Aardgas: is het echt onaanvaardbaar dat burgers risico lopen omwille van het algemeen belang?

Veiligheid was een ondergeschoven kind in het aardgasbeleid, aldus de Onderzoekraad voor Veiligheid vorig jaar. Maar dreigen we nu niet naar de andere kant door te slaan? Tips voor een afgewogen beleid.

Wie de stellingnames in politiek en media, vooral de NOS, volgt, weet het zeker: Groningen is en wordt veel onrecht aangedaan. De aardgaswinning levert onacceptabele veiligheidsrisico’s op waaraan de bewoners van deze noordelijke provincie niet mogen worden blootgesteld.

Overschatten we de onveiligheid van gaswinning nu niet een beetje?

De kern van deze redenering is ook zichtbaar in het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Een illustratief citaat uit dat rapport luidt: ‘Risico’s voor inwoners werden niet onderkend: de bij gaswinning betrokken partijen beschouwden het met name als schaderisico dat vergoed kon worden, het veiligheidsrisico achtten zij verwaarloosbaar. In de besluitvorming stond het belang van winning op de eerste plaats: een maximale opbrengst, optimaal gebruik van de Nederlandse bodemschatten en continuïteit in de gasvoorziening.’

Volgens deze redenering, die past binnen de ‘voorzorgscultuur’, is er sprake van ‘fout’ beleid omdat er achteraf verwijtbaar te weinig aandacht voor veiligheid is geweest. De kern van de gevolgde denktrant is dat achteraf bezien alle ongevallen zijn te voorkomen en dat een ongeval het bewijs is van falende risicobeheersing.

Maar, terugblikkend kunnen we weliswaar constateren dat we in het verleden ten onrechte hebben verondersteld dat de kans op ‘gevaarlijke’ aardbevingen nihil zou zijn, maar wat zegt dat over de mogelijkheid dat aardbevingen met een veiligheidsrisico zich in de toekomst daadwerkelijk voordoen? Tot nu toe is dat namelijk nog niet gebeurd in Groningen. Met andere woorden, hoe kunnen we ervoor zorgen dat we de onveiligheid nu niet net zo overschatten als de onveiligheid voorheen?

De pro’s en contra’s van gaswinning opnieuw op een rijtje gezet

Laten we aannemen dat we nu opnieuw konden beslissen over de gaswinning in Groningen, en dat we daarbij niet gehinderd worden door nationale en internationale leveringscontracten of door de huidige ingewikkelde relaties tussen de overheden, de Nederlandse Aardolie Maatschappij en de bevolking. Wat zou dan een redelijke beslissing zijn als de veiligheid wél vanaf het begin wordt meegewogen? Het gaat bij zo’n nieuwe beslissing om het afwegen van de positieve kans op meer veiligheid door gaswinning tegen de negatieve kans van meer onveiligheid door de gaswinning.

Positief is dat er voor miljarden euro’s per jaar aan de schoonste fossiele brandstof kan worden gewonnen. Dat levert meer milieuveiligheid op. Ook de winning zelf levert veiligheid op. Het biedt duizenden mensen een baan en die leven daardoor jaren langer dan zonder werk. Geen werk is geen inkomen en dat kan je zomaar vier jaar van je leven kosten, en zelfs nog meer gezonde levensjaren. Ten slotte kan de Nederlandse staat de winst gebruiken om veiligheid op andere terreinen te kopen zoals bijvoorbeeld de zorg. Daar wordt de grens gelegd bij 80 duizend euro per gewonnen gezond levensjaar dus voor 1 miljard euro koop je 11 duizend gezonde levensjaren per jaar.

Negatief is de kans op schade en letsel door aardbevingen en verzakkingen. Uitgaande van de huidige inzichten gaat het bij een aardbeving van 5 schaal op de schaal van Richter om mogelijk enkele doden en tientallen gewonden door het instorten van oudere, veelal on-verstevigde bouwwerken. Aangenomen dat er elk jaar een zware aardbeving plaatsvindt, dan hebben we het per jaar over een verlies van maximaal honderd levensjaren en enkele honderden miljoenen euro’s aan gebouwen en infrastructuur, wat is dan een redelijke beslissing?

