonder te veroveren eindpunt

Om alternatieve houdingen te voeden zijn aansprekende beelden nodig die breken met onze gangbare manier van kijken. Bijvoorbeeld in het eind jaren zeventig van de vorige eeuw verschenen boek The Living Mountain van de Schotse lerares en schrijfster Nan Shepherd over haar vele zwerftochten door het Schotse gebergte de Cairngorms.

Het gaat Shepherd niet om het bedwingen van de top (waarna de berg doorgaans zijn aantrekkingskracht verliest), maar om het vertoeven tussen de bergen alsof het hele gebergte de top vormt. Meanderend en zwervend rondgaan dus, en eindeloos luisteren en kijken, zonder toe te werken naar een te veroveren eind- of middelpunt. Het gaat om ‘[een] zoekende beweging die op voorhand niet weet waartoe zij leidt of waar ze uitkomt, maar wel degelijk alert is op de verscholen betekenis die zich in de zoekende beweging aandient’ (Caspers, 2018: 122).

Niet planmatig zelf maken, maar afstemmen op wat al aanwezig is

Het landschap waarin Shepherd zich bevindt, geeft zich keer op keer opnieuw te kennen en laat zich nooit volledig doorgronden. Zo schrijft ze dat ze telkens weer terug moet keren naar de Schotse rivier Dee. Al heeft ze het water al eindeloze malen zien stromen, het lukt haar niet om de helderheid ervan in de tussenliggende perioden goed vast te houden. Het maakt dat haar verwondering voor het landschap oneindig is. Steeds weer wordt ze aangetrokken door een betekenis die al aanwezig is, maar te groot is om blijvend vast te houden.

En precies daarmee opent Shepherd wezenlijk een ander perspectief: het gaat er niet om onze levens planmatig zelf te maken en in de greep proberen te houden, maar om ons meanderend af te stemmen op een betekenis die al aanwezig is, maar waar we in de drukte en hectiek van alledag vaak overheen kijken.

Rondzwerven zonder bang te zijn

Om daadwerkelijk vrijheid te hervinden is het dringend noodzakelijk om ons palet aan grondhoudingen te verbreden. Naast lineair en doelgericht te handelen is het wezenlijk om weer te leren rondzwerven zonder bang te zijn.

Zienswijzen als die van Shepherd helpen ons uit de groef te komen van de controle en andere kijk- en handelswijzen te ontwikkelen. Bovenal leren ze om met vertrouwen het onbekende tegemoet te treden en ons te verwonderen. Een fijn tegenwicht in een tijd waarin de controle haast altijd het laatste woord heeft.

Thijs Caspers is theoloog. Hij is zelfstandig schrijver, spreker, begeleider en adviseur. Op 8 april 2019 geeft hij een lezing bij Radboud Reflects naar aanleiding van zijn boek ‘Thuis zijn in het onbekende’ (2018). 

Foto: Richard Schneider (Flickr Creative Commons)