Gemeenten moeten meer inzetten op netwerken tegen nieuwe armoede

Er is een snel groeiende groep ‘nieuwe armen’ in Nederland. Dat vraagt om een aanpak waar gemeenten maar zeer beperkt wat aan kunnen doen. Volgens de Nijmeegse VVD-fractievoorzitter Hayke Veldman is het de kunst om mensen te helpen hun eigen netwerk aan te boren.

De groep mensen die van een minimuminkomen leeft verandert. Naast de ‘traditionele’ groep van mensen zonder werk, die moeilijk meekomt, met een veelvoud aan problemen, ontstaat er een nieuwe groep. Een groep met mensen die een fantastische tijd achter de rug hebben, maar nu te maken krijgen met flinke inkomensdalingen. Het gaat om tweeverdieners waarvan één (of zelfs twee) zijn of haar baan verliest en waarbij op dit moment de waarde van het koophuis lager is dan ze ervoor hebben betaald. Het gaat om zzp’ers met minder opdrachten en dalende uurtarieven en het gaat om werkenden met kleine baantjes.

Nieuwe werkwijze

De ondersteuning die gemeenten tot nu toe bieden sluit aan op de ‘traditionele’ groep. De nieuwe groep zal anders benaderd moeten worden. Mensen die tot voor kort volledig zonder gemeente, zonder welzijnswerk of hulpverlening functioneerden passen niet binnen de traditionele aanpak van een gemeente en door de gemeente gesubsidieerde organisaties. Waar bij de ‘traditionele’ doelgroep vaak met zachte hand gewerkt wordt zodat het broze lijntje niet breekt, zal de nieuwe groep veel sneller willen en kunnen, veel meer actie aankunnen en ook nodig hebben. De snelheid van handelen zal omhoog moeten, de benadering zal anders moeten, de instrumenten zullen veranderen. Kortom, er is een cultuuromslag nodig bij instanties als het UWV, gemeenten en door gemeenten gesubsidieerde hulpverlening.

Wat is er nodig?

De nieuwe groep werkzoekenden is veelal hoogopgeleid, heeft zelf een netwerk en heeft geen baat bij traditionele gemeentelijke ondersteuning. In tegenstelling tot langdurig werklozen hebben ‘tot-voor-kort-tweeverdieners’ veel meer de beschikking over een netwerk. De kunst is dit netwerk niet alleen te hebben, maar ook maximaal te gaan gebruiken. Eigen en andere netwerken aan elkaar zien te verbinden zodat er maximaal rendement uit gehaald kan worden. Zeker voor zzp’ers kan het de nieuwe rol voor de gemeente zijn in het ondersteunen van het verbreden van het netwerk, in het aan elkaar koppelen van werelden/netwerken.

Ook daar waar het financieel al misgelopen is moet de handelingssnelheid van gemeenten omhoog. We weten dat mensen vaak te lang wachten met het zoeken en vragen om hulp. Gemeenten hebben hun rol in de schuldhulpverlening. Grote en/of problematische schulden zijn vaak een belemmering in het weer stappen kunnen zetten. Gemeenten kunnen nog meer en betere afspraken maken met betrokken instanties om breder dan nu het geval is informatie te verspreiden, om onderlinge samenwerking tussen betrokken organisaties te verbeteren waardoor er vroegtijdig signalen gedeeld worden. Daarnaast hebben gemeenten zelf een verantwoordelijkheid in het voorkomen van wachtlijsten bij de schuldhulpverlening zelf. In Nijmegen liep de wachttijd in 2012 op tot zeven weken. Dat is te lang.

Lokale overheid heeft beperkte invloed op financiën zelf

Centraal uitgangspunt in ons stelsel van sociale zekerheid is dat de rijksoverheid de verantwoordelijkheid heeft voor het algemeen inkomensbeleid. Hiervoor heeft het rijk een groot aantal inkomensafhankelijke maatregelen getroffen op het gebied van onderwijs, kinderopvang, huisvesting en zorg. De rijksoverheid wil hiermee voorkomen dat het algemene inkomensbeleid door het gemeentelijk inkomensondersteuningsbeleid wordt doorkruist. Hoe graag sommigen misschien ook willen, gemeenten kunnen dus niet zo maar een blik maatregelen open trekken en dat is maar goed ook.

Gemeenten mogen alleen inkomensondersteuning bieden aan individuele personen als die geconfronteerd worden met noodzakelijke kosten die zij niet vanuit hun eigen middelen kunnen voldoen. Is dit dan een oplossing voor de groep mensen met ‘huizen die onder water staan’? Nee, ook gerichte inkomensondersteuning per individu kan hierin geen instrument zijn voor gemeenten. Het knelpunt bij deze mensen ligt immers niet per se bij de inkomensdaling, maar bij het op onderdelen niet direct kunnen aanpassen van het uitgavenpatroon. De hypotheeklast loopt immers door, het huis kan niet snel verkocht worden. Oplossing van dit probleem ligt in contacten en afspraken met hypotheekverstrekkers. Die zouden een aangepaste of opgeschorte aflossing kunnen aanbieden. Gemeenten kunnen geen hypotheeklasten overnemen of aflossen, laat staan op individueel niveau afspraken gaan maken met banken. Stimulering van versoepeling van bestaande afspraken en/of aanpassing van structuren op de hypotheekmarkt kan niet anders dan op rijksniveau geregeld worden.

Snelheid en creativiteit

Kortom: gemeenten moeten niet in de valkuil vallen van extra financiële regelingen, fondsen of categoriale verstrekkingen. Het moet vooral gaan om de creativiteit, het leveren van maatwerk en de handelingssnelheid bij gemeenten en andere betrokken organisaties. Verminderen van bureaucratische rompslomp, het aansluiting zoeken bij de vraag van de nieuwe doelgroep in plaats van het aanbieden van standaard producten. Datgene gaan doen wat gevraagd wordt. Snel, gericht en creatief, los van bestaande structuren.

Hayke Veldman is fractievoorzitter VVD Nijmegen.