Coronamaatregelen vergroten kans op eenzaamheid migrantenouderen

Nog geen week na de eerste coronamaatregelen ontstonden er spontane acties om eenzame ouderen een hart onder de riem te steken. Er is echter weinig oog voor de behoeften en wensen van migrantenouderen, zeggen Tineke Fokkema en Nina Conkova.

In zijn toespraak op 20 maart sprak Koning Willem-Alexander de ouderen en iedereen die hen wil steunen de volgende bemoedigende woorden toe: ‘Het coronavirus kunnen wij niet stoppen, het eenzaamheidsvirus wel.’ Sindsdien zijn talloze lokale en landelijke initiatieven ontstaan, zoals een oproep aan kinderen om tekeningen voor ouderen te maken, boodschappen te doen voor een oudere buurtgenoot, zingen voor de deuren van een verpleeghuis, een boodschappenuurtje voor ouderen en het opzetten van een ‘Luisterlijn’ in samenwerking met omroep Max.

Hoewel goed bedoeld en hartverwarmend, is het de vraag of ouderen zich door deze initiatieven minder eenzaam voelen, vooral als het coronavirus langer aanhoudt. Persoonlijk contact met familierelaties en vrienden zijn amper vervangbaar door onbekenden die iets liefs willen doen of een luisterend oor willen bieden via de telefoon.

Weinig aandacht voor migrantenouderen

De groep ouderen met een migratieachtergrond komt er bij alle aandacht bekaaid van af. Dat is verontrustend, aangezien velen van hen tot de meest kwetsbare ouderen behoren. Zo hebben Marokkaanse en Turkse migrantenouderen een minder goede gezondheid en een lage sociaaleconomisch status, ervaren ze minder regie over hun leven en zijn ze vaak de Nederlandse taal niet machtig. Allemaal risicofactoren voor eenzaamheid. Ook voor de coronacrisis waren zij al eenzamer dan ouderen zonder migratieachtergrond.

Tot nu toe zijn er een handjevol initiatieven voor migrantenouderen. Zo verspreiden Pharos, het Rode Kruis en Aman Artsen voorlichtingsmateriaal over het coronavirus en bijhorende maatregelen en adviezen in het Turks, Arabisch, Tamzight (Berbers), Tigrinya en Engels. DENK Rotterdam, Pharos en ANBO openden een telefoonlijn voor eenzame ouderen die een praatje willen maken in het Engels, Turks, Arabisch en Bosnisch.

Vanwege de specifieke woon- en leefsituatie van migrantenouderen is te verwachten dat de gevolgen van het coronavirus en de genomen maatregelen anders uitpakken dan voor ouderen die in Nederland zijn geboren.

Het pakt anders uit voor migrantenouderen

Ten eerste is het besmettingsgevaar voor migrantenouderen waarschijnlijk groter. Een groot deel van de migrantenouderen woont in relatief kleine woningen in de grotere steden en veelal met meerdere personen, hetgeen de kans vergroot om in aanraking te komen met het coronavirus. Vanwege de taalbarrière is bovendien de kans groot dat ze niet alle of de juiste voorlichting ontvangen rondom corona, waardoor zij zich niet houden aan de maatregelen en aanwijzingen. De gevolgen van besmetting met het coronavirus kunnen ernstiger zijn omdat migrantenouderen een slechtere gezondheid hebben en de formele zorg voor hen minder toegankelijk is.

Ten tweede zal de leefwereld van veel migrantenouderen zich vooral beperken tot het eigen huis. De twee belangrijkste ontmoetingsplekken voor moslimouderen – de moskee (mannen) en dagbesteding (vrouwen) – zijn gesloten. Ook steeds meer markten in de grotere steden zijn voorlopig dicht. Dit kan leiden tot meer gevoelens van eenzaamheid.

Ten derde zijn migrantenouderen zeer familiegericht. Zij onderhouden frequent contact met de kinderen en kleinkinderen. Normaliter komen dezen regelmatig op bezoek, in de weekenden is het hele gezin bijeen. Of de meest recente maatregelen voor thuis – maximaal drie personen op bezoek en minimaal 1,5 meter afstand tot elkaar houden – leiden tot tijdelijk meer eenzaamheid, is moeilijk in te schatten.

Ten vierde staan migrantenouderen vaak met één been in Nederland en met het andere been in het land van herkomst. Bezorgdheid om de gezondheid van anderen door het coronavirus reikt verder dan degenen die letterlijk dicht naast hen staan. Plannen om voor een aantal weken of maanden naar het land van herkomst te gaan, zijn voorlopig in de koelkast gezet. En het is nog maar zeer de vraag of de migrantenouderen er later dit jaar wel heen kunnen of willen gaan.

Tot slot, voor veel islamitische ouderen speelt religie een prominente rol in hun leven. Ramadan, de belangrijkste maand voor moslims - waarin samenzijn centraal staat - zal dit jaar anders van karakter zijn. Zo is het bijvoorbeeld niet mogelijk om gezamenlijk te bidden in de moskee en de iftar – de maaltijd die tijdens de ramadan direct na zonsondergang wordt genuttigd - en het Suikerfeest aan het einde van de ramadan zullen slechts in zeer afgeslankte vorm plaatsvinden.

Overigens kan religie ook houvast en kracht geven, het leert mensen te accepteren dat er omstandigheden zijn waar ze nu eenmaal geen invloed op hebben.

Weinig alternatief voor persoonlijk contact

Eenzaamheidsinterventies voor migrantenouderen waren voor de uitbraak van het coronavirus vrijwel geheel gericht op het activeren van persoonlijk contact, anders dan die met familieleden. Digitale vormen van contact bieden nauwelijks een alternatief voor persoonlijk contact, vooral omdat migrantenouderen niet of nauwelijks digitaal vaardig zijn.

Er is niet direct een oplossing voorhanden om het gevaar van een verdere vereenzaming van migrantenouderen te voorkomen. Daarvoor moet goed in kaart worden gebracht hoe migrantenouderen de coronacrisis ervaren en wat ze nodig hebben, pas dan kunnen we, samen met hen, initiatieven opzetten die – en dat is een eerste vereiste – goed bij hun belevingswereld aansluiten.

Tineke Fokkema is senior onderzoeker bij het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut en bijzonder hoogleraar ‘Ageing, Families and Migration’ aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, Nina Conkova is senior onderzoeker bij de Leyden Academy on Ageing and Vitality.

 

Foto: Bryon Lippincott (Flickr Creative Commons)