De Onderzoeksraad voor Veiligheid doet de rijksoverheid geen concrete aanbevelingen voor beleid, Tweede Kamerleden zeggen, ‘of the record’ natuurlijk, dat ze de moeilijke beslissingen aan de minister overlaten en de media hebben alleen aandacht voor de mensen met schade en psychisch letsel, maar niet voor de ingewikkelde afwegingen die de beleidsmakers moeten maken.

Betrek burger meer bij het beleid

De cruciale vraag is of het onaanvaardbaar is dat de overheid burgers in een risicovolle situatie brengt omwille van het algemeen belang. Als dat zo is, dan moeten ook Schiphol en de Rotterdamse Haven op slot. Is er een andere optie? Als we opnieuw zouden mogen beginnen wel. Dan zou de overheid om te beginnen volkomen transparant moeten zijn over de te maken afwegingen. En vervolgens dient ze een serieus debat te voeren met de lokale gemeenschappen - gemeentes - waarin goede schaderegelingen een plaats hebben en een compensatieregeling op gemeenschapsniveau.

Uit allerhande onderzoek blijkt telkenmale dat de N(ot) I(n) M(y) B(ack) Y(ard)-burger wanneer hij in de positie van bestuurder wordt geplaatst heel goed begrijpt wat het algemeen belang vergt. En dat hij liever compensatie op gemeenschapsniveau wil dan dat hij wordt ‘omgekocht’ door individuele compensatie boven het niveau van redelijke schade. Bij de plaatsing van windmolens, maar ook bij Schiphol is dat beleid al gebruikelijk. In het buitenland is het heel gewoon om enkele procenten van de opbrengst te reserveren voor compensatie van schade in de directe omgeving én om de getroffen gemeenschappen zelf over de besteding van de gelden te laten beslissen.

In Brabant moet de boer die een megastal wil bouwen met de gemeenschap in dialoog treden. Pas als beide partijen tot een overeenkomst zijn gekomen, is de overheid bereid om de aanvraag tot vergunning te honoreren. Met een beetje goede wil bedoelde de onderzoeksraad dit allemaal met haar opmerking: ‘Ook de communicatie met inwoners dient verbeterd te worden, waarin de omgang met onzekerheid en transparantie over afwegingen en besluitvorming een plek moeten krijgen.’

Ira Helsloot is hoogleraar Besturen van Veiligheid aan de Radboud Universiteit en was lid van de Commissie Meijdam die de minister van Economische Zaken adviseerde over de te hanteren veiligheidsnormen bij de aardgaswinning. De opinies uit dit artikel zijn geheel voor eigen rekening van de auteur.

Foto: Marten van Dijl/Milieudefensie (Flickr Creative Commons)

Reacties op dit artikel (2)

  1. Ira Helsloot woont duidelijk niet in het aardbevingsgebied.
    Dat blijkt wel uit haar arrogante kamergeleerden labbelbabbel over slechts enkele doden en tientallen gewonden per jaar. Zolang de staat en de NAM maar kunnen graaien zal het haar worst zijn. Duidelijk een broodadviseur, wiens brood men eet, diens woord men spreekt.

  2. Inderdaad weerzinwekkend om zo over doden te spreken als gevolg van gaswinning, dat gaat ook over mij trouwens. Compensatie regelingen op gemeenschapsniveau is oké, als maar eerst ruimhartig de bewoners wordt teruggegeven wat van ze afgenomen is, hun veiligheid, hun eigen vermogen die is verdampt in de waardevermindering van de ernstig beschadigde huizen, van overwaarde naar hypotheken onder water en natuurlijk scheuren dichten, snel en zonder gezeur, inclusief de voor het algemeen belang gesloopte historische erfgoed. Ik vind niks in dit stukje over hoe de Groningse bodemschatten, hier de Nederlandse bodemschatten, laten we zeggen het algemeen belang dienend, worden verkwanseld aan een commercieel bedrijf de NAM die het algemeen belang helemaal niet dient, maar wel een aanzienlijk deel van het gas krijgt evenals de regie.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